WILCO’S ODE TO JOY

wilco

Ik heb de beluistering van Wilco’s Ode to Joy tot zaterdagavond uitgesteld. Het is een plechtig, bijna sacraal moment geworden. Agnes en ik hebben zwijgend zitten luisteren in het bijna-donker. Geen teksten gelezen; dat gaat niet in het donker, zeker niet met zulke kleine lettertjes. Er wel flarden van gehoord, flarden vreugde, melancholie. Staten verenigd in eenzaamheid, verdriet, uitzichtloosheid, maar ook altijd de droom van samen in die grote ruimte aanwezig te zijn, de droom van die bijna eeuwige ruimte als mensen te delen.

Ode to Joy zo beluisteren was een overrompelende ervaring. Bij de laatste song van de plaat, An Empty Corner, zat ik te huilen. Waarom precies dan pas weet ik niet. Mogelijk waren het tranen die zich bij de vorige liedjes al hadden gevormd en nu pas vrij konden worden gelaten. Tranen niet alleen van verdriet want ik zag dat het kleine parels waren, kleine odes aan de vreugde – die altijd tot de mogelijkheden van het leven behoort. Voor me zag ik een Amerikaans landschap, kleine stadjes, eenzame Amerikaanse mensen, door hun vertegenwoordigers in de steek gelaten. Maar niet volkomen berustend, hun blikken in de richting van de horizon, de heuvels, de hogere bergen, de zon die altijd weer opkomt. You’ve got family out there…

WILCO EN DE NIEUWE POLITIEKE CULTUUR

wilco,bart de wever,walging,politiek,vlamingen,schat,liefde,jean-luc godard,anna karina,frank vandenbroucke,nationalisme,democratie,pop,live,haat,godard,alphaville,troost,muziek,concert

Zou zo’n kerel als Bart De Wever, vervloekt zij zijn naam, nooit eens een keer kijken naar een film als ‘Alphaville’ van Jean-Luc Godard? Om bijvoorbeeld te weten te komen wat liefde is. Anna Karina zou het hem zeggen… ‘Dichter, dichter’, zegt de liefde. ‘Verder, verder’, zegt de haat. Het zou al volstaan als hij alleen maar naar dat fragment hier beneden zou kijken. Een fragment van een ‘discours amoureux’. Geen gezeur aan mijn hoofd, zeg ik maar. Maanden lang is die vent nu al bezig ons land te gijzelen. Een niemendal als hij. Wie heeft eigenlijk voor Bart De Wever gestemd? Hij betekent niets, en toch krijgt hij zoveel aandacht, zelfs van mij nu. Frank Vandenbroucke heeft gelijk: De Wever maakt van Vlaanderen een karikatuur, hij zorgt ervoor dat Vlamingen een verschrikkelijk imago krijgen, in Brussel, in Wallonië en in het buitenland. Ik schaam mij er nu al voor om in winkels hier in Brussel nog Nederlands te spreken. De mensen denken wellicht al dat wij Nederlandstaligen allemaal een soort Bart De Wevers zijn, kleinzielige nationalisten, separatisten en antisemieten. Het is walgelijk. Intelligente mensen als Verhofstadt, Vandenbroucke, Dewael (van wie ik onlangs een uitstekend opiniestuk las, in De Standaard, of was het De Morgen?) moeten die man tegenhouden, hij hoort niet thuis in een democratie. Stuur hem terug naar zijn dorp! En Olivier Maingain hoort evenmin thuis in deze democratie, maar dat zijn mijn zaken niet, ik ben geen Franstalige, daar moeten de Franstalige democraten zich mee bezighouden.‘Verder, verder’, zegt de haat. Verwijder je. Ga weg. Ik luister niet naar je. Zwijg. Ga uit het licht, je staat in de weg.

En dan was er Wilco. De absolute troost van muziek. De volledige overgave. De ontploffing van het verlangen. Ik schrijf korte zinnetjes omdat ik buiten adem ben en geen geduld heb. (Op dit ogenblik wordt valse geschiedenis geschreven.) Wilco, alleen maar vergelijkbaar met het allerbeste. Als the Beatles nog zouden bestaan en ze zouden live spelen, zouden ze met dezelfde intensiteit, schoonheid, gewelddadige liefde en muzikale perfectie spelen als Wilco gisteren in het Koninklijk Circus. Ik hoorde gisteravond de hele geschiedenis van de rock & roll, maar niet in flarden, niet ironisch, niet post-modern, maar in een bezielde synthese. Het eerste lied, ‘Sunken Treasure’, bevatte een intentieverklaring:

“Music is my savior, and I was maimed by rock and roll.
I was maimed by rock and roll.
I was tamed by rock and roll.
I got my name from rock and roll.”

En daar werd niet meer op teruggekomen. Twee uur later werd met enkele verwijzingen naar the Kinks en vooral the Who een punt gezet achter een concert dat, denk ik, bij iedereen die erbij was in de ziel zit opgeborgen als een unieke schat. Voor de details, lees de recensies. En nu ga ik opnieuw wat walgen van de nieuwe politieke cultuur.