ZERO DE CONDUITE: CHANGE IS NOW

the times they are a changing

Zéro de conduite is een sfeervol, (meestal) thematisch programma gewijd aan pop/cultuur op Radio Centraal in Antwerpen. Elke eerste zaterdag van de maand, van 6 tot 8 uur ’s avonds. Een muzikaal evenement van ongeëvenaarde kwaliteit! Stem af op Radio Centraal 106.7 FM: uniek in het zich steeds verder uitdijende universum.
Je kunt Zéro via
 streaming beluisteren. Hier vind je meer informatie over Radio Centraal en andere radiomakers.

Vanavond draaien we verandering, change. De keuze voor dit thema maakte ik op maandag 15 oktober, toen ik het gevoel had in een ander, een beter Brussel ontwaakt te zijn. De Brusselaars hadden voor verandering, voor een nieuwe adem, voor groen en rood gestemd. Bijna geen spoor meer van rechtse en al helemaal niet van extreemrechtse partijen. De partijen die haat zaaien en leven op angst komen bij ons niet van de grond, in tegenstelling tot in Vlaanderen en in de ons omringende landen. Wat voelde ik me blij die ochtend. Ook met het succes van de linkse beweging Change, waar ik als inwoner van Anderlecht jammer genoeg niet voor had kunnen stemmen. Maar goed: ik was blij en ik was in mijn blijdschap zeker niet alleen. Het gevoel dat een deel van de angst – in ons geval voor haat en geweld – van je afvalt, kan ik maar moeilijk beschrijven. Roger McGuinn en zijn Byrds zingen het zo mooi in Change is Now: dance to the day when fear is gone. De hele song Change Is Now drukt dat euforische gevoel van verandering uit.
Die verkiezingsuitslagen zijn natuurlijk maar een begin. Alles moet nog gebeuren. Er is heel veel te doen, heel veel goed te maken in Brussel. Maar in deze inleiding op mijn programma ga ik niet op die uiterst belangrijke details in. Het is mij om muziek, om liederen te doen.
Verandering is mooi maar velen van onze soort zijn er bang voor. Er zijn veel mensen die zelf niet willen veranderen en die zeker niet willen dat hun omgeving verandert. Of dat hun partner verandert. Er zijn talloze verhalen over angstaanjagende gedaanteveranderingen, metamorfoses. De weerwolf Bisclavret in de Lais van Marie de France is een mooi voorbeeld. Of Doctor Jekyll and Mister Hyde van Robert Louis Stevenson.
De songs die ik gekozen heb zijn er geen die de revolutie prediken. Ik ben niet zo gek op barricademuziek. Ik houd van mooie melodieën en meeslepende grooves, van songs die kleine drama’s zijn. Veel van de geselecteerde songs drukken emoties ten aanzien van verandering uit. Het zijn kleine psychologische vignetten of eenvoudige observaties en vaststellingen. Vaak gaan ze over menselijke relaties. Over liefde en angst voor verlies. Maar vergeet niet dat het toch bijna altijd liedjes zijn om op te dansen of lekker bij weg te dromen.
Geniet ervan, morgen is het misschien weer allemaal anders!

lightning-hopins

Change Is Now The Byrds – The Notorious Byrd Brothers – C. Hillman/R. McGuinn
I’m Gonna Change The World – The Animals – Animals Tracks – Eric Burdon
Everybody’s Got to Change Sometime – Taj Mahal – Taj Mahal – Sleepy John Estes
Changes, Circles Spinning – Moby Grape – Truly Fine Citizen – P.S. Lewis
Changes – Gene Clark – Flying High – Phil Ochs
The Times They Are A-Changin’ – Bob Lind – The Elusive Bob Lind – Bob Dylan
Tomorrow Just Might Change – Louie And The Lovers – The Complete Recordings – Louie Ortega
We Can Change The World – Graham Nash – Songs For Beginners – Graham Nash
Change Partners – Stephen Stills – Stephen Stills 2 – Stephen Stills
I Wouldn’t Change A Thing – Rod Stewart – An Old Raincoat Won’t Ever Let You Down – Mike D’Abo
(Them) Changes – Jimi Hendrix with Buddy Miles – Live At The Fillmore East – Buddy Miles
Money Won’t Change You – James Brown – Star Time – James Brown/Nat Jones
Ain’t Nothing Gonna Change Me – Bettye LaVette – Souvenirs – D. Erwin/Lynne Farr
Something’s Changed – Sharon Jones & The Dap-Kings – 100 Days, 100 Nights – B. Mann/H. Steinweiss/N. Sugarman/S. Jones/T. Brenneck
A Change – Aretha Franklin – Aretha Now – Clyde Otis/Dorian Burton
Times Have Changed – Irma Thomas – Time Is On My Side – Van McCoy
My Baby Changes Like The Weather – Smokey Robinson & The Miracles – Going To A Go-Go – Hal Davis/Frank Wilson
A Change Is Gonna Come – Sam Cooke – The Man And His Music – Sam Cooke
Maybe I Should Change My Ways – Duke Ellington – The Duke: The Columbia Years 1927-1962 – J. Latouche/D. Ellington
You’ve Changed – Billie Holiday – Lady In Satin – C. Fischer/B. Carey
God Don’t Never Change – Blind Willie Johnson – The Complete Blind Willie Johnson – Blind Willie Johnson
Change My Way Of Livin’ – Lightnin’ Hopkins – His Blues: 1947-1959 – Lightnin’ Hopkins
You’ve Changed – Dave & Phil Alvin – Common Ground: Dave Alvin & Phil Alvin Play and Sing the Songs of Big Bill Broonzy – William Broonzy
I Know I’ve Been Changed – John Hammond, Jr. – Wicked Grin – Traditional
Things Have Changed – Bob Dylan – Wonder Boys Soundtrack / Side Tracks – Bob Dylan
Change In The Weather – John Fogerty – The Blue Ridge Rangers Rides Again – John Fogerty
I’m Changing All Those Changes – Buddy Holly – The “Chirping” Crickets / Buddy Holly – Buddy Holly
Everything’s The Same (Ain’t Nothing Changed) – Billy Swan – The Best Of Billy Swan – B. Swan
Nothing’s Gonna Change That Girl – Hurray For The Riff Raff – The Navigator – Alynda Segarra
Changing of the Guards – Patti Smith – Twelve – Bob Dylan
Change – Green On Red – Here Come The Snakes – Dan Stuart/Chuck Prophet
Emily’s Changed – The Gun Club – Pastoral Hide & Seek – J.L. Pierce
Never Gonna Change – Drive-By Truckers – The Dirty South – Jason Isbell

irma thomas

Bonus Tracks

Do the Movin’ Change – Radio Birdman – Living Eyes – Radio Birdman
Agents Of Change – Blue Orchids – The Greatest Hit (Money Mountain) – Blue Orchids
My Ever Changing Moods – The Style Council – Café Bleu – Paul Weller
Beautiful Change – The Innocence Mission – Befriended – Karen Peris
Everything Changes – Tindersticks – Don’t Even Go There (EP) – Tindersticks
Suddenly Everything Has Changed – The Flaming Lips – Soft Bulletin – The Flaming Lips
Changing Colours – Great Lake Swimmers – Ongiara – Great Lake Swimmers
If You Change Your Mind – Rosanne Cash – King’s Record Shop – H. De Vito/R. Cash
You’re Gonna Change (Or I’m Gonna Leave) – Tom Petty – Timeless: Hank Williams Tribute – Hank Williams
A Change Of Heart – The Everly Brothers – A Date With The Everly Brothers – B. Bryant/F. Bryant
Time Changes Everything – Bob Wills & His Texas Playboys – Columbia Country Classics – Volume 1: The Golden Age – Tommy Duncan

alynda segarra

Research & presentatie: Martin Pulaski
Techniek: Sofie Sap
Afbeeldingen: Bob Dylan; Lightnin’ Hopkins; John Hammond; Alynda Lee Segarra (Hurray For The Riff Raff)

PLEIDOOI VOOR EEN NIEUW BRUSSEL

BRUSSEL 069.JPG

Bewonderaars en verheerlijkers van Brussel heb ik altijd gewantrouwd. Wat waren hun motieven, waren zij wereldvreemd, blind of gewoon maar onnozel? Verlieten zij nooit de veiligheid van hun enclaves, Dansaertstraat, Louisalaan, Flageyplein? Meestal voel ik me een vreemde in deze stad. Zij heeft mij nooit met open en zelfs niet met gesloten armen ontvangen. Voor een deel ligt dat aan mezelf, ik heb me zelden ergens thuis gevoeld, tenzij tijdens een reis, als ik ergens aankwam, bijvoorbeeld in New Orleans, Santa Fe of Cadiz. En een korte periode in Antwerpen, van 1977 tot 1982 om heel precies te zijn.

Hoe ik Brussel bekijk hangt van mijn stemming af, maar mijn stemming hangt ook af van hoe Brussel met mij omgaat, van hoe Brussel mij bekijkt. Er zit veel ongehoorde en ongeziene schoonheid in deze stad verborgen. Soms, als het weer meezit en de passanten je wat vriendelijker dan op druilerige dagen aankijken, is ze bereid haar schatten te laten bewonderen. Dan laat ze zich van haar zachtste kant zien, ze ruikt lekker, voelt zacht aan, zachter zelfs dan de arm van Everard ’t Serclaes* op de Grote Markt.

Brussel is al een poos geen ruïne meer en is evenmin een moeras. De legendarische stadskankers zijn merendeels weg. Dure hotels en kantoorgebouwen hebben hun plaats ingenomen. Maar er is nog steeds veel grauwheid, vuilnis, lelijkheid, wat weliswaar het mooie accentueert, de parken en plantsoenen, de kerken, de art nouveau-gebouwen, de vele cafés met hun terrassen, oases van verrukkelijk leven. Maar pittoreske pleintjes, Vlaamse primitieven, bruisende kroegen, verfijnde art nouveau-gevels, kunnen het verval – dat niet uitsluitend materieel is – niet compenseren.
Ik noem Brussel op elk gebied een onderontwikkelde, een arme stad omdat haar inwoners zich niet al te druk lijken te maken over het verval, over het vuil, over de chaos die hier heerst. De Brusselaars, van waar ze ook gekomen zij, lijken bijna altijd in ongeveer alles een berustende houding aan te nemen. Slechts weinigen walgen van de lelijkheid en het vuil en storen zich aan het dysfunctionele van deze stad. Ik ken niet één Europese stad die zo slecht functioneert, in elk van zijn facetten, in al zijn wijken, in elk beleidsdomein. Bijna niets werkt hier zoals het hoort.

Al lange tijd is Brussel een gebroken stad, een stad vol (soms moeilijk zichtbare) muren. Iedereen kent ze wel, bijvoorbeeld de muur van de Noord-Zuidverbinding, die de stad op een brutale manier in twee delen heeft gesplitst, een echo (of voorspelling) van de opsplitsing van België. Er zijn veel meer zulke muren. Overal waar brede autowegen werden aangelegd lopen smalle straten dood. Ze werden in twee gesneden. De band die er bestond tussen de buren werd stukgemaakt. Door de bouw van Shopping Centra werden winkelstraten territoria voor vandalen, rotondes en pleintjes veranderden in no go zones. De Ring rond Brussel heeft van de stad een eiland gemaakt, een organisme dat niet mag groeien. Sommigen noemen het een olievlek, maar zelfs een olievlek breidt zich uit. Anderen beschouwden de hoofstad als een grote vuilnisbelt. Forensen uit de deelstaten dumpten er hun groot en klein afval. Gemeentelijke volkscommissarissen gaven de schuld aan ‘de Zigeuners’.

Brussel is een zee van mogelijkheden. Dat zou iedereen die hier woont, dat zou iedereen die het goed voorheeft met dit land moeten weten. Brussel bruist van jong (maar ook van oud) leven. Brussel moet die mogelijkheden de kans geven reëel, tastbaar te worden. Brussel moet dringend aan het nieuwe de voorrang geven, zonder zoals bij de Culturele Revolutie in China de traditie te verwerpen of vernietigen. Ja, Brussel moet dringend veranderen.

BRUSSEL 029.JPG

Ook degenen die neerkijken op Brussel, de taalstrijders, de fanatici, de voorstanders van een monocultuur, de gesloten geesten, zij die deze stad een olievlek noemen, die omcirkelende fietstochten en marathons organiseren om ze op symbolische wijze af te bakenen en in te sluiten, heb ik altijd gewantrouwd. Je vindt zulke mensen zeker ook in Wallonië, maar vanwege mijn achtergrond (ik ben in Antwerpen geboren, in Limburg opgegroeid), ken ik de Vlamingen beter. Ik wens niet te veralgemenen. Ik heb het over Vlamingen met een gesloten mentaliteit, degenen die bang zijn voor ongeveer alles wat zich buiten hun huis en hun tuin afspeelt. Anders, zelfs gevaarlijk, mag ook, maar dan in de omlijsting van een scherm, op een podium of in een van de eerbiedwaardige kunsttempels.

De voorbije maanden en zeker sinds 22 maart kwam er vooral vanuit Vlaanderen veel kritiek op de Brusselse politieke en politionele structuren. De architectuur van de macht. Voor een keer ben ik het met die Vlaamse kritiek (die bijna unaniem is) eens. Brussel moet een bestuurlijke eenheid worden. Brussel moet één politiezone krijgen. Brussel zal behoorlijk bestuurd moeten worden, op elk gebied. Mobiliteit, sociale voorzieningen, veiligheid, ecologie, cultuur, et cetera moeten in alle wijken op dezelfde leest geschoeid worden, zonder de diversiteit uit het oog te verliezen. Dit is een absolute noodzaak. Hoe dit in de praktijk kan gebeuren, daar moet nu over nagedacht worden. Maar er mag niet getalmd worden. Bij de veranderingen en vernieuwingen, in volstrekte transparantie moeten alle inwoners van deze stad betrokken worden. Alle inwoners in alle wijken – van alle kleuren en talen en leeftijden. En waarom niet alle Belgen: Brussel is de hoofdstad van dit land. Want moet niet heel België hervormd worden? Ja, toch. Wat na de val van de muur in Duitsland kon, dat moet in dit kleine en welvarende land zeker kunnen. Ik zie Duitsland niet als de ideale staat, maar hij lijkt wel vrij goed te functioneren. Een goed voorbeeld is het dus wel.

Ik heb in Brussel gewoond van 1969 tot 1977 en sinds de zomer van 1991 ben ik hier niet meer weggegaan. Heb ik daarom recht van spreken? Ik denk het wel. De volgende dagen zal ik wat over mijn bijzonder negatieve ervaringen met de Brusselse politie vertellen. Die tonen aan dat de politiezones niet werken, dat veel in de doofpot wordt gestopt, dat er corruptie bestaat. Dat de politie niet kan (of kon) instaan voor de veiligheid van inwoners van deze stad. Dat zeer zwaar probleem hangt samen met de manier waarop Brussel bestuurd wordt. Negentien gemeenten met stuk voor stuk hun eigen kleine belangen kunnen onmogelijk goed samenwerken. Zelfs de vijf grote Amerikaanse maffiafamilies (zie The Godfather) spelen dat niet klaar. En op zulke families lijken de Brusselse baronieën zeker wel. Al schieten ze elkaar nog niet overhoop tijdens een of andere eredienst. Althans, daar heb ik geen weet van. Is deze vergelijking met de maffia overdreven? J. Edgar Hoover, FBI-directeur van 1935 tot 1972, ontkende dat de maffia een grote misdaadorganisatie was.

BRUSSEL 065.JPG

*wie over zijn arm wrijft kent een jaar lang geluk in de liefde, wie hem kust krijgt difterie.
Foto’s: Martin Pulaski, Brussel, 2013

LEVE WOODSTOCK

joan baez woodstock-1970-03-g.jpg

Als twintigjarige keek ik neer op het hele gedoe dat Woodstock heet. Of ik er al in 1969 over gelezen of gehoord had, kan ik me niet herinneren: ik had geen televisie, geen radio en las geen kranten. Wel is de maanlanding me bijgebleven: ik zag er beelden van door het raam van een of ander huis of appartement ergens aan de Belgische kust toen ik daar een wandeling maakte. Omdat the Byrds er een mooie kleine song over maakten, ‘Armstrong, Aldrin and Collins’, herinner ik mij het evenement des te beter. Ook weet ik nog hoe de moorden van de Manson Family me schokten, en enkele beelden van Altamont zijn me eveneens bijgebleven.

De film Woodstock zag ik in 1970 in de Variétés, een mooie bioscoop met groot scherm, nu verloederd of afgebroken, zoals bijna alle waardevolle gebouwen in Brussel. Ondanks de technische hoogstandjes en de geweldige sound maakte hij niet veel indruk op me. Hoewel ik langharig en werkschuw was herkende ik me niet in de bezoekers van het festival, een kudde hippies, vond ik, die the Woodstock Nation werd genoemd, alsof elke festivalganger deel uitmaakte van een stralende nieuwe wereld, terwijl ze er toch alleen maar stoned bijliepen, ‘no more rain’ scandeerden en pret maakten in de modder. Joni Mitchell, die zelf niet in Woodstock optrad, benadrukte het utopische aspect in haar lied over het festival:

By the time we got to Woodstock
We were half a million strong
And everywhere there was song and celebration
And I dreamed I saw the bombers
Riding shotgun in the sky
And they were turning into butterflies
Above our nation

In weerwil van mijn afkeer, al is dat een te sterk woord, van wat ik in de bioscoop zag, was ik in die dagen toch ook zeer hoopvol gestemd en geloofde ik in de utopie die Joni bezong, al hoorde ik de versie van Crosby, Stills, Nash & Young toen liever. Ik denk dat ik nogal gespleten was: een idealistische dromer maar tegelijk tegen het spektakel en het kuddegedrag van de andere dromende jongeren. Woodstock zei me niets, maar ik las met vuur in mijn hart de berichtgeving in Rolling Stone en andere undergroundbladen over communes, ecologie, vrije liefde en zo meer.

Doorheen de jaren veranderde er niet erg veel aan mijn kijk op het fenomeen Woodstock. Een te gek feest in de modder, met weliswaar geweldige muziek. Maar… things have changed. De voorbije maanden luister ik veel naar pop, rock en soul uit de sixties in de overtuiging dat de kwaliteit van die muziekgenres nooit werd of zal worden geëvenaard. Ik heb mijn best gedaan om iets beters – of ten minste even goed – te vinden, maar tevergeefs. Punk, New Wave, Paisley Underground, Grunge, R&B, Indierock, noem maar op: ik heb het allemaal op de voet gevolgd, en vaak was ik enthousiast, maar nooit was iets even opwindend als ‘I’m Down’ van the Beatles, ‘Paint It Black’ van the Rolling Stones of ‘I Want You’ van Bob Dylan. Ik zou hier honderden songs kunnen noemen, maar deze drie voorbeelden volstaan.

Een week geleden nam ik Woodstock op. Ik neem wel vaker films op die ik nooit bekijk. Enkele dagen geleden zag ik op Canvas terloops enkele fragmenten van Pukkelpop. Welke bands of zangers of zangeressen het precies waren weet ik niet: daar was mijn walging te groot voor. Ik werd er werkelijk misselijk van. Ik besefte, wellicht niet voor de eerste keer, dat een evenement als Pukkelpop in alles het tegenovergestelde is van de festivals in de jaren zestig. In de eerste plaats door de ondermaatse muziek, wat essentieel is, maar zeker ook omdat de droom ontbreekt, ook al is die naïef. Alles wat ik zag was fake. Maar omdat ik een verdediger ben van de populaire cultuur twijfelde ik meteen. Was het geen vooroordeel? Werd ik misschien toch oud?

Ter vergelijking bekeek ik vervolgens een flink deel van Woodstock. Glorieus, vond ik nu. Een wonder. Richie Heavens*, die ik nooit echt heb gemogen, was pure passie: Freedom, freedom, freedom. Canned Heat, met de beer Bob Hite en Blind Owl Alan Wilson, con brio geslaagde studenten van de blues, ingehouden intensiteit, bezetenheid, de ziel vastgeklonken aan iets hogers; en dan Joan Baez, waar ik evenmin een bewonderaar van was, die helemaal alleen met haar gitaar voor een half miljoen muisstille luisteraars, haar stem puur als de sneeuw van toen (niet van nu), het opzwepende vakbondslied ‘Joe Hill’ ten gehore gaf, vervolgens, nu alleen nog haar kristalheldere stem, zelfs geen gitaar meer, de oude negro spiritual ‘Swing Low, Sweet Chariot’. En wat te denken van Joe Cockers ‘With A Little Help From My Friends’? Vertel het me maar, ik heb er geen woorden voor, net zomin als voor de molenwiekende rockarbeider Pete Townshend tijdens de uitvoering van ‘Summertime Blues’. In 1970 hadden de blote borst van Roger Daltrey, de jurk van Richie Havens, het schijnbaar stuntelige gedrum van Adolfo de la Parra en het kapsel van Joan Baez me gestoord; nu zag ik in dat dat uiterlijke details waren, het echte grandioze zat hem in de muziek, in elk detail, in elke noot, maar ook in elk dromerig gezicht van elke festivalganger. Niet een van hen leek op een andere, ze waren stuk voor stuk individuen, jongeren op zoek naar een betere wereld in zichzelf en buiten zichzelf. Ik zag nu dat de jonge hippies de vlinders van Joni Mitchell waren – de bommenwerpers gingen door met bommen werpen.

Wij mogen ons gelukkig noemen. We zijn opgegroeid in vermoedelijk een van de mooiste en meest creatieve periodes in de recente geschiedenis. Lang leve Woodstock!

Woodstock 1969-1.jpg

*Jimi Hendrix, John Sebastian, Tim Hardin, Sly & the Family Stone, et cetera, heb ik nog niet herbekeken.

ZERO DE CONDUITE: NAZOMER

eels.jpg

Nazomer alweer, net als de lente een seizoen voor begin en vernieuwing. Maar er hangt ook mist in je hoofd en melancholie werpt donkere schaduwen op wat je nog ontwaart. Hoe kun je een thema kiezen in een warrige periode als deze? Chaotisch zowel op persoonlijk als op politiek vlak. Je voelt je machteloos, het lijkt er soms sterk op dat je geen vat hebt op wat er rondom je gebeurt. Alsof het lot erover beslist wat jij doet. Er zijn zo van die dagen dat je fatalistisch bent.

Voor de samenstelling van deze aflevering van Zéro de conduite heb ik me laten leiden door het toeval, door het verlangen naar verandering; en het feit dat ik niet langer werk heeft zeker ook een rol gespeeld in de keuze van de songs. Ja, het blijft nog wel een keuze. Je zou kunnen zeggen dat het onderliggende thema van vandaag de op de proef gestelde existentie is, maar ook de natuur, de seizoenen en de schoonheid.

Love Train – Back Stabbers – The O’Jays
Way Back Home – The Definitive Collection – Junior Walker & The All Stars
Home Cookin – The Best Of Eric Burdon & War – Eric Burdon & War
Tired Of Being Alone – Al Green Gets Next To You – Al Green
Everybody’s Got To Change Sometime – Taj Mahal – Taj Mahal
Lovin’ Cup – The Elektra Years – Paul Butterfield Blues Band
All Your Love – The Classic Cobra Recordings – Otis Rush
The Other Woman – Blame It On the Dogg: The Swamp Dog Anthology – Eleanor Grant
A Woman Left Lonely – A Woman’s Viewpoint – Irma Thomas
Grow Too Old – Bobby Charles – Bobby Charles
I Would Change My Life – Little Love Affairs – Nanci Griffith
Got No Bread, No Milk, No Money, But We Sure Got A Lot Of Love – James Talley
Old Man – Harvest – Neil Young
Tried So Hard – Sometimes You Eat The Bear – Ian Matthews
Dreaming My Dreams With You – Dreamin Waylon’s Dreams – Chuck Prophet
After I Made Love To You – Ease Down The Road – Bonnie “Prince” Billy
Skip’s Song – Dreamland – Robert Plant
The Sleepy Giant – Leave Your Sleep – Nathalie Merchant
Oh So Lovely – Tomorrow Morning – Eels
I’m An Animal – Middle Cyclone – Neko Case
This Is Love – Stories From The City, Stories From The Sea – PJ Harvey
No Tears To Cry – Wake Up The Nation – Paul Weller
Half Light II (No Celebration) – The Suburbs – Arcade Fire
The Diamond Church Street Choir – American Slang – The Gaslight Anthem
Morning Song – Circular Sounds – Kelley Stoltz
Heaven, Sitting Down – Here’s To Taking It Easy – Phosphorescent
When The Leaves Have Fallen – If The Ocean Gets Rough – Willy Mason
Australian Winter – Admiral Fell Promises – Sun Kil Moon
Time Of The Season – Hawk – Isobel Campbell & Mark Lanegan
Sweet Days Waiting – Shadows – Teenage Fanclub
Wild Roses – Through The Devil Softly – Hope Sandoval & The Warm Inventions


pjharvey.jpg

Samenstelling: Martin Pulaski
Presentatie en techniek: Sofie Sap & Martin Pulaski

 


VERLOREN PARADIJS

Power

Bestaat de lineaire tijd? Er wordt beweerd dat ik nu zestig ben, maar ik geloof er niets van. Dat getal is pure uiterlijkheid, simplistische rekenkunde – en ik heb nooit graag gerekend. Ik ben zo oud of zo jong als ik ben – niemand weet het met absolute zekerheid. Hetzelfde geldt voor jou. Tenzij je in die nonsens gelooft. Het enige, onvermijdelijke, – waar ik me tegen verzet -, is dat de afschuwelijke dood dichterbij komt. Moet je de sterfelijkheid echter aanvaarden? Elias Canetti deed dat alvast niet. Overigens is hij de enige schrijver die zich met man en macht tegen de dood verzette. Is hij oud geworden? Als ik de ‘logica’ van hierboven volg niet. Zeker niet zo oud als Methusalem (969 jaar).

Ik wil niet beweren dat er niets verandert in mijn leven – dat zou pas erg zijn. Stasis. Ik heb er vroeger nogal wat over geschreven. Verandering is noodzakelijk. Niet veranderen is bijna hetzelfde als ophouden met ademhalen. Maar de veranderingen in mijn leven hebben niets met leeftijd te maken. Mijn leven verandert, geloof ik, toevallig. Zoals sommige ontmoetingen en sommige kortsluitingen toevallig gebeuren, en sommige bloemen die zomaar opeens, toevallig, op een oude cactus beginnen te bloeien.

Samen met veel andere Belgen volg ik op dit ogenblik de politiek van nabij. Er valt wat mij betreft niet echt veel over te zeggen. Ik ben geen rationalist, maar reageer vooral emotioneel, ook al lees ik boeken en denk ik na. De bewering dat het nationalisme een verwerpelijke doctrine is, is evenwel helemaal op rationele en historische argumenten gebaseerd. De morele en emotionele verontwaardiging versterkt in dit geval de ratio alleen maar. Toch ziet het er naar uit dat in het gebied dat Vlaanderen wordt genoemd – een streek waar sommige idioten niets liever doen dan met vlaggen zwaaien – dat verwerpelijke nationalisme de overhand zal halen. Voor mijn hart is het goed dat ik me op de dag van de verkiezingen in het buitenland zal bevinden. Nee, dat is geen escapisme. Ik zal zeker wel stemmen. Van woede en walging is mijn vel al wat groen gekleurd. Zo weet de nieuwsgierige lezer op welke partij deze eeuwige tiener zal stemmen.

Ik wil niet haten. Ik wil liefhebben. Ik wil geen vijanden, ik wil vrienden. Net als jij ben ik een mens die moet eten en drinken en vrijen. Geloof me vrij, als ik een keer lieg, is het alleen om bestwil. Ik streef naar het goede, maar weet niet wat het is. Het kwaad wil ik leren kennen. Als ik het kwaad door en door ken, zal ik misschien ooit eens iets goeds doen. Nu kan ik me daar alleen maar een voorstelling van vormen. Soms denk ik dat ik al die dingen heb geweten, toen ik een kind was, een paradijselijke periode, waar ik me hoegenaamd niets meer van herinner. Uit dat paradijs ben ik al lang verbannen. In de woestijn van de werkelijkheid maakt leeftijd niets uit.

De afbeelding van de hoes van New Order’s ‘Power, Corruption And Lies’ (Fact 75) mag gezien worden als commentaar op de politieke situatie in België. Op de voorkant van hoes een reproductie van ‘Roses’ van Fantin-Latour (1836-1904). Ik raad je aan deze plaat uitsluitend in vinyl-versie te draaien, en draag er zorg voor dat je jong bent!

HERACLITUS EN DE VERANDERING

heraclitus,verandering,geluk

Alles verandert. De ene dag is iets zo, de volgende dag is het helemaal anders: je herkent het niet meer. Met mensen is dat zeker het geval, ze veranderen, ze komen, ze gaan – ze zijn onberekenbaar. In de lente sluit je vriendschap met iemand, in de zomer gaat hij op reis, wanneer je hem terugziet, in de herfst, is hij een vreemde geworden. Eigenaardig is het dat je nooit verwacht dat zoiets zal gebeuren. Je bent er nogal zeker van dat alles zal blijven zoals het is, zoals het was. Misschien is dat geluk: niets, niemand verandert? Onbeweeglijkheid. Misschien zijn we daardoor zelden gelukkig, er is immers altijd iets dat verandert, iets dat ons daardoor stoort. Als ik bijvoorbeeld de meubels in onze woning verplaats, ben ik daarna een tijd lang zeer ontstemd, bijna als een muziekinstrument.
Daarom is het beter verandering te aanvaarden. Ik moet mijn mentaliteit wijzigen, leren inzien en accepteren dat niets bestendig is, dat alles verandert, dat alles vloeit. Uit verandering moet ik nieuwe energie putten, en geestdrift. De verandering is, om het paradoxaal te zeggen, de grond van mijn bestaan, van ieders bestaan. In onze geschiedenis tekent zich onze toekomst af, een toekomst die eruitziet als een impressionistisch schilderij. Of zou het expressionistisch kunnen zijn?
Lang geleden schreef de Griekse filosoof Heraclitus het volgende:
“Op wie in dezelfde rivieren treden stromen steeds nieuwe wateren toe; ook zielen dampen immers uit het vochtige op.”

Foto (Verandering), Martin Pulaski.