INTIMITEIT: DE PENIS VEROVERT HOLLYWOOD

In the Cut jane campion

Als voorproefje op mijn bemoeienissen met Slavoj Zizek wil ik graag even iets citeren uit ‘Welkom in de woestijn van de werkelijkheid’. De filosoof gaat in op Hanif Kureishi’s ‘Intimacy’. Lange tijd was deze Britse schrijver, met zijn aparte en tolerante standpunten, mijn steun en toeverlaat. Vooral ‘The Buddha Of Suburbia’ en ‘The Black Book’ hebben mij zeer geboeid. De voorbije jaren is Kureishi, zoals veel tegencultuurmensen die in de jaren ’60 zijn opgegroeid, steeds meer zijn heil gaan zoeken in een magische en seksuele ruimte, weg van de wereld en de werkelijkheid. ‘Intimacy’ is daar een goed voorbeeld van: een man en een vrouw neuken elkaar keer op keer zonder dat ze elkaar kennen. Ze zoeken in elkaars lichaam de extase op, en die anonieme daad moet dan de revolutie voorstellen. Kureishi heeft zich daarmee ver verwijderd van de ‘dancing in the street’- ideologie en van de kleine, zwervende gemeenschappen die de wereld zouden veranderen. Vergelijk de film ‘Intimacy’ met ‘Themroc’ en je weet wat ik bedoel. In ‘Themroc’, een tegenculturele film, werden geen geslachtsorganen getoond, in ‘Intimacy’, een mainstreamfilm, wel. Dat laatste wordt overigens bon ton, zelfs in het nieuwe Hollywood. Nog deze avond zag ik de doorgaans brave Meg Ryan toekijken hoe een al even naamloze vrouw in het toilet van een nightclub een man een blowjob gaf, met een close up van de penis in erectie. Ik heb het over de commerciële film ‘In the Cut’ van Jane Campion. In de ‘dancing in the street’-ideology was een penis in een film op zijn minst een metafoor voor de bevrijding van Eros en een uitdaging van de gevestigde Thanatos-orde. Nu is dezelfde – of een andere, het aanhangsel van een doublure – penis een doodgewoon object in de snelcomsumptiegemeenschap. In dit verband, en meer bepaald naar aanleiding van ‘Intimacy’ schrijft Zizek het volgende:
“Zich terugtrekken in de privé-sfeer betekent vandaag de dag dat men de formules van een persoonlijke authenticiteit overneemt die de recente cultuurindustrie in omloop heeft gebracht – van het les nemen in geestelijke verlichting en het volgen van de laatste culturele en andersoortige modes, tot aan jogging en body-building. De uiteindelijke waarheid van de terugtrekking in de privé-sfeer is de publieke bekentenis van intieme geheimen in een tv-show. Tegenover dit soort privacy moeten we benadrukken dat het uitvinden van een nieuwe collectiviteit vandaag de enige manier is om uit de ketenen van ‘vervreemde’ verdinglijking te breken.”

Volgens Zizek, in het interview in Magazine Littéraire, leven we niet langer in een consumptiemaatschappij. Typische hedendaagse koopwaren zijn koffie zonder cafeïne, bier zonder alcohol en room zonder vetstoffen. Zizek ziet daarin angst voor het consumeren. De mensen willen wel, maar ze weigeren er de prijs voor te betalen. Hij vergelijkt dit in een snelle, maar terechte, gedachtesprong met de zogenaamde tolerantie. De tolerantie is in werkelijkheid intolerantie. Het subject vouwt zicht terug in zichzelf, wordt narcistisch; het bouwt zich op op de angst voor de nabijheid van de anderen. Hij verwijst daarbij naar Kierkegaards vraag en antwoord: “Wie is de naaste die men moet beminnen?”. “Degene die dood is.”

Ondertussen in het Oosten:
penis

Foto boven: Meg Ryan in In the Cut van Jane Campion

VERLANGEN

psychoanalyse,god,justine henin,zizek,freud,lacan,verlangen,gesprek,magazine litteraire

Vandaag las ik in Magazine Littéraire een interessant interview met Slavoj Zizek. Omdat het thema van de maand van het tijdschrift ‘het verlangen’ is, gaat het gesprek daar ook voornamelijk over. Zizek heeft een bijzonder originele kijk op de maatschappij waarin wij leven, die vaak als een ‘consumptiemaatschappij’ wordt aangeduid. Ook over Freud en Lacan heeft hij ongewone en vooral boeiende dingen te vertellen. De filosoof verwijst in het interview meermaals naar zijn boek ‘Welkom in de woestijn van de werkelijkheid’, een werk dat diepe indruk op me heeft gemaakt, en waarschijnlijk ook sporen heeft achtergelaten in mijn teksten. Ik ben nu echter te moe om mijn bedenkingen bij het gesprek nog neer te schrijven. Ik heb geen zin in gewauwel.

Er werd nochtans veel bij me wakker geschud, omdat het verlangen en de psychoanalyse thema’s zijn die me nauw aan het hart liggen (en niet alleen theoretisch) . We zijn echter maar splinters in de vinger van god, bij wijze van spreken. Waarmee ik wil zeggen – want ik geloof in geen enkele god – dat we niet sterker kunnen zijn dan we zijn en niet meer kunnen doen dan we doen. Ik denk in dit verband meteen aan Justine Henin, die vandaag alles heeft gegeven wat ze kon, maar toch het onderspit moest delven, omdat haar tegenstreefster sterker en, waarschijnlijk, minder moe was. Ik heb vol bewondering naar haar spel – en natuurlijk ook dat van Mauresmo – zitten kijken, of ze nu aan de winnende of aan de verliezende hand was.

Luister, ik kan vandaag niet het veld op. Morgen of maandag kom ik hier echter op terug. It seems like a mighty long time. Maar zo is het leven.