ROCK AND ROLL IN 2012: TWINTIG VOORBEELDIGE PLATEN

VOORBEELDIGE PLATEN.jpg

Ry Cooder, Boomer’s Story

Ben ik ooit avontuurlijk geweest? Dat valt te betwijfelen. Als nieuwsgierigheid een vorm van avontuurlijkheid is, dan wel. In bepaalde opzichten ben ik wellicht nog altijd nieuwsgierig. Mensen veranderen niet fundamenteel. Een leven is een herhaling van patronen. We zijn verslaafd aan onze gewoontes, die we soms onze voorkeuren durven noemen. Als ik op reis ga, ga ik naar Cadiz, Porto, Barcelona of New York. Oorden die ik ken, waar ik mijn weg vind, en die me desondanks blijven verrassen. Het onbekende schrikt me niet af, het laat me onverschillig. Ik ben niet conservatief maar wens dat België blijft bestaan. Waarom zou iets moeten veranderen als het enigszins voldoet? Ondanks de lamlendigheid en banaliteit die mijn land zo vaak tentoonspreidt heeft het mij nooit echt teleurgesteld. Ik lees liever ‘Le Rouge et le noir’ nog een keer dan ‘Vijftig tinten grijs’, en zeker niet alleen vanwege de kleuren. Wat als nieuw wordt bestempeld – zeker in de media – is vaak niets anders dan aantrekkelijk verpakte onzin. Alleen enkele vrienden vertrouw ik in hun advies. Als zij me zeggen, je zou dit boek eens moeten lezen, dan geloof ik hen. Zelden ben ik dan teleurgesteld. Ook in mijn muzikale smaak ben ik niet avontuurlijk. Ik ga niet op zoek naar het nieuwe omdat het nieuw is. Wat ik kies en waarom ik dat doe is het resultaat van een lang proces; noem het leven, of ervaring. Omdat ik weet dat er weinig nieuws is onder de zon, omhels ik meestal wat mij bekend is. ‘Cool’ zijn, ‘modieus’, ‘smaakvol’, dat laat ik aan anderen over, aan de vele mensen met meningen, overtuigingen, inzichten, fijne manieren. Ik ben heel tevreden met wat gewoon is en alledaags. Ik ben een heel gewone mens.

Dit zijn de langspeelplaten – sommige duren echt veel te lang – die ik dit jaar graag heb gehoord. Ik vermoed dat deze lijst er over twee maanden nog ongeveer hetzelfde uit zal zien. Maar misschien ook niet. Je weet maar nooit.
1.  Ry Cooder – Election Special

2.  Richard Hawley – Standing At The Sky’s Edge

3.  Patti Smith – Banga

4.  First Aid Kit -The Lion’s Roar

5.  Tindersticks – The Something Rain

6.  Cat Power – Sun

7.  Great Lake Swimmers – New Wild Everywhere

8.  Alabama Shakes – Boys & Girls

9.  Calexico – Algiers

10. Bob Dylan – Tempest

11. Neneh Cherry & the Thing – The Cherry Thing

12. Dr. John – Locked Down

13. Sun Kil Moon – Among The Leaves

14. Simone Felice – Simone Felice

15. Neil Young & Crazy Horse – Americana

16. Chuck Prophet – Temple Beautiful

17. Father John Misty – Fear Fun

18. Perfume Genius – Put your back N 2 It

19. Beach House – Bloom

20. Lambchop – Mr. M

    leven, avontuur, nieuwsgierigheid, voorkeuren, keuzes, smaak, rock and roll, top-20, cd's, elpees, 2012

Kurt Wagner, Lambchop.

Ω

Oorspronkelijk gepubliceerd op 20-10-2012.

HET GEHEUGEN, HET ZELF EN DE TIJD

IMG_5797 (2)

Is de tijd gekomen om een balans op te maken van mijn leven? Het zou niet de eerste keer zijn. Een kritisch ‘onderzoek’ dat licht moet werpen op het nu. Wat doe ik, waarom doe ik het? Wat zijn mijn beweegredenen? Verwerpen wat dient te worden verworpen. Het is een gevecht met mezelf, een afrekening ook, bijna zoals je met een vijand afrekent. Waar en wanneer heb ik mezelf iets voorgelogen? Welke conclusies, welke handelingen waren verkeerd? Het is een moeilijke opdracht, maar wellicht noodzakelijk.
Is er in mijn wereld nog plaats voor idolen? Valse idolen moeten van hun voetstuk vallen – en welke idolen zijn echt?
Op dit ogenblik heb ik de indruk dat ik me tot dusver voornamelijk met bijkomstigheden heb beziggehouden, dat ik dus eigenlijk veel van de mij toegemeten tijd heb verspild. Dan is het echt wel nodig om vanaf nu voor de tijd die me nog rest in de richting van de ‘essentialia’ te gaan.
Waarom zit ik hier, in dit appartement, in deze kamer, die ik zoveel als mogelijk heb ingericht naar mijn eigen smaak? Wat heeft die smaak te betekenen? Ben ik dat, druk ik mezelf daar in uit, of is het een toegeving aan dwingende factoren waar ik geen vat op heb? Want heel vaak lijkt die smaak verkeerd, heel vaak heb ik de indruk dat ik in de verkeerde kamer zit, dat bijvoorbeeld al die boeken weg zouden moeten, dat een quasi lege ruimte veel meer aan mijn ‘karakter’ zou beantwoorden.
Heeft het weinige wat ik nu doe – en het is echt minimalistisch – enig belang in het geheel van mijn bestaan en in het grotere geheel waar mijn bestaan een – slechts bij wijze van spreken – microscopisch deeltje van vormt: de wereld, de geschiedenis, het universum? In zekere zin is deze vraag tevens een antwoord. Maar zo’n uitspraak zegt weinig.

Een gevecht met mezelf is een gevecht met mijn verleden, met mijn geschiedenis. De vragen zijn wapens die kunnen verwonden, doden zelfs. In hoeverre ben ik het zelf die ze stel, en komen ze niet als vreemde voorwerpen in mijn hoofd terecht, opgedoken uit het duistere, onbekende? Voel ik nu een behoefte aan controle? Het vragen zelf is problematisch, de manier waarop een vraag wordt geformuleerd is altijd op zijn minst gedeeltelijk bepaald door vormen uit het verleden.

Er is niets dat niet is aangetast door de tijd. Er bestaat geen vacuüm waarin voorwerpen en gedachten onaangeroerd bewaard blijven. Er is geen positie van waaruit we gevoelloos en objectief kunnen terugkijken op wat was, op wat we hebben verricht of nagelaten. Het geheugen zelf faalt, omdat het net zo goed aan de tijd is onderworpen. Zijn zuivere en juiste herinneringen mogelijk? Als ik me niet vergis dacht Proust van wel. Misschien is het hoogmoedig van mij om Prousts hypothese te betwijfelen, maar zo is het nu eenmaal. Ik geloof er niet in. Wij vervormen alles. Van A maken wij A kwadraat en B geven we  – misschien onterecht – een negatieve waarde.

Gelukkig, zeggen we meer dan eens, is er vergetelheid. Zelfs essentiële gebeurtenissen uit ons leven, vooral uit de kinderjaren, kunnen we vergeten – soms voor altijd, ook een lange psychoanalyse weet ze niet weer op te rakelen. Zo’n falen werpt een schaduw op elke ‘verhelderende’ herinnering, op elke analytisch-onderzoekende, kritische terugblik. Er is zelden helderheid, ook al kauwt de halve wereld op het woord ‘verlichting’. Iemand heeft het licht uitgedaan, er schijnen alleen nog wat waakvlammetjes te branden. We kunnen wel geregeld de aangename indruk krijgen dat we onszelf wat beter kennen – we zijn oud genoeg om het nu wel te weten – maar zeker kunnen we daar nooit van zijn.
Wij leven in een politieke en culturele wereld waar het geheugenverlies toeneemt. Wijst dat niet op verval en ontbinding?

Als ik aan een gevecht denk, denk ik meteen ook aan een reis. Het afrekenen waarover ik het hierboven had gebeurt tijdens een reis door de tijd. Ik reken af met mijn vijand, de vijand in mij, en tegelijk reken ik af met stukken tijd, met ‘het verleden’, waarvan ik niet weet of het wel het juist herinnerde verleden is. Ik heb dan wel oude, vermolmde normen en waarden verworpen, maar wat ik overhoud is onzekerheid en chaos. Daar moet ik het mee doen, daar moet ik mijn toekomst op bouwen. Een moeilijk begin voor een tweede of derde adem. Maar als het moet spreek ik mezelf wel tegen.

Foto: Martin Pulaski, 2007.

MUZIEK: JE MOET ZELF MAAR KIEZEN WAT JE MOOI VINDT

De website Last-fm laat mij elke week zien welke mijn favoriete muzikanten, elpees en songs zijn. Het is is een soort van alternatief marktonderzoek van mijn ‘onbewuste’ muziekkeuze. Maar houd ik echt zoveel van Vashti Bunyan? Helemaal niet. Ik zou zelfs niet één titel van een lied van deze zangeres kunnen noemen. Dat noemen van titels en namen wordt trouwens hoe langer hoe moeilijker. Think! Maar ik weet weliswaar dat ik van the Rolling Stones, Bob Dylan, the Who, Fairport Convention, Hank Williams en Aretha Franklin nog altijd zonder nadenken tientallen titels zou kunnen noemen.

Ik zit nu na te denken over een bewuste en noodzakelijke – noodlottige – lijst van favoriete platen in plaats van een onbewuste en toevallige. Maar het hangt toch altijd allemaal af van het moment, van het seizoen, van de stand van de sterren en de maan, van de armen van je geliefde en van de inhoud van je glas. Niets is definitief. (Zelfs god is ooit gestorven. Niemand schijnt daar nog wakker van te liggen, maar in de 19de eeuw was dat pagina één-nieuws. Nu hebben we Tom Boonen en Bush.)

Daarnet hoorde ik Shine van Daniel Lanois. Ik kreeg er geen kippenvel van, maar volgende week behoort Lanois wellicht bij mijn select clubje. Te mooi om waar te zijn. Wat me wel tot tranen toe ontroerde vanavond was Innocent When You Dream van Tom Waits, zoals het lied ‘gebruikt’ wordt in Wayne Wangs en Paul Austers morele fabel Smoke. Te waar om mooi te zijn. Tom Waits? Ja. Wayne Wang? Ja. Paul Auster? Ja. Met deze lofbetuiging en deze droom zeg ik u tot ziens, mesdames et messieurs.