ZAL IK DAN TOCH MAAR ALLES BEWAREN?

years of music silent against a wall

In mij vechten – onder meer – twee naar het mij voorkomt onverzoenlijke tegenstellingen. Ik wil zoveel mogelijk bewaren maar ik wil me ook van zoveel mogelijk ontdoen. Dat laatste lukt me echter maar zelden. Ik blijf me met ‘ballast’ omringen en tegelijk is er het verlangen naar een lege ruimte.

Een kamer vol boeken. Een lege kamer. Wat zal het zijn? Een overvloed aan woorden of de leegte van zen?

Misschien is het daarom dat ik zo graag reis: dan ben ik weg van al het gewicht dat mij omringt en mij terugzuigt naar het verre of minder verre verleden. Er bestaat trouwens, zoals waarschijnlijk voor veel mensen, een verschil tussen de voorwerpen die ik bewaar. Sommige objecten hebben een sterke emotionele waarde, andere een minder sterke, nog andere betekenen eigenlijk helemaal niets. Bepaalde objecten kunnen als ik ze toevallig terugzie meteen heel sterke herinneringen oproepen. Landschappen, geuren, een lied, een gesprek. Zo vind ik dan altijd weer een gegronde reden om veel voorwerpen te bewaren. Want hoe weet ik van tevoren welke objecten een sterke emotionele geladenheid zullen hebben? Het is alsof alles wat ik heb aangeraakt een magische betekenis heeft gekregen. Het hoort bij mij, het is deel van me geworden en daarom kan ik er niet van scheiden.

Eigenlijk kan ik van niets en niemand scheiden. Mijn angst voor de dood is zo groot onder meer omdat ik dan van alles en iedereen afscheid moet nemen, van elk ding afstand moet doen. Misschien wordt mijn angst voor het einde kleiner als ik nu al de stap durf te zetten om bepaalde voorwerpen te verwijderen? Ik zou bijvoorbeeld De Slegte eens kunnen laten langskomen. De meeste dingen die ik heb verzameld zijn vanuit financieel oogpunt volkomen waardeloos. Voor een cd die je ooit twintig euro hebt betaald krijg je er nu nog twee – of helemaal niets. Voor boeken geldt hetzelfde. Overigens ben ik er niet toe in staat om waardevolle dingen, zoals een huis of een beeldhouwwerk, te kopen: die zouden mij nog meer aan de wereld binden, vermoed ik. Hoe kun je ooit weggaan uit een huis, waar het warm is in de winter, of uit een tuin, waarin je onder een boom kunt schuilen voor de brandende zon?

Foto: Martin Pulaski, Zelfportret met verzameling.