OVER DUNNE EN DIKKE BOEKEN

rimbaud-self-portrait.jpg

Rainer Maria Rilke is een van de moeilijkste dichters die ik heb gelezen. Je moet zowat de hele wereldliteratuur (en zeker Nietzsche) kennen om hem goed te kunnen begrijpen. Maar je kunt hem even goed als een onschuldige benaderen en zo – als de sterren goed staan – tot zijn kern doordringen. Is dat moeilijk of gebeurt het maar zelden? Misschien wel, maar het loont de moeite. Bovendien is het een moeite die eigenlijk geen moeite kost. Het vergt een open geest, een open hart. Van Morrison zingt erover in ‘Heart Is Open’, een wonderlijk lied op een wonderlijke plaat, ‘Common One’, verschenen in het ellendige jaar 1980. I believe I go walking in the woods.

Dunne boeken, zoals ‘Die Sonette an Orpheus’ of ‘Une saison en enfer’, kunnen je jaren kosten. Niet dat het verloren tijd is. Bijna elk woord kan een schatkamer zijn, of een sarcofaag met alleen tot jou gerichte inscripties aan de binnenkant. Dunne boeken, kort als het leven.

Maar het leven duurt soms ook lang. De dagen laten zich dan graag vullen met meeslepende verhalen, die je vaak aantreft in dikke boeken. Bijvoorbeeld in ‘Middlemarch’ van George Eliot (altijd weer moet ik opzoeken hoe je ‘Eliot’ spelt), ‘Misdaad en straf’ van Dostojewski of ‘Le rouge et le noir’ van Stendhal.

Of het leven nu kort is of lang – en zelfs als de duur je koud laat: het komt er in elk geval op aan het kaf te scheiden van het koren. In welk jaar een boek werd geschreven speelt daarbij geen rol. Het gaat om de gedachten die er in worden uitgedrukt, om de stijl, de oorspronkelijkheid, het inzicht, de schoonheid, de troost. Geen enkel boek dat je iets verrassends of inspirerends meedeelt is werkelijk moeilijk.

Waarom deze notities? Omdat ik morgen op reis vertrek en nog moet beslissen welke boeken ik mee zal nemen. Ik zal veel tijd hebben om te wandelen en te lezen. Een heerlijk vooruitzicht, na al die lange dagen van ziekte en donkere lucht.

rilke2.jpg

BLIJDE VERWACHTING

wieneraktion

De wereld is geen lachertje. Ik hoop dat je hart niet altijd gebroken blijft. Als ik niet meer van je houd. Of net wel. Een gebroken hart is een country song, maar is ook een werk van Mark Rothko, van sommige dronkaards die nog willen schilderen, schrijven, zingen. Johnny Cash, Arshile Gorky, Virginia Woolf. Een gebroken hart is een mooi hart omdat het bloedt, in zichzelf, zonder hechting aan een grond, een volk, een dom ideaal. Een gebroken hart is gebroken als porselein, als een 78-toerenplaat, in een hoog oplopende ruzie, je denkt meteen aan Arletty (wier kut internationaal was, zoals zij zelf verklaarde), uit liefde, uit woede.

Voor het vertrek naar een gedoemde, verdoemde stad, of naar om het even welke andere stad drink je jezelf lazarus. Ja Larry, zo is het nu eenmaal. De spanning van het al te bekende en onbekende, het altijd nieuwe onderdrukken – of al de lust voelen van het ontdekken of herontdekken. Dronken zoals Edgar Allen Poe nooit geworden is. De man werd zat van twee glazen wijn. Jij hebt wel wat meer nodig. Wine, women and whisky, zingt de blueszanger, Papa Lightfoot, uit Natchez. Zo erg is het met mij niet gesteld. Ik zou zeggen, life, love and moving my arms and legs (and the smaller stuff I’m made of). Maar ik ben geen blueszanger en ik ken de troubles niet die zij hebben gezien en gevoeld. Of hun ouders, grootouders, familie. Ik heb het goed gehad, heb het goed. Mijn leven is niet iets om over te klagen. Ik zou het wel kunnen, natuurlijk. Maar ik houd me even in. Ik ben nu tevreden, heb wat muziek beluisterd, Levon Helm vooral, Emmylou Harris, heb wat gelezen in Zizek, heb lekkere wijn uit Portugal gedronken bij een eenvoudige maaltijd, die mijn lieve vrouw had bereid, ondanks de hitte in de keuken, en het vele werk bij het pakken van de koffers.

Ik ben een luiaard. Ik doe niets. Ja, ik zorg er wel voor dat we kunnen reizen, ik reserveer vluchten, hotels, maak prints, zoek allerlei dingen op, controleer of we niets vergeten (bijvoorbeeld een kurkentrekker), check of we onze identiteitskaarten hebben en al de andere noodzakelijke stuff. Ik pak mijn koffer in, wik en weeg, schrijf nog iets naar de vrienden, zet foto’s op flickr, je weet maar nooit, bekijk facebook, want daar zijn veel vrienden – en ga zo maar door. Maar mijn vrouw doet al de rest. En de rest is een heel lelijk woord voor wat zij doet.

Straks zijn we in Wenen. Een verjaardagsgeschenk voor A. Het is een stad waar we van houden. Eergisteren liep ik mijn oude vriend Max Borka tegen het lijf. Naar Wenen, riep hij uit. Fantastisch! Niets dan kunst, niets dan musea! En je kunt er lekker eten! Hij gaf me mondeling enkele adressen, die ik meteen vergat. En op het einde van de maand geef ik een feest en jullie moeten zeker komen, zei hij.

Veel mensen denken dat Wenen kitsch is, Mozartpralines, etc., maar dat is niet zo. Niet alleen omdat Max het zegt, maar omdat ik er zelf nog niet zo lang geleden geweest ben. De kunst en de schoonheid zijn er nog altijd even levendig aanwezig als in het begin van de 20ste eeuw. Nu moet de politiek nog volgen. Dan hoeven de inwoners van Wenen zich niet langer te schamen voor hun ‘leiders’ – en daarin lijken wij op elkaar. Want schamen wij, Belgen, ons niet voor onze kortzichtige ‘leiders’? Natuurlijk wel. Wij willen zelfs geen leiders. Wij willen alles zelf doen. Frieten eten zoals we ze echt willen, vergif en al, en koterijen bouwen. Voor ons bestaat de toekomst niet. Wij leven er maar op los. Niemand zal ons daar voor straffen.

kunst,wenen,gebroken hart,country,heartbreak hotel,kut,arletty,nick cave,drinken,blues,papa lightfoot,levon helm,emmylou harris,gospel,papieren,werken,liefde,max,max borka,kitsch,politiek,verandering

Illustraties: Hermann Nitsch: Aktion am 3.3.1964 en Nicholas Roeg, Bad Timing (met Theresa Russell en Art Garfunkel)

CARPE DIEM i

janebirkin3

Morgen reizen we voor de derde keer naar Umbrië. Op mijn verjaardag, de laatste die ik nog echt wil vieren, ben ik in Spoleto, een kleine, lieflijke stad, die me dierbaar is. Het zal er regenen, en kouder zijn dan hier, maar dat maakt niet uit. Het leven is er intenser; de natuur, die de stad lijkt te omhelzen, werkt dat in de hand. In die omgeving wil ik best wel ouder worden, come rain or shine. Ik zal over de Romeinse brug lopen, die Goethe in zijn ‘Italiaanse reis’ vol bewondering beschrijft, en aan de overkant waar kruiden en wilde bloemen groeien een heidens gebed bedenken. ’s Avonds wordt er goed gegeten, truffel is de specialiteit van de streek, en de wijn uit Montefalco lest bijzonder goed de dorst. Ja, na alle voorbije ellende, kijk ik er naar uit, zoals alle mensen die op reis gaan of vakantie nemen.

Meestal ben ik ziek alvorens ik op reis vertrek, maar nu niet. Nu is mijn zoon ziek en ligt hij in een hospitaal, met een onduidelijke aandoening. Maar het gaat beter met hem, bloedanalyses wijzen op niets kwaadaardigs, en hij eet weer. We houden contact en als zijn toestand toch zou verergeren ben ik vanuit Rome snel in Parijs. Maar zijn toestand zal niet verergeren, daar vertrouw ik op.

Het zal de eerste keer in mijn leven zijn dat ik niet ga stemmen. Maar lig ik er wakker van? Nee, niet echt. Ik lig van andere dingen wakker, onnoemelijke dingen, maar niet meer van de spektakelpolitiek. Politici willen ons almaar vrijheid verkopen, en andere leuke dingen, maar we weten heel goed dat we niet vrij zijn. Zelfs vogels zijn niet vrij, zong Bob Dylan al toen hij nog heel jong was. De enige vrijheid is de dood. Dat is geen pessimistische gedachte, integendeel: we zijn niet vrij, maar wel verantwoordelijk voor onze daden. Daarom zou ik, ondanks mijn wantrouwen en vaak zelfs afkeer van het politieke circus, zeker gaan stemmen. Mijn keuze was al gemaakt: ik zou voor de groenen stemmen, wellicht voor Ecolo hier in Brussel, of anders voor Groen!: het is het minste kwaad. Zij hebben een project voor de toekomst. De financiële belangen, die bij de andere partijen zo’n grote rol spelen, en het fascisme van de zwarte partijen zullen dat project natuurlijk proberen te dwarsbomen – maar we mogen niet berusten in hun donkere macht. Elke burger in dit land moet zich verzetten tegen het wilde kapitalisme, het ‘empire’, dat blind en boosaardig vernietigt wat mooi en kwetsbaar is. Er is niet veel verschil meer tussen de traditionele en de extreemrechtse partijen: zij hanteren stuk voor stuk een nationalistisch discours. ‘Eigen volk eerst’ is de onuitgesproken slogan geworden van bijna elke politicus die graag op televisie komt. Overigens blijven de media dit oprukkend nationalisme in de hand werken. Bijvoorbeeld in hun bewieroken van extreme nationalisten als Bart De Wever, de “intelligentste en meest geliefde politicus” van Vlaanderen. Ik geloof dat iemand als Bart De Wever nog schadelijker is voor dit land en voor onze toekomst dan om het even welke Vlaams Belang-politicus. Als je die mannen al politici mag noemen, demagogisch en demonisch als ze zijn.

Ik zou vooral voor de groenen stemmen, Nederlands- of Franstalig, omdat zij de solidariteit tussen alle bevolkingsgroepen belangrijk blijven vinden, en omdat zij begaan zijn met de toekomst van onze kleine planeet. Ik ben in een bepaald opzicht een voorstander van het Carpe Diem, maar niet tegen elke prijs. Doch ik ga niet stemmen, ik onttrek me aan mijn verantwoordelijkheid, ik ga de dagen plukken. De eerste keer in mijn leven.

Mogelijk bereik ik meer met deze tekst dan met het uitbrengen van alleen maar een eenzame stem? Hoochiekoochie is toch ongelooflijk populair! Ik heb over de hele wereld verspreid duizenden trouwe lezers! Laat me dat als troost, of excuus. En over veertien dagen ben ik terug om de mogelijke schade onder ogen te zien. De schade die extremisten mogelijk aan mijn dierbaar België hebben aangericht. Geniet alvast van de mooie, lange dagen! En vergeet eros niet, Dionysos, de liefde, het verlangen, de lust, de genoegens van de zomer. Carpe Diem!

Ω

Afbeelding: Jane Birkin plukt de dag. 

 

HET LEVEN EENVOUDIG

reizen,warm,portugal,eenvoudig,afscheid,verhalen,vliegtuigen,ellende,lezers,lissabon,bussen,zuiden,donovan,exotica,taag,tavira,treienen

Een korte nacht slapen of wakker liggen en ik zit weer in een vliegtuig naar Portugal. Alsof een mysterieuze macht me naar dat land lokt. Ik kan nog heel moeilijk ergens anders naartoe, Nashville, Chicago, Londen, Sri Lanka, Kenya, Ierland, Shangai – alles wat nu in de mode is lijkt me zelf ook aantrekkelijk. Als je maar weg bent uit je dagelijks bestaan, die verdomde ellende. Maar die en andere exotische oorden en geliefde steden kunnen mij niet meer bekoren. Het moet Portugal zijn, Porto, Lissabon, de Taag, en dieper naar het Zuiden, waar het warmer is en het leven eenvoudig.

Ik neem gaarne afscheid van mijn lezers omdat ik over veertien dagen een beetje een nieuwe mens zal zijn, met nieuwe verhalen. Dat weet ik, zelfs als ik de verhalen voorlopig misschien niet zal vertellen. Ik heb mijn tijd nodig. Maar altijd is er dat elegische gevoel: de dingen blijven, wij niet. Daarom moet ik mijn tijd ook weer niet te lang rekken. Ik heb wat tijd nodig, maar wachten tot het te laat is, nee! Op dit ogenblik hoor ik na jaren ‘Colours’ van Donovan, hoe mooi dat is, een juist moment om afscheid te nemen. “That’s the time I love the best.”

Tot zestien november.

ICH BIN EIN BERLINER

DSC_0574

Naar Berlijn maar weer eens. Mooi vooruitzicht. Ik ben gespannen zoals ik altijd gespannen ben voor een reis, zelfs een korte. Berlijn, een van mijn drie uitverkoren steden. Als ik er een week geweest ben kan ik weer een poos zonder musea. Het is bovendien een rustige stad, met veel vriendelijke mensen en een bijna perfect openbaar vervoer.

Ik kan niet veel zeggen. Alleen dat ik behalve gespannen ook blij ben, vervuld van grote verwachtingen. De overige woorden laat ik rusten tot over een week, als ik terug ben en het vat van mijn verbeelding weer wat gevuld is.

De taxi is in aantocht.

Ik wens iedereen een prettige vakantie. Tot gauw.

Ω

Foto: Martin Pulaski

WEER EEN VERTREK

Schelde

Dit is de Schelde bij Weert, mooie streek, mooie herinneringen. Maar de onrust jaagt me naar andere streken, andere steden. Morgen omstreeks deze tijd ben ik in Triëst. Over twee weken ben ik terug. Als voorlopig afscheid haal ik deze woorden aan van Roger McGuinn:

Flow river flow
Let your waters wash down
Take me from this road
To some other town

All he wanted
Was to be free
And that’s the way
It turned out to be
Flow river flow
Let your waters wash down
Take me from this road
To some other town

Flow river flow
Past the shaded tree
Go river, go
Go to the sea
Flow to the sea

The river flows
It flows to the sea
Wherever that river goes
That’s where I want to be
Flow river flow
Let your waters wash down
Take me from this road
To some other town

Roger McGuinn schreef deze tekst samen met Bob Dylan voor de film Easy Rider. De song is terug te vinden op de soundtrack van de film en in een versie van The Byrds op The Ballad Of Easy Rider.

Ciao!

Foto: Martin Pulaski.

NAAR BERLIJN

Dag vrienden, trouwe lezers, toevallige bezoekers. Ik ben er een week tussenuit, weg naar Berlijn, een stad waar ik een groot gedeelte van mijn hart verloren heb. Ik zal er logeren in de buurt van de Oranienburgerstrasse, vlakbij de prachtig gerenoveerde synagoge. Het is een aangename buurt, met veel grote cafés en niet te dure restaurants. Er is een supermarkt in de buurt waar ik bronwater en als het nodig is bananen zal kunnen kopen. Ik heb geen programma, ik zal me laten leiden door het toeval. Veel wandelen in de heerlijke straten vol vreselijke geschiedenis, musea bezoeken, shoppen in de boekwinkels, wellicht enkele cd’s kopen. We zien wel. Volgende zaterdag ben ik terug en breng ik misschien verslag uit. Maar voor van die toeristische praatjes waar de magazines vol mee staan, ben je bij mij aan het verkeerde adres.

Ik ga alleen naar Berlijn. Dat ik nu afscheid moet nemen van mijn geliefde valt me moeilijk. Elk afscheid is een kwelling. Maar dit is het moeilijkste. Ik heb deze reis echter zelf gekozen, dan moet ik nu maar sterk genoeg zijn ook. Kom jongen, we zijn weg.