REIZEN EN THUISKOMEN: ZERO DE CONDUITE 5 MAART 2011

 P1030120(1).JPG

Sanlucar de Barrameda, februari 2011, Martin Pulaski

Ik ben terug van een reis naar Andalusïe. Twee weken rondreizen door een land waarvan ik de taal nauwelijks spreek, dat was een nieuwe ervaring voor mij. Ik was heel vaak alleen, maar voelde me zelden eenzaam. Alleen in Sanlucar de Barrameda, een stadje waar je niet veel meer kunt doen dan Manzanilla drinken en vis eten, voelde ik me soms verlaten en misplaatst. Het regende er bijna elke dag, en ik was er vijf dagen. Ik verbleef in een klein paleis, waar het heerlijk is in de zomer, maar nu regende het overal binnen, vanwege de open ruimtes, de patio’s, mooie vertrekken waar ik geen gebruik van kon maken. Koud en vochtig op de immense kamer. Maar in Cadiz kwam de zon tevoorschijn en voelde ik me soms zelfs goed. Het mooiste vind ik nog altijd Sevilla. Maar ik ga hier geen toeristische brochure van maken. Het is tijd voor muziek. Met die reis nog in mijn achterhoofd heb ik voor het thema ‘reizen en thuiskomen’ gekozen. Gewoon een aantal uitverkoren songs daarover. Veel luisterplezier. En een beetje melancholie. Zodra je weer thuis bent valt de eenzaamheid van je af, en herinner je je alleen nog de fijne ervaringen.

Magical Mystery Tour – Magical Mystery Tour –  The Beatles
The Big Country – More Songs About Buildings And Food – Talking Heads
Andalucia – Paris 1919 – John Cale
Spanish Caravan – Waiting For The Sun – The Doors
Blue Spanish Sky – Wicked Game – Chris Isaak
Another Green World – Another Green World – Brian Eno
Eastern Rain – What We Did On Our Holidays – Fairport Convention
This Wheel’s On Fire – Dr. Byrds & Mr. Hyde – The Byrds
Ballad Of Easy Rider – Easy Rider Soundtrack – Roger McGuinn
Girl From The North Country – The Freewheelin’ Bob Dylan
Everybody’s Talking – The Many Sides Of Fred Neil – Fred Neil

the_freewheelin_bob_dylan.jpg

Flying Shoes – Flying Shoes – Townes Van Zandt
Everytime You Leave – Blue Kentucky Girl – Emmylou Harris
Five Hundred Miles – Essential Bobby Bare – Bobby Bare
Don’t Give Your Heart To A Rambler – You Don’t Know My Mind – Jimmy Martin
Cross Road Blues – King Of The Delta Blues Singers – Robert Johnson
Mystery Train – Sunrise – Elvis Presley
Train Leaves Here This Morning – Doug Dillard & Gene Clark
Allons A Lafayette – Allons A Lafayette – Beausoleil
Travelin’ Man – Rick is 21 – Ricky Nelson
By The Time I Get To Phoenix – The Capitol Years 65-77 – Glen Campbell
Do You Know The Way To San José – The Look Of Love – Dionne Warwick
Farewell Ride – Guero – Beck
Down In Texas –  Gutbucket (Various Artistst) – The Hour Glass
Up On Cripple Creek – The Band – The Band
The Drifter – Gas Food Lodging – Green On Red
Carry Home – Miami – Gun Club
Find The River – Automatic For The People – R.E.M.
Call Me On Your Way Back Home – Heartbreaker – Ryan Adams
Across Yer Ocean – The Secret Migration – Mercury Rev
Feel Like Going Home – Satisfied Mind – The Walkabouts

Zéro de conduite is op Radio Centraal 106.7 FM in Antwerpen van 6 tot 8, ’s avonds, elke eerste zaterdag van de maand. Je kunt het programma op de radio beluisteren, of via de website van radio centraal: http://www.radiocentraal.be/Realescape/ or
http://streaming.radiocentraal.org/

 Research: Martin Pulaski
Presentatie: Sofie Sap & Martin Pulaski

 

THUISKOMST / HÖLDERLIN


Het onderstaande fragment uit Hölderlins gedicht ‘Heimkunft’ is me – vooral in deze periode van mijn leven – uit het hart gegrepen.


“Nenn ich den Hohen dabei? Unschikliches liebet ein Gott nicht,
Ihn zu fassen, ist fast unsere Freude zu klein,
Schweigen müssen wir oft; es fehlen heilige Namen,
Herzen schlagen und doch bleibet die Rede zurück.”
(fragment uit het gedicht ‘Heimkunft – And die Verwandten’, in: Friedrich Hölderlin, Werke und Briefe, Herausgegeben von Friedrich Beissner und Jochen Schmidt, Insel Verlag, Frankfurt am Main, 1969, 122.).

“Noem ik de naam des Hoogsten daarbij? Hij weigert de wanklank,
om hem te vatten is haast zelfs onze vreugde te klein.
Zwijgen moeten wij vaak, ons ontbreken heilige namen,
hoezeer het hart in ons bonst, toch blijft de spraak ons ontzegd.”
(fragment uit ‘Thuiskomst’, uit: Friedrich Hölderlin, Gedichten, de Prom, 1988, 227, vertaling door door Ad den Besten.)

Over die vertaling valt veel te zeggen, maar dat zou me te ver leiden, voorbij de taal, waarover ik zelf op dit uur van de dag niet beschik. Waar het mij hier inderdaad om gaat is dat mij de taal, het woord, de rede, de logos ontbreekt. Hoe deel ik dit in vredesnaam mee?

DE MELANCHOLIE VAN DE THUISKOMST

leeg hoofd,verjaardag,budapest,donau,laura,stad,vakantie,reizen,syd barrett,steden,foto,melancholie,schoonheid,martin pulaski
Blauwe Agnes, Martin Pulaski

Ik ben weer thuis. Het verblijf in Budapest was zoals ik verwachtte een intense en zeer opmonterende ervaring. ’s Morgens werd ik gewekt door het zonlicht, de warmte. Ik opende de gordijnen: zes verdiepingen lager stroomde de grootse Donau en aan de overkant van de brede rivier verhief zich het overdreven maar toch ook indrukwekkende parlementsgebouw. Kleinere en grotere boten trotseerden de diepte, met boven hen het verdwijnende ochtendrood en perfect gevormde wolken.
Ik heb er niets gelezen (met uitzondering van enkele stukjes over de dood van Syd Barrett), weinig muziek gehoord, maar wel heel veel gezien en geproefd. Toch is mijn hoofd nu nog leger dan voor ik vertrok. Ik dacht dat mijn hoofd vol zou zijn van indrukken, maar dat is niet het geval. Ik weet niet of dit erg is. Zulke periodes komen vaker voor in mijn leven. Vermoedelijk zijn mijn hersens bezig met het allemaal te verwerken. Ik laat ze maar hun gang gaan en houd me vooral bezig met praktische dingen.
Het is ook weer wennen aan de donkerte die hier ingetreden is tijdens onze afwezigheid. Donkere dagen maken me zwaarmoedig. Een voordeel echter is dat deze koelte geschikter is om bij te werken.

Zal ik over Budapest schrijven? Ik weet het nog niet. Het is een wat pijnlijk proces omdat schrijven over de steden waar ik van houd (New York, Barcelona, San Antonio, Cadiz, New Orleans, Berlijn, Budapest) de afkeer van mijn ‘eigen’ stad doet toenemen. Toch denk ik dat het moet. De schoonheid en de melancholie bejubelen. De beleefdheid en hoffelijkheid van jonge Hongaren. Het neo-kapitalisme in gevatte bewoordingen verwerpen. En al de rest. Maar ik heb geen notities om op terug te vallen. Het moet allemaal uit mijn hoofd komen, dat nu, zoals ik zei, leeg is. Bovendien is het de verjaardag van mijn Laura. Er staan vandaag nog heel wat dingen op de agenda (hoewel die nog een week gesloten blijft).

REIS NAAR HET BEGIN VAN DE DAG

anderlecht,martin pulaski,foto,inge v,lucca,italie,charleroi,taxi,snelheid,gevaar,vertraging,pisa
Foto: Inge Vande Walle

Ik ben weer thuis, oud en vertrouwd, zij het met een nieuwe bril. Mijn wonden heb ik gelikt. Niet dat ze genezen zijn. Later vertel ik over de mooie dingen die ik gezien heb en de fijne mensen met wie ik heb gereisd. Vriendschap is het hoogste goed. Nu ben ik nog moe. Dat is bij mij meestal het geval, dat ik moe terugkeer van een reis. Of ziek. Nu ben ik niet ziek. Ik voel me zelfs enigszins genezen. Maar de zin om de hoofdstad in te gaan en feest te vieren, – hé, jongens, ik ben weer thuis -, dat heb ik niet meer. Ik blijf weg uit de stad. Zodra ik mij een bodyguard kan veroorloven, dan keer ik misschien terug naar mijn vertrouwde plekken. Voorlopig houd ik het veilig. Ik moet natuurlijk wel gaan werken, en dat is ook in diezelfde schrikbarende stad.

Ryanair was de laatste keer. Dat was de enige negatieve ervaring van mijn reis. De vlucht naar Pisa kost echt weinig. Terugkeren is al wat duurder. Ze weten dat je wel terug moet, dus kunnen ze dat doen. Een ritje met de taxi van Charleroi naar Brussel kost echter 90 euro. Ongeveer evenveel als de prijs van de gehele vlucht. Er zijn wel shuttles naar Brussel Zuid, dertig per dag zeggen ze, maar niet als het vliegtuig vertraging heeft. Ik had geen zin om een nachtje in Charleroi door te brengen, een wellicht nog gevaarlijker stad dan ‘my hometown’. Dat vertelde de taxichauffeur mij althans. Er zitten geregeld gewapende mannen in zijn wagen. Hij houdt dat stil, geen politie, te gevaarlijk, represailles. Bloedende mensen op straat blijven liggen tot ene toevallige en onverschrokken voorbijganger ze vindt. Dat is het eerste verhaal dat je hoort als je terug in België bent! Drugdealers, bendes, afrekeningen, omerta. Terwijl we aan 167 km over de autosnelweg rijden. Die helse rit maakte me niet eens bang. Dat zal wel normaal zijn als je twee weken tevoren de dood in de ogen hebt gekeken. Van de luchthaven van Charleroi (“Brussels South”) tot in Anderlecht aan het stadspark in 20 minuten. Ik denk dat de taxichauffeur zowat alle verkeersregels heeft overtreden. Zeker weet ik het niet, want ik heb geen auto en ken de verkeersregels niet. Ik denk dat je in een zone 60 maar 60 mag rijden en geen 149. Maar ik was vroeg thuis, en tevreden, zij het blut. Om 2 uur had ik mijn koffer al uitgepakt. Om 3 uur lag ik in bed. Ja, Ryanair is een klant kwijt. Maar Lucca krijgt een verlenging. En mijn reisgezellinen ook, zulke charmante en begripvolle dames bestaan er niet veel meer, denk ik. Hun gezelschap is ongetwijfeld zeer heilzaam voor me geweest.

THUISKOMST

 

ardennen1997 met johny

In een al wat oudere tekst van mijn oude en goede vriend Johny Lenaerts, las ik over de afname van de communicatie, van de ontmoeting. Wij zouden met zijn allen veel te veel televisie kijken en ons gezellig opsluiten in onze woonkamers, lekker bij de flikkerende beelden van soaps en reality shows. Cocooning, heet dat. Er zouden mede daardoor veel te weinig ontmoetingsplaatsen zijn. Dat zal wel waar zijn, maar geldt ongetwijfeld niet voor iedereen. Een eerste opmerking die ik daarbij wil plaatsen is dat afzondering vaak onder dwang gebeurt. Innerlijke dwang, sociale dwang, psychologische dwang, enzovoort. Ik zit veel thuis omdat ik niet anders kan. Buiten is heel vaak nergens. Ontmoetingsplaatsen zijn er in overvloed. Brussel, Gent en Antwerpen krioelen van de cafés, waar je vaak lang moet wachten op een ‘vrije’ stoel. Mogelijkheid tot ontmoeting is er zeker wel voldoende. Maar welke projecten hebben al die mensen die elkaar ontmoeten? Ik weet het niet. Ik voel me onder hen niet thuis. Of zoals Bob Dylan zei: ‘a house is not a home’. Als ik me in een ‘ontmoetingsplaats’ bevind, met name in een café, kan ik twee dingen doen: ofwel me bedrinken (en na verloop van tijd gaan denken dat ik een soort van Malcolm Lowry ben, of Guy Debord), ofwel me niet bedrinken en zo spoedig mogelijk weer naar huis gaan. Als ik niet drink in een café ben ik er alleen. Als ik wel drink ben ik ook alleen maar leef ik even in de illusie dat er diepe contacten zijn met verwante zielen.

Thuis echter is er de zelfwerkzaamheid, de communicatie via nieuwe sociale groepen (zoals die van de bloggers, en ook wel die van flickr); thuis luister je naar muziek, je bespeelt een instrument, zingt als je er zin in hebt, drinkt of drinkt niet, thuis kijk je naar films, niet zomaar naar het eerste het beste shitprogramma op het eerste het beste shitkanaal. Daarom denk ik dat het onderscheid tussen ‘binnen’ en ‘buiten’ nogal artificieel is. Ik weet dat de dialoog noodzakelijk is en dat je alleen jezelf kunt zijn (of worden) door communicatie met de anderen. Maar er worden voortdurend andere, nieuwe vormen van ontmoeting bedacht. Ik denk dat op die manier het kapitalisme zichzelf ondermijnt. Natuurlijk moeten wij niet passief zitten toekijken op die nieuwe vormen, maar moeten wij ze ons toe-eigenen. Ik neem aan dat we daar volop mee bezig zijn, thuis en op andere plaatsen. Het heeft geen zin het ene tegenover het andere te plaatsen. Thuis zijn, thuis komen, is fundamenteel voor de menselijke existentie. Johny Lenaerts verwijst in zijn artikel naar Leopold Flam, van wie we beiden heel veel hebben geleerd. Ik wil dat ook graag even doen in dit verband: Leopold Flam had het namelijk vaak over ‘het huis van de wereld’. Zonder een thuis kan de wereld onmogelijk ons huis zijn. We voelen ons dan vreemden op deze planeet. De eenzame Johnny Guitar, die zegt: ‘I’m a stranger here myself’. We vluchten dan weg in de religie van Born Again Christians en andere sekten en zingen (gemeend) liederen in de trant van ‘this world is not my home’ of we zoeken ons (on)heil in het nihilisme van Baudelaire (die overigens meestal in hotelkamers woonde) met zijn ‘anywhere out of the world.’ Het belangrijkste is dat iedereen naar huis gaat, en weet dat hij thuiskomt. Dat geldt nog het meest van al voor alle soldaten die nu ergens oorlog voeren zonder goed te weten waarom, zonder een doel voor ogen. All the soldiers must go home.

Foto: Johny & ik

TERUG IN HET VADERLAND

i see you

Ik ben terug uit Tazacorte (La Palma). Nog zwakjes. Ik probeer straks, na doktersvisite, of misschien nog eerder, wat meer te schrijven, maar het gaat moeizaam. Moeilijke ademhaling, en een beetje last van dyslexie, waarschijnlijk ten gevolge van de vele ‘geneesmiddelen’. Het ironische is dat ik jaarlijks een tweetal weken naar La Palma trek om er letterlijk op adem te komen. De lucht is er mild en voelt bijzonder gezond aan, zo gezuiverd door de grote oceaan.

Ik wil alvast iedereen van harte bedanken die hier zijn of haar bezorgdheid over mijn toestand in stilte of woorden heeft uitgedrukt. Dat betekent veel voor mij. Dat is wat wij allen nodig hebben.

TERUG UIT ANDALOUSIE

IMG_2076

Weer thuis. Terug uit het land waar de sinaasappels bloeien. De spannende avonturen die ik in Andalusië heb beleefd, kan ik nog niet uit de doeken doen. Later misschien? Nu ben ik moe, moe, moe. Moe van die avonturen natuurlijk (voornamelijk luisteren, praten, eten, drinken, weinig slapen), moe van ritten met taxi’s, wachten in luchthavens, turbulente vluchten, club sandwiches en Heineken pils, late aankomsten, Brussels by night en koffers uitpakken. Andalusië is een betoverende regio, vriendelijk en gastvrij, met een geschiedenis die wellicht nog rijker is dan de onze, en, belangrijkst van al, de mooiste vrouwen van de wereld. Maar wat hebben die Spanjaarden – of alleen maar de Andalusiërs? – een slechte smaak op gebied van populaire muziek! Hun verteltalent is dan weer ongeëvenaard; als ik in hun gezelschap ben schaam ik me telkens weer om mijn schraalheid. Ik ken geen enkel verhaal, tenzij dat ene, narcistische, het mijne. Wat dat betreft lijk ik op Rousseau en Montaigne. Maar dan zonder hun uitzonderlijke, bijna bovenmenselijke begaafdheid en gracieuze stijl, zonder hun grote geest.

Hoe zoet en leerrijk een reis ook is, het is nog zoeter om weer thuis te komen, bij de geliefde, en bij de boeken en de muziek. “Gee, it’s great to be back home!”

Foto: Martin Pulaski, Afscheid van Jaén, Andalusië