DE NACHT VAN DE LEGUAAN III

night of the iguana 2

“All Women, whether they face it or not, want to see a man in a tied-up situation. They work at it all their lives, to get a man in a tied-up situation. Their lives are fullfilled, they’re satisfied at last, when they get a man, or as many men as they can, in the tied-up situation.”

Tennessee Williams, The Night Of the Iguana.

DE NACHT VAN DE LEGUAAN II – VOETNOTEN

Ik was niet uitgesproken moe toen ik ‘De nacht van de leguaan’ schreef. Het ‘gedicht’ begon met de eerste zin, tijdens het nogal indrukwekkende concert van Diana Jones, die ofwel vanwege de vorm van de traditionele folksong – in de stijl van the Carter Family – terugkeert naar de religie, ofwel echt gelovig is (maar in dat geval is ze dan toch een anti-Bush gelovige, wat kan tellen). Die zinsnede bleef in mijn hoofd hangen. In het weidse Amerikaanse landschap, boven de koude grijze grond doken wilde dieren op die elkaar verscheuren, of door mensen worden verscheurd of versneden. De treurwilgen ontsproten aan weer een lied van Diana Jones, over drugverslaving – waarin dealers worden vergeleken met ‘vipers’, adders. In de laatste strofe van die song komen vooral religieuze beelden voor. Religie in plaats van drugs? Ik heb het de zangeres niet durven vragen; haar handtekening heb ik wel, alsof ik een tiener ben en handtekeningen mij zullen behoeden voor iets onnoemelijks. Vervolgens kwamen de orchideeën uit Spike Jonze’s ‘Adaptation’, de orchideeën van Susan Orlean, journaliste voor The New Yorker, en van orchideeëndief John Laroche, erin geslopen. In de film werd van orchideeën een hallucinogene drug gemaakt.
Een dag later zag ik een dvd van ‘The Night Of the Iguana’, van John Huston, gebaseerd op het stuk van Tennessee Williams. Het is een schitterende film, met John Huston en Ava Gardner die zichzelf overtreffen. Zoals bijna altijd bij Tennessee Williams gaat ook ‘The Night Of The Iguana’ over seks, drank, drugs, leugens, zelfbedrog en hypocrisie. In deze film wordt de hypocrisie van het geloof hard aangepakt. Als ik me niet vergis wordt god er een wrede, seniele delinquent in genoemd. Een ander thema van Williams, een dat me nauw aan het hart ligt, is de troost van vreemden. Hoe mensen in elkaars armen de ellende van de wereld, hun mislukking en hun wanhoop kunnen vergeten. Of hoe liefde zoveel meer is dan seks. Op het einde van de film zegt Richard Burton, een ge-excommuniceerde priester, na het voorstel van Ava Gardner om de berg af te gaan naar de zee, waaruit alle leven voortkomt: “De berg af kan ik nog wel, maar weer naar boven wellicht niet meer.” Waarop Ava Gardner: “Ik zal je wel naar boven helpen, wees gerust.” Toen boog ik mijn hoofd en huilde ik, zoals bij een degelijk Hollywood-einde gebruikelijk is.
Over de filosofische achtergrond van het gedicht kan ik nu, wegens vermoeidheid, niet uitweiden. Je zou er de scholasticus Johannes Duns Scotus bij kunnen betrekken. Het brengt trouwens niet veel aarde aan de dijk als ik zeg dat wij de wereld niet kunnen kennen.

 

DE NACHT VAN DE LEGUAAN

O, mijn god, zei ze,
alsof vlees van dieren geen vlees van dieren is,
treurwilgen geen treurwilgen
en orchideeën geen orchideeën zijn
zonder het bestaan van woorden in een boek.
O, roep toch niet de hulp in
van een wrede, seniele delinquent,
brulde de dronken priester
en ik boog mijn hoofd en huilde.

 

Vrij naar Tennessee Williams, John Huston en Richard Burton.

ANNA MAGNANI, MARLON BRANDO: THE FUGITIVE KIND

Een film waar ik vaak aan terugdenk is ‘The Fugitive Kind’, van Sydney Lumet, met Marlon Brando, Anna Magnani en Joanne Woodward. Het is een bewerking van ‘Orpheus Descending’, een toneelstuk van Tennessee Williams. Het lied ‘Blanket Roll Blues’ dat in de film voorkomt werd later gecoverd door Scott Walker, op ‘Climate Of Hunter’.

‘The Fugitive Kind’ is het verhaal van een gitarist-zwerver uit New Orleans die zijn leven in de marge vaarwel zegt en toevallig in een klein stadje in de staat Mississippi terechtkomt, waar de sfeer typisch Tennessee Williams-broeierig, neen, schroeiend heet is. De diepere laag is meteen zichtbaar: Orpheus daalt af naar Hades, op zoek naar Euridyke. Marlon Brando draagt een slangenleren jekker, zoals het Orpheus betaamt, een jasje dat later weer opduikt in Wild At Heart van David Lynch (om de schouders van Nicholas Cage). De lier verving Sydney Lumet (of Tennessee Williams) door een gitaar. Er wordt prachtig geacteerd in de film, vooral door Anna Magnani en Joanne Woodward. Marlon Brando vertelt in zijn autobiografie, ‘Songs My Mother Taught Me’, dat Tennessee Williams in die periode aanvallen van depressie bestreed met allerlei pillen en alcohol. Wat Brando onthult over de twaalf jaar oudere Anna Magnani is lichtjes beledigend maar vooral grappig. Ik kan het niet navertellen. Het verhaal staat op pagina 262 van de autobiografie en eindigt met Marlon Brando die, om aan La Magnani’s omhelzing te ontsnappen, haar zo hard als hij kan in de neus knijpt, alsof hij een citroen uitperst. Desondanks een indrukwekkende film.

 

TROOST VAN VREEMDEN

Wat heb ik me op de hals gehaald toen ik zei dat ik nader zou ingaan op de troost van vreemden. Er is al zoveel over geschreven, door de eersten de besten, dat zeker, want die schrijven over alles, maar ook door gewoonweg de besten, zoals Ian McEwan, Tennessee Williams, Sophocles, Julia Kristeva en Neil Young. Ian McEwan’s tweede roman, als ik me niet vergis, heet The Comfort Of Strangers, en gaat, opnieuw als ik me niet vergis (want het is lang geleden en ik ben niet op die manier wetenschappelijk ingesteld dat ik voor alles meteen ‘mijn’ bronnen ga raadplegen), over een gehuwd stel dat te zeer ‘gehuwd’ is. Twee mensen die met elkaar verstrengeld, vergroeid zijn, één lichaam en één geest. In Venetië (of is het een andere stad; ik denk dat ik ook een verfilming van dat boek heb gezien) ontmoeten ze een ‘vreemde’, een sadistische man, en zijn zeer beschadigde masochistische vrouw. Die ontmoeting wordt hun noodlot.

Ik haal er toch even het boek bij, om te zien hoe het afloopt. Het einde vergeet ik altijd. Waarschijnlijk omdat ik zelf geen einde wil. Ik wil dat alles doorgaat, een toneelstuk, een film, een gesprek, een party, seks, alles. Het leven op aarde, vooral. Ik heb het meteen gevonden. 140 frank heb ik ervoor betaald, een mooie ingebonden versie, uitgegeven bij Jonathan Cape in 1981. Inderdaad, de tweede roman van Ian McEwan, de eerste was The Cement Garden, met Charlotte Gainsbourg. Ach, neen, dat was de film. Excuses. Verwarring. Wel een mooi boek, toch, daar niet van. Alle boeken van Ian McEwan zijn mooie boeken, en zo goed geschreven; ik hoop dat ze de tijd zullen trotseren. Dat nog veel vreemden ze zullen koesteren, later, als wij er niet meer zijn om de loftrompet te steken.

Maar ik dwaal af, dat komt ervan, zoveel jasmijnthee drinken is ook weer niet goed. The Comfort Of Stangers, daar ging het over. Wat staat hij nog jong en onschuldig afgebeeld op het jacket (ik vind nu even het Nederlandse woord niet voor ‘jacket’, dat krijg je met al dat geschrijf op flickr en van die toestanden, je vergeet de woorden van je moedertaal, een erge zaak, waar we echter niet dood van gaan). Ja, het eindigt met Mary’s identificatie van het lichaam. Haar man, Colin, is dood, vermoord door de ‘vreemden’ in de vreemde stad.
En wat lees ik op de laatste bladzijde? “But she explained nothing, for a stranger had arranged Colin’s hair the wrong way. She combed it with her fingers and said nothing at all.”
Ik blader nu terug naar bladzijde 76:
“Now men doubt themselves, they hate each other. Women treat men like children, because they can’t take them seriously.”
Beste lezer, denk nu niet dat dit een standpunt van de schrijver is, want dat is niet zo. Dit is de stem van een personage, bedacht door een nog zeer jonge, enigszins idealistische, bijna feministische schrijver.
Hoe het ook zij, ver ben ik nog niet gekomen met mijn troost van vreemden. En hoe zit het dan met Blanche Dubois in ‘A Streetcar Named Desire’? Ik zou het kunnen navertellen, maar ik citeer liever, dat is eerlijker:

“DOCTOR [to the MATRON] Let go.

[The MATRON releases her. BLANCHE extends her hands towards the DOCTOR. He draws her up gently and supports her with his arm and leads her through the portières.]

BLANCE [holding tight to his arm] Whoever you are – I have always depended on the kindness of strangers.

[The poker players stand back as BLANCHE and the DOCTOR cross the kitchen to the front door. She allows him to lead her as if she were blind. As they go out on the porch, STELLA cries out her sister’s name from where she is crouched a few steps upon the stairs.]”

Blanche legt haar lot in de handen van een dokter, zeer waarschijnlijk zal ze korte tijd later al een elektroshockbehandeling krijgen, maar dat weten we niet met zekerheid, want hier houdt het stuk van Tennessee Williams op. Blanche vertrouwt op de troost (of de vriendelijkheid) van vreemden, maar hoe komt dat? Blanche is zwak, zenuwziek (zo werd dat toen genoemd), neurotisch; ze gedraagt zich alsof ze blind is. Als je blind bent voor de werkelijkheid, als je niet wil zien wat om je heen gebeurt, als je in een illusionaire wereld leeft, dan worden de vreemden, hoe vijandig ook, je vrienden. Als je geen vrienden hebt, vind je ze wel uit.
Om eerlijk te zijn: ik bevind me op een dood spoor. Het wordt donker rondom me. Waar ben ik? Is dit het punt waar de wegen kruisen? Wie komt daar op me af? Vijand of vriend? Een oude man, een vreemde vent?

“Wee en nogmaals wee! Hoe steekt in mij meteen de prikkel van de pijn en de herinnering.” (Sophocles, Koning Oedipus).

Rimpelingen

"Schrijven is je herinneren wat nooit is gebeurd." Harry Mulisch

Hardnekkige melodietjes

Kirstin Vanlierde

Devriese

Stukjes van nu en columns van vroeger

ViLT

ViLT : Elke Dag Verse Lyriek

hotfox63

IN MEMORY EVERYTHING SEEMS TO HAPPEN TO MUSIC -Tennessee Williams

Marjon werkt.

Pijn en poëzie op de werkvloer.

Pierewit

Verschijnt nu en dan weer niet.

reddend zwemmen

weblog van rob van essen

KOTSEN OP WOENSDAG

ALLE ANDERE DAGEN BEN IK BEST OKÉ

Aanlegplaats

thuishaven voor blogs vol literair talent

Johan De Crom

Politieke meningen, prozaïsche strelingen

(Botho) Straussian

composition/Neue Musik, noise, techno, field recording

Dichtertje

EEN MANIER VAN KIJKEN...

Boekenwulf

Lezen, een open deur naar een betoverde wereld - François Mauriac

HOOCHIEKOOCHIE

kroniek van een kamertjeszondaar

deintro.wordpress.com/

Uw introductie in muziek

bijgekleurd

een wereld in zwart en wit is ook maar grijs

musings on films

in-depth approaches to cinema

catherineciseaux

teksten, illustraties, cartoons, schilderijen

Nogevenlezen.nl

Verhalen van Sandrijn Swarts

BERTJENS

Zij. Diversen.

Ben Joosten

Nunc Est Scribendum

Johnny B.

He not busy being born, is busy dying.

eleventweleven straatsalaat

11antfroggies schaaflicht doebiedoebie

JAN GEERTS

- dichter, verder, maar vooral dichter -