POP 1980: EXTASE, ANGST EN BEVEN

lydialunch1

Op de voor mij belangrijkste gebeurtenissen van 1980 kom ik later nog uitgebreid terug. Goed voor mij was dat ik eindelijk opnieuw betaald werk had. Ook voor Senga was dat zo. Toch speelde ons privéleven zich nog grotendeels in het nachtelijke Antwerpen af. Een levenswijze in de marge, ongezond en soms gevaarlijk. Tot onze grote spijt werd het mooie huis in de Dolfijnstraat verkocht. Onnadenkend verhuisden we naar een klein dakappartement (twee kamers) in de Lamorinièrestraat. In de zomer was het er snikheet, in de winter niet warmer dan 16 graden. Als ik zat te schrijven verwarmde ik mijn voeten met een broodrooster. Er was maar plaats voor één eenpersoonsbed. De tequila smaakte er geweldig.

De beste elpee van 1980, London Calling van the Clash, staat niet in de lijst: ze is eind 1979 uitgekomen. Een concert van Captain Beefheart in Brussel dat jaar zal me altijd bijblijven. Sound Affects van the Jam kon me elke dag weer blij maken. The Psychedelic Furs waren helemaal niet psychedelisch, maar hun muziek was anders dan die van de rest, ook al kon je er de invloeden meteen uithalen. Richard Butler en zijn kompanen hadden een geheim ontsluierd dat niemand voor hen gehoord had. Wie zal zeggen wat het was? Herinnert iemand zich nog Blue Angel? De zangeres van de band was Cyndi Lauper, bijgenaamd De Stem.

2020-08-17-elpees 008

  1. Get Happy!! – Elvis Costello & the Attractions
  2. Closer – Joy Division
  3. Scary Monsters (And Super Creeps) – David Bowie
  4. Remain in Light – Talking Heads
  5. Doc At The Radar Station – Captain Beefheart
  6. Common One – Van Morrison
  7. Second Album – Suicide
  8. The River – Bruce Springsteen
  9. Sound Affects – The Jam
  10. Le Chat Bleu – Mink DeVille
  11. Boys Don’t Cry /Seventeen Seconds – The Cure
  12. The Psychedelic Furs – The Psychedelic Furs
  13. Emotional Rescue – Rolling Stones
  14. Sandinista! – The Clash
  15. The Up Escalator – Graham Parker & The Rumour
  16. Queen Of Siam – Lydia Lunch
  17. Hypnotized – The Undertones
  18. Gaucho – Steely Dan
  19. End Of The Century – The Ramones
  20. Heartattack And Vine – Tom Waits
  21. Pretenders – Pretenders
  22. Alan Vega – Alan Vega
  23. The Art of Walking – Pere Ubu
  24. Fireside Favourites – Fad Gadget
  25. Blue Angel – Blue Angel
  26. I Just Can’t Stop It – The Beat
  27. T.T. – Fela Kuti & Africa 70
  28. Defunkt – Defunkt
  29. Hawks & Doves – Neil Young
  30. Stand in the Fire / Bad Luck Streak In Dancing School – Warren Zevon
  31. Colossal Youth – Young Marble Giants
  32. The Correct Use Of Soap – Magazine
  33. Are You Glad To Be In America? – James Blood Ulmer
  34. Arc Of A Diver – Steve Winwood
  35. Crocodiles – Echo & The Bunnymen
  36. Kilimanjaro – The Teardrop Explodes
  37. The Return Of The Durutti Column – The Durutti Column
  38. Warm Leatherette – Grace Jones
  39. Ambient 2: The Plateaux Of Mirror – Harold Budd & Brian Eno
  40. Kaleidoscope – Siouxsie And The Banshees

2020-08-17-elpees 012

Ook boeiende elpees uit 1980: The New Age Steppers – New Age Steppers, Storm Windows – John Prine, Paris Au Printemps – Public Image Ltd., American Music – The Blasters, Diana – Diana Ross, Flesh And Blood – Roxy Music, Jane From Occupied Europe – Swell Maps, Back To The Barrooms – Merle Haggard, The Monkey Puzzle -The Saints, Bass Culture – Linton Kwesi Johnson, Love Zombies – The Monochrome Set, Hell Of A Spell – Doug Sahm, Pauline Murray And The Invisible Girls, Crawfish Fiesta – Professor Longhair, Fourth World, Vol. 1: Possible Musics – Jon Hassell & Brian Eno, Lio – Lio, Truth Decay – T-Bone Burnett, Songs The Lord Taught Us – The Cramps, Saved – Bob Dylan, AutoAmerican – Blondie, Off The Coast Of Me – Kid Creole And The Coconuts, The Long Riders (Original Sound Track) – Ry Cooder, Roses In The Snow – Emmylou Harris, Growing Up In Public – Lou Reed, Jeopardy – The Sound, Too Much Pressure – The Selecter, Borderline – Ry Cooder, Red Exposure – Chrome

bowie

1977: KENTERING OF REVOLUTIE?

punkelpees 011

1977 was – in de woorden van Van Morrison – ‘a period of transition’. Maar meer nog was dat jaar een nieuw begin: in popmuziek en populaire cultuur vond een soort van revolutie plaats. Al is revolutie een groot en vaak misbruikt woord. Zeker veranderde er nogal wat ten goede, ook in mijn eigen leven. Na acht jaar verblijf in Brussel verhuisde ik naar mijn geboortestad Antwerpen om daar samen met mijn geliefde op zoek te gaan naar iets nieuws, al wisten we nog niet goed wat dat nieuwe dan wel zou wezen. Tegelijk ging het om een lokroep van de oude wereld, de mij zo vertrouwde wereldhaven en de weidse Schelde. Ik was net geen 27 maar het leek of ik al een half leven achter de rug had. Toen we die zomer ‘ons’ huis in de Dolfijnstraat aan het schilderen waren hoorde ik opeens opnieuw echte rock and roll. Om ons tijdens die werken van wat arbeidsvreugde te voorzien luisterden we naar een krakkemikkige transistorradio, ongeveer hetzelfde model als waarop ik in 1965 voor het eerst Like a Rolling Stone, Come See About Me en I Got You Baby had gehoord.
Zoals ik al eerder schreef had ik de voorbije jaren recente popmuziek grotendeels de rug toegekeerd. Dat was niet alleen een gevolg van tijdgebrek of van teveel andere interesses. Ik was niet de enige die vond dat er in rock en pop nog maar weinig spirit, rebellie en avontuur te vinden was. Het is mogelijk dat andere muziekliefhebbers wel iets avontuurlijks hoorden in wat voor ons bombast, egocentrisme en algemene uitverkoop was. Wat was er gebeurd met de opwinding van het prille begin, van de energie van singles op Specialty, Sun, Atlantic, King en andere kleine platenlabels? Waar hoorden we nog sporen van de primal scream Little Richard, van de opstandige blue jean baby Gene Vincent, van de duivelse orkaan Jerry Lee Lewis, van de spitsvondige verteller Chuck Berry, van de nerveuze en gevaarlijke Eddie Cochran, van de zachtere en melodieuze Buddy Holly, van de dynamiteuses Big Mama Thornton, Wanda Jackson en Brenda Lee, van de honingzoete fat man uit New Orleans Fats Domino – en van de synthese die Elvis Presley [1] van dat alles aan de wereld schonk? Bovendien leek er een einde gekomen te zijn aan de bewustzijnsverruimende experimenten die de tweede helft van de jaren zestig zo bijzonder maakten.

Punk was het korte en bondige antwoord. Punk rock greep terug naar de garagerock van de sixties (zoals te horen op de hier al genoemde dubbele verzamelaar Nuggets: Original Artyfacts From The First Psychedelic Era 1965-1968, in 1972 samengesteld door Lenny Kaye), en naar de beginperiode van bands als the Kinks, the Who en the Pretty Things. Jaren later zag de historicus Greil Marcus het verband tussen punk en de situationistische beweging van Guy Debord, een revolutionaire groep van kunstenaars, schrijvers en filosofen die zich in de jaren vijftig en zestig tegen de spektakelmaatschappij verzette [2]. Punk was opnieuw drie akkoorden en de waarheid en ‘this machine kills fascists’. Tegelijk was het meer dan dat – en zelfs minder: DIY, twee akkoorden, helemaal geen akkoorden, anarchisme, nihilisme, geschreeuw en geblaf. Punk was leven tegen de dood van het conformisme. De rebelse jukebox werd heruitgevonden. Je hoorde en zag opnieuw de aantrekkingskracht van neonlichten, donkere steegjes, gevaarlijke wijken, perverse seks, drugs, de schittering van de grote stad.

Naast punk was er nog een tweede antwoord op de vraag naar avontuur en vernieuwing. Dat was die van het experiment met geluid, van onderzoek in de opnamestudio’s, van elektronica, van dub. Een van de grootmeesters wat dat betreft was de bescheiden Brian Eno, met zijn oblique strategy en zijn ambient sounds. (Uiteraard waren er meer studio wizards dan alleen Eno.) Voeg daar kunstenaars / muzikanten met een open geest aan toe, waarbij we meteen aan iemand als David Bowie denken, en je hebt een heel bijzonder klinkend antwoord dat vandaag nog steeds nazindert.

Samen met punk braken bij ons de toen nog als exotisch ervaren ritmes van ska, reggae en afrobeat door. Het werd één enorm opwindende mengelmoes van klanken in ‘onze’ Cinderella’s Ballroom in Antwerpen en in heel wat andere clubs in dit kleine land van hartstochtelijke muziekminnaars, waar elke vreemde en bizarre klank welkom was en het eigene zo vaak van ver kwam.

19 1

96 2

Over wat in 1977 in mijn privéleven gebeurde heb ik in het verleden al heel wat geschreven. Het is onnodig om dat hier nog eens over te doen. Mocht je er toch in geïnteresseerd zijn, lees dan In de rand van het verlangen, De jaren zeventig in Antwerpen en de reeks over het Pannenhuis in Antwerpen.

  1. Low / ‘Heroes’ – David Bowie
  2. Marquee Moon – Television
  3. Rocket to Russia / Leave Home – Ramones
  4. Cabretta – Mink DeVille
  5. Before and After Science – Brian Eno
  6. My Aim Is True – Elvis Costello
  7. The Clash – The Clash
  8. Talking Heads 77 – Talking Heads
  9. Suicide – Suicide
  10. The Idiot / Lust For Life – Iggy Pop
  11. Never Mind The Bollocks, Here’s The Sex Pistols – The Sex Pistols
  12. Blank Generation – Richard Hell & The Voidoids
  13. Plastic Letters – Blondie
  14. Rattus Norvegicus / No More Heroes – The Stranglers
  15. Robert Gordon With Link Wray – Robert Gordon & Link Wray
  16. Stick To Me – Graham Parker & The Rumour
  17. A Period of Transition – Van Morrison
  18. Little Criminals – Randy Newman
  19. Foreign Affairs – Tom Waits
  20. Sleepwalker – The Kinks
  21. Aja – Steely Dan
  22. Rock ‘N’ Roll With The Modern Lovers – Jonathan Richman & The Modern Lovers
  23. In The City /This Is The Modern World – The Jam
  24. Sorrow Tears and Blood – Fela Kuti
  25. Police & Thieves – Junior Murvin
  26. Just A Story From America – Elliott Murphy
  27. Hard Again – Muddy Waters
  28. Pacific Ocean Blue – Dennis Wilson
  29. Live At The Old Quarter, Houston, Texas – Townes Van Zandt
  30. The Belle Album – Al Green
  31. American Stars & Bars – Neil Young
  32. Don Juan’s Reckless Daughter – Joni Mitchell
  33. Get It – Dave Edmunds
  34. Rick Danko – Rick Danko
  35. Two Sides To Every Story – Gene Clark
  36. Steve Winwood – Steve Winwood
  37. Running On Empty – Jackson Browne
  38. Young Loud And Snotty – The Dead Boys
  39. Pink Flag – Wire
  40. Two Sevens Clash – Culture

punkelpees 008

Voor 1977 heb ik geprobeerd een lijst samen te stellen met de oren van toen. Ik heb de vernieuwende albums die dat jaar zijn uitgekomen een ereplaats gegeven omdat ze voor mij op dat ogenblik een revelatie waren. Heel wat van die baanbrekende elpees vind ik nu nog steeds prima, andere klinken gedateerd, sommige beluister ik nooit meer. Never Mind The Bollocks, Here’s The Sex Pistols is van dat laatste een mooi voorbeeld. John Lydon kan ik al lang niet meer uitstaan. Mogelijk is die afkeer begonnen na The Flowers of Romance van Public Image Limited. Sid Vicious heeft mij nooit kunnen bekoren, ik vond hem eerder een sukkel (loser is een te mooi woord), iemand die hulp nodig had. In mijn eerdere versie van deze lijst – gemaakt voor Roen Hetzwoen – had ik the Sex Pistols weggelaten. Maar achteraf vond ik dat onterecht. In 1977 was de groep van Malcolm McLaren voor ons enorm opwindend, zeker singles als Anarchy in the UK, God Save the Queen en Submission maakten ons vrolijk! Zodoende staat Bollocks nu op de plaats die die – inmiddels onschadelijk gemaakte – tijdbom verdient. Maar denk nu niet dat ik thuis alleen nog maar punkplaten draaide. Het is best mogelijk dat mijn favoriete elpee van 1977 Pet Sounds was. Zeker hield ik ook veel van het debuut van Rick Danko, van A Period of Transition (Flamingos Fly, Heavy Connection), van Sleepwalker, van het solodebuut van Steve Winwood (Midland Maniac, Vacant Chair). Sommige van de in de lijst opgenomen elpees, onder meer die van Townes Van Zandt en Al Green, heb ik pas later ‘ontdekt’.

punkelpees 006
[1] Elvis Presley overleed op 16 augustus 1977.

[2] Greil Marcus, Lipstick Traces. A Secret History of the Twentieth Century, 1989

 

 

 

 

POP 1974: FAIR PLAY

1974-albums 006vanmorrison

Inmiddels is het 1974. Wat gebeurde er in onze kleine wereld? Mijn heerlijkste muzikaal moment van dat jaar was een ontmoeting met Kevin Ayers, die ik in zijn hotelkamer in Brussel samen met mijn vriend Marc D. interviewde voor Humo. De dag ervoor, 15 augustus, zagen we hem eerst playback zingen in Nederland (voor een BRT-programma) waarna we op kosten van het Island platenlabel samen delicieus gingen eten. Kevin Ayers maakte me wegwijs in de wijnkaart, ik was een amateur, hij een kenner. Gewürztraminer bleek zijn uitverkoren wijn te zijn, naast champagne. Door Kevins toedoen ben ik een wijndrinker geworden. De zanger voelde zich wat ziek toen we hem interviewden: de drie uur dat we bij hem waren bleef hij in bed. Wat niet belette dat hij er goed uitzag én boeiende verhalen vertelde, onder meer over zijn idyllische jeugd in Maleisië, the Soft Machine, William Burroughs en zijn eigen droomtheorie uiteenzette. Om mij voor te bereiden op het interview had ik al zijn elpees uitgeleend uit de Mediatheek in de Passage 44. Ik kende zijn werk nu van binnen en van buiten. The Confessions of Dr. Dream was een hoogtepunt, vond ik. Speciaal voor de begenadigde zanger ging ik dat jaar nog een keer naar Jazz Bilzen, waar Rod Stewart en the Faces toen top of the bill waren. Ik was niet meer in Bilzen geweest sinds 1969 – dat leek net geen eeuwigheid geleden.
Mijn carrière als popjournalist was van korte duur. Een artikel waarin ik beweerde dat Mick Jagger en Keith Richards Brian Jones laffelijk hadden vermoord en dat Their Satanic Majesties Request het meesterwerk van the Rolling Stones was werd niet gepubliceerd. Dag Humo!

marc+ik-1974

Ik vond een concrete notitie terug in verband met 1973. Goat’s Head Soup van The Rolling Stones hoorde ik voor het eerst in café De Fiets, samen met mijn vrouw en onze vrienden en huisgenoten Jan D. en Nicole H. Geen idee waar dat café zich ergens bevond. In de buurt van het Sint-Jansplein? Zoveel is uit het geheugen verdwenen. Zo was ik ook vergeten dat het met Jan en Nicole was dat ik in 1973 the Rolling Stones zag optreden in het Sportpaleis in Antwerpen, mijn eerste Stones-concert en meteen een hoogtepunt in mijn leven als concertganger. Waarom ik naar Antwerpen ging terwijl ze een dag later in Brussel zouden optreden is mij een raadsel.

1974 lijkt op een in nevelen gehuld landschap, tegelijk aantrekkelijk en angstaanjagend, maar vooral mysterieus. Vanaf 1972 was ik een dagboek gaan bijhouden maar voor deze muzikale herinneringen bieden die weinig steun. In het dagboek vind ik eerder zweverige notities van filosofische aard terug; voor het merendeel zijn het beschrijvingen van dromen. Maar ook nogal wat psychologische beschouwingen over mijn huwelijk en verslagen van een aantal mystieke ervaringen. Leopold Flam had ons gestimuleerd om onze dromen te noteren; daarin had ik mij bekwaamd. Ik had ook wat opgestoken uit het Book of Dreams van Jack Kerouac, maar Ti Jean noteerde zijn dromen veel beknopter dan ik. Bij mij werden het korte, surrealistische verhalen.

Zolang je niet helemaal volwassen bent – en dat was ik zeker niet – geniet je met hart en ziel van muziek, daarna neemt dat plezier zienderogen af. Dat was althans bij mij het geval. Is er iets in het leven aangenamer dan met een vriend naar een geliefkoosd album luisteren? Mogelijk beleef je er net iets minder genot aan dan aan seks, maar het is subtieler. Er moeten dan wel langspeelplaten uitkomen die de kracht hebben om je uit het alledaagse reilen en zeilen weg te rukken en hun eigen universum binnen te voeren. Elk onderdeel van een geslaagde langspeelplaat moet aan de juiste voorwaarden voldoen om er iets magisch van te maken. Er moet samenhang zijn tussen de songs, ook als het niet om een conceptalbum gaat; het geheel moet tot de verbeelding spreken. In ideale omstandigheden, liefst met een vriend of vriendin, vergeet je dan wie je bent, waar je bent, je vergeet alles, er is alleen nog maar de ruimte van de muziek. Soms kon ik ook op mijn eentje op die manier van een volledig album genieten, eerst kant A, dan kant B, maar die tijd is lang voorbij. Als ik alleen ben zegt pop mij nog maar weinig.

In 1974 begon ik stilaan genoeg te krijgen van de meeste nieuwe popmuziek. De dood van Gram Parsons betekende voor mij het voorlopige einde van mijn fascinatie voor country; blues had ik nog niet (her)ontdekt; rock begon mij te bombastisch te worden; ik had een afkeer van wat jazzrock werd genoemd; de Duitse variant van rock had mij onverschillig gelaten (door de schuld van bepaalde tijdschriften, vooral Humo, dat erg conservatief was). Er bleef bijgevolg niet veel over. Ik begon meer naar jazz en klassieke muziek te luisteren. Meestal zat ik met mijn hoofd in de boeken en schreef aan mijn thesis (dat heet nu, geloof ik, masterproef). Eerst had ik mijn zinnen gezet op het werk van Henry David Thoreau. Ik hield van zijn Walden en vond veel inspiratie in On the Duty of Civil Disobedience. Mijn promotor, Leopold Flam, vond dat ik me op zijn dagboeken moest concentreren, maar die wekten vooral slaap bij me op. Ik dacht veel na over mijn gezin en over opvoeding. Over de rol van de vader, het patriarchaat. Zo kwam ik ertoe over het gezin te gaan schrijven en het matriarchaat te verheerlijken.
Lezen en luisteren gingen voor mij niet samen. Soms was er ’s morgens als ik brieven schreef wel muziek, wat ik toen bijna elke dag deed. In mijn brieven kwamen dan flarden uit de liedjes die ik hoorde. Dat was al sinds midden de jaren zestig zo en is blijven doorgaan tot ik geen brieven meer schreef. Het serieuze werk gebeurde en gebeurt nu zeker in volstrekte stilte.
Wat ik las stond in het teken van mijn thesis. Voornamelijk Deleuze-Guattari, Nietzsche, Ronald Laing en David Cooper. Daarnaast Walt Whitman, Alan Ginsberg, dagboeken van Anaïs Nin, verhalen en gedichten van Apollinaire, Rilke, de eeuwige Edgar Allan Poe, Jean-Paul Sartre, L’homme révolté van Albert Camus.

1974denuil-5b

In mijn dagboek van 1974 vind ik nog een stukje dat veel zegt over die tijd. Onze vrienden R. en L. waren naar Canada gevlucht; het gerecht zat achter R. aan, hij zou zeker in de gevangenis terechtkomen (wegens dealen van softdrugs). Ze woonden nu in Vancouver. Ik had maandenlang op tapes mijn beste elpees voor hen opgenomen. In mijn dagboek vond ik dit:
“Of ik ga even naar buiten, op onze binnenplaats, om een luchtje te scheppen, en ik kijk omhoog naar de majestueuze lucht vol zacht-spelende witte wolken die niemand toebehoren maar er voor iedereen zijn… R. en L. in Vancouver en wij hier in Brussel: boven onze hoofden dezelfde lucht, dezelfde wolken. En de sterren vannacht, dezelfde sterren. Ik zal ernaar kijken, jij misschien ook, R., en hun nooit aflatende schittering zal ons met elkaar verbinden, voor eens en altijd, dit mag ik nooit meer vergeten.” (…) “Niet alleen de sterren verbinden ons met elkaar, de muziek doet dat ook – en op welke wijze! De waarheid van ons bestaan wordt ons keer op keer in het oor gefluisterd door de geest van de muziek. Maar weinigen schijnen dit te horen, dit zacht gefluister. Muziek wordt meer en meer functioneel, wordt techniek, de ziel gaat verloren, er moet iets worden bereikt, ja, zelfs de muziek wordt een middel.”

Wat gebeurde er in onze grote wereld? Turkish Airlines-vlucht 981 stort neer nabij Parijs. De Anjerrevolutie in Portugal. Het einde van het kolonelsregime in Griekenland. Nixon treedt af. Haile Selassie wordt afgezet. In België oprichting van het Anti-Fascistisch Front. Rubik’s Kubus.
Dood: Duke Ellington, Jan Arends, Georges Pompidou, Marcel Pagnol, Darius Milhaud, Mama Cass Elliot, Achilles Mussche, Harry Partch, Anne Sexton, Harry Carney, Ed Sullivan, Ivory Joe Hunter, Holger Meins, Vittorio De Sica, Nick Drake.

Films: Scènes uit een huwelijk, Ingmar Bergman. Les valseuses, Bertrand Blier. The Parallax View, Alan J. Pakula. The Godfather, Part 2, Francis Ford Coppola. Chinatown, Roman Polanski. Alice in den Städten, Wim Wenders. Il fiore delle mille e una notte, Pier Paolo Pasolini. Bring Me the Head of Alfredo Garcia, Sam Peckinpah. Céline et Julie vont en bateau, Jacques Rivette. Effie Briest, Rainer Werner Fassbinder. Lacombe Lucien, Louis Malle. Lenny, Bob Fosse. Il Portiere di notte, Liliane Cavani. Sweet Movie, Dušan Makavejev. Thieves Like Us, Robert Altman. A Woman Under the Influence, John Cassavetes. Edvard Munch, Peter Watkins. Jeder für sich und Gott gegen alle (Kaspar Hauser), Werner Herzog. Le fantôme de la liberté, Luis Buñuel. The Taking of Pelham One Two Three, Joseph Sargent. Je tu il elle, Chantal Akerman. Mes petites amoureuses, Jean Eustache. Glissements progressifs du Plaisir, Alain Robbe-Grillet.

De bands, zangers en zangeressen die in 1974 voor mij nog meetelden zullen wel geëxcelleerd hebben. Dat zie je aan mijn lijst: bijna uitsluitend Grote Namen. Kimono My House van the Sparks, was niet zo groot, maar het was de favoriete plaat van mijn zoontje. Ik geloof dat hij This Town Ain’t Big Enough for Both of Us fonetisch uit het hoofd kende. Van Morrison gaf me de mogelijkheid een glimp op te vangen van een andere werkelijkheid. Soms brachten zijn songs mij in extase. Net als van Can’t Buy a Thrill kon ik van de songs op Pretzel Logic lijfelijk en intellectueel genieten. Zowel John Cale als Lou Reed bleven een grote rol spelen in mijn muzikale wereld. Voor Bowies Diamond Dogs heb ik nooit iets gevoeld. Voor It’s Only Rock and Roll van the Rolling Stones weinig. Van On the Beach en Grievous Angel ben ik pas enkele jaren later echt gaan houden. In 1974 had ik het een beetje gehad met die softies.

1974-albums 004johncale

  1. Van Morrison – Veedon Fleece / It’s Too Late To Stop Now
  2. Randy Newman – Good Old Boys
  3. Bob Dylan & the Band – Planet Waves / Before the Flood
  4. Steely Dan – Pretzel Logic
  5. John Cale – Fear
  6. Robert Wyatt – Rock Bottom
  7. Brian Eno – Taking Tiger Mountain By Strategy
  8. Roxy Music – Country Life
  9. Lou Reed – Rock ‘n’ Roll Animal / Sally Can’t Dance
  10. New York Dolls – Too Much Too Soon
  11. Gram Parsons – Grievous Angel
  12. Neil Young – On the Beach
  13. Kevin Ayers – The Confessions of Dr. Dream and Other Stories
  14. Kevin Ayers, John Cale, Nico, Brian Eno – June 1, 1974
  15. Captain Beefheart & His Magic Band – Unconditionally Guaranteed
  16. Todd Rundgren – Todd
  17. Traffic – When The Eagle Flies
  18. John – Desitively Bonnaroo
  19. Ry Cooder – Paradise and Lunch
  20. Joni Mitchell – Court And Spark / Miles of Ailes
  21. Richard & Linda Thompson – I Want To See The Bright Lights Tonight
  22. Eric Clapton – 461 Ocean Boulevard
  23. J. J. Cale – Okie
  24. Sparks – Kimono My House
  25. Jackson Browne – Late For the Sky
  26. Frank Zappa – Apostrophe (‘)
  27. John Lennon – Walls and Bridges
  28. Nico – The End
  29. Big Star – Radio City
  30. Bad Company – Bad Company
  31. Ann Peebles – I Can’t Stand the Rain
  32. Al Green – Al Green Explores Your Mind
  33. Little Feat – Feats Don’t Fail Me Now
  34. Gene Clark – No Other
  35. The Doobie Brothers – What Were Once Vices Are Now Habits
  36. Leonard Cohen – New Skin for the Old Ceremony
  37. Labelle – Nightbirds
  38. Etta James – Come a Litte Closer
  39. Pharoah Sanders – Love In Us All
  40. Willie Nelson – Phases and Stages
  41. Leo Kottke – Dreams And All That Stuff
  42. Bob Marley & The Wailers – Natty Dread
  43. David Bowie – Diamond Dogs
  44. The Rolling Stones – It’s Only Rock ‘n’ Roll
  45. Bryan Ferry – Another Time, Another Place
  46. Sam Rivers – Crystals
  47. Harry Nilsson – Pussycats
  48. Slapp Happy – Slapp Happy
  49. Doug Sahm – Groover’s Paradise
  50. Muleskinner – Muleskinner

Nogmaals: een aantal van de opgesomde elpees heb ik pas later leren kennen en waarderen. Maar van de meeste ervan hield ik toen al met hart en ziel en dat doe ik nog steeds.

1974-albums 002kevinayers

WHERE ARE THEY NOW: THE KINKS, PART 1

kinks-something2

I’ll sing a song about some people you might know
They made front pages in the news not long ago
But now they’re just part of a crowd
And I wonder where they all are now.
Where Are They Now, Ray Davies

Muziekliefhebbers hebben de neiging te overdrijven: dit is het beste concert dat ik ooit heb bijgewoond, een betere elpee dan deze is ondenkbaar, dit is een song voor de eeuwigheid, deze band staat op een eenzame hoogte, dit is muziek die de hele wereld zou moeten horen. Omdat ik zelf van muziek houd, lijd ik aan dezelfde kwaal. Je zal het al wel begrepen hebben, beste lezer: als wij melomanen dergelijke uitspraken doen moet je daar heel veel zout aan toevoegen.

The Kinks waren van in het begin een sensatie van jewelste. Toen ik de Engelse groep voor het eerst opmerkte speelden ze nog Amerikaanse rhythm-and-blues net zoals the Rolling Stones, the Animals en tal van andere Britse popgroepen. Luister maar naar hun debuut Kinks (1964) met, naast de eigen, soms naar merseybeat neigende composities, covers van liedjes van Chuck Berry, Bo Diddley en Don Covay. You Really Got Me was de uitschieter van dat eerste album, een klassiek rocknummer dat niet moet onderdoen voor Louie Louie (1963), een hit voor the Kingsmen maar oorspronkelijk van Richard Berry. Sommigen noemen You Really Got Me het startschot voor hardrock.

Van ons beatclubje in Tongeren kende niemand dat debuut. Voor ons waren the Kinks een popgroep die van de meest opwindende singles uitbracht die we ooit hadden gehoord. Als het mooi weer was wandelden we op woensdagmiddag in groep naar De Motten, een stukje groen in de stad, met een roeivijver in het midden. Daar aangekomen scheidden onze wegen zich: de meeste jongens haastten zich naar het voetbalveld, wij slenterden naar de cafetaria. De stad van Ambiorix was niet bepaald Swinging Londen maar in onze fantasie leek De Motten toch wat op Hyde Park tijdens een lekkere luie Sunny Afternoon. Kijk, daar in de verte liep Ray Davies hand in hand met een Carnaby Street-meisje. Leek ze in haar minirokje niet op Mary Quant? Rays broer Dave was op zijn kamer gebleven om nieuwe riffs te bedenken.
De uitbater van de cafetaria had een platenspeler en wij brachten een aantal van onze singles en ep’s mee. Ik herinner me nog hoe we genoten van Well Respected Man, Dead End Street, Dandy en Sunny Afternoon. Vooral van Till the End of the Day gingen onze harten sneller kloppen. Toen ik Senga pas kende en opnieuw in een betoverde wereld vertoefde was een van de eerste dingen die we samen deden naar Tongeren reizen en daar aan de vijver van De Motten een bootje huren en roeien. Het was een van die stralende zomerdagen die Ray Davies had kunnen inspireren voor een van zijn muzikale vignetten. In die periode was The Great Lost Kinks Album (1973) een van onze lievelingsplaten. Hoewel Senga en ik elkaar pas kenden waren we vreemd genoeg verslingerd aan The Way Love Used to Be op dat album.

Na die eerste ‘Amerikaanse’ elpee boordevol rhythm-and-blues werd Ray Davies opnieuw een ware Brit (of is het Engelsman, Londenaar, Muswell Hillbilly?), al was de debutantenhuid van the Kinks nog niet afgelegd. Vanaf Kinda Kinks! (1965), hoor je de typisch Kinks-sound ontstaan en krijgen de thema’s die Ray Davies nauw aan het hart lagen stilaan vorm. Wat de songs van Ray Davies onderscheidt van die van bijvoorbeeld the Beatles en de Rolling Stones is het belang van de teksten. Vergelijk zijn Big Black Smoke maar even met Under My Thumb van the Rolling Stones of I’m Happy Just To Dance With You van the Beatles [1].

Op The Kink Kontroversy (1965) heeft Ray zijn doel bijna bereikt (op fantastische songs als Till the End of the Day, Where Have All The Good Times Gone, The World Keeps Going Round en I’m On An Island). Er staan nog maar twee covers op dat album, de rest is van Ray. Met een cliché zou je hem het genie van The Kinks kunnen noemen, de Engelse songschrijver par excellence, groot voorbeeld voor die andere Britse popartiest met literaire ambities, Pete Townshend. The Kinks was echter een groep: de andere leden bepaalden mee het karakter van hun uniek soort pop, zo verschillend van de meeste liedjes die we hoorden op Radio Veronica en Radio Caroline. Laten we daarom zeker niet jonge broer en gitarist Dave Davies, bassist Pete Quaife en drummer Mick Avory vergeten. In die eerste periode kon de band bovendien beschikken over een producer die wist hoe beat en pop moesten klinken: Shel Talmy. Hoe? Scherp, afgemeten, elektrisch, soms luid, soms zachter en melodieus.

Ik herinner me dat mijn vriend Luc V. de grootste Kinks-fan van ons groepje was. Mogelijk was hij in het bezit van Well Respected Kinks (1965), op het budgetlabel Marble Arch. Hij was erg enthousiast over de nummers Don’t You Fret en Wait Till The Summer Comes Along. Dat laatste was een compositie van Dave Davies. De rest van de elpee bestond uit fenomenale hits. Mogelijk maakte een tweede Marble Arch-album, Sunny Afternoon (1966), eveneens deel uit van zijn collectie. Daarop stonden de buitenbeentjes See My Friends, dat een Indische klankkleur heeft en I’m Not Like Everybody Else, dat naar punkrock neigt.

De eerste elpee van the Kinks die ik me kon veroorloven was meteen een hoogtepunt. Face To Face (1966) is een prima samenhangend geheel van heerlijke popsongs. Wat mij betreft behoort het album bij de twintig pieken van de jaren zestig-pop. Aan alle nummers erop heb ik de mooiste herinneringen. Een voorbeeld: Rainy Day In June roept bij mij onmiddellijk een bepaalde dag aan de Zuid-Willemsvaart in Neerharen op, terwijl ik daar in de heerlijk verkoelende regen aan het fietsen ben. Ontroerend is Session Man, een ode aan sessiemuzikant Nicky Hopkins. De begenadigde pianist speelt klavecimbel op het nummer. Later zou hij naar de Verenigde Staten verhuizen, lid worden van the Steve Miller Band en Quicksilver Messenger Service – en veel te jong sterven. Alleen al om Bruno Ganz een stukje uit Too Much On My Mind – een melancholisch nummer uit Face to Face – te horen zingen kijk ik keer op keer naar Der Amerikanische Freund van Wim Wenders. De Duitser regisseur is van in het begin een Kinkofiel. Zijn eerste film, genoemd naar Summer in the City van the Lovin’ Spoonful, was opgedragen aan de groep.

Something Else (1967) was de tweede perfecte popplaat van The Kinks, met daarop het dromerige Waterloo Sunset en verder parels als Two Sisters, End of the Season en Situation Vacant. Dit album is het meesterstuk van  Ray Davies, dat hij nooit meer zou overtreffen.

kinksfacetoface3

The Kinks Are The Village Green Preservation Society (1968) en Arthur Or The Decline And Fall Of The British Empire (1969), twee concept-albums, ben ik pas enkele jaren later gaan waarderen. Mogelijk vonden wij the Kinks niet meer zo hip. Ondanks mijn bewondering voor Face to Face en Something Else bleef ik de groep als een singles-band zien en singles waren nu passé. Het is zeker waar dat in de sixties geen Engelse band mooiere singles heeft gemaakt dan the Kinks. De liedjes van Ray Davies voeren je terug naar het Londen van 1966-1967, toen die stad voor ons het gonzende op beat bonzende centrum van de wereld was. Daar moest je naartoe, daar gebeurde alles. Ray Davies was er de capricieuze, soms melancholische, heel vaak ironische kroniekschrijver van. Het was samen met hem dat we Dedicated Followers of Fashion waren, al gingen we onze kleren niet in Carnaby Street kopen maar in de Muntstraat in Swinging Maastricht.
Niet veel later besefte ik uiteraard dat ook The Kinks Are The Village Green Preservation Society en Arthur Or The Decline And Fall Of The British Empire mijlpalen in de popmuziek zijn. Village Green behoort tot mijn lievelingsplaten. Shangri-La (uit Arthur) was de begintune van ons gelijknamig radioprogramma, elke week van 1982 tot 1991 op Radio Centraal.

Toen Muswell Hillbilies (1971) uitkwam schrok de Kinks-fan in mij weer wakker. The Kinks hadden hun sound aangepast aan de nieuwe tijd en er zat zelfs een vleugje country in het voortreffelijke album. Uncle Son, over een ‘eenvoudige arbeider, is een van de tederste liedjes van Ray. Of de zanger voor of tegen de revolutie is valt uit de tekst evenwel niet af te leiden. 20th Century Man klinkt woedend maar heeft reactionaire trekjes, zeker als hij het over moderne kunst heeft. Ook hier weer dubbelzinnigheid troef, al mogen we de ironie van Ray Davies niet uitsluiten.
Lola Versus Powerman And The Moneygoround, Part One (1970) heb ik nooit naar waarde weten te schatten. Mogelijk vanwege Lola: ik ben niet zo voor meezingers. En waar is Part Two gebleven?

Vanaf Everybody’s In Show-Biz (1972), een gedeeltelijk geslaagde dubbelelpee, is Ray Davies volgens mij een beetje verloren gelopen. Waarom al die concept-albums en rockopera’s? Zeker, je treft er geslaagde songs op aan, ik denk aan onder meer Sitting in My Hotel op  Everybody’s In Show-Biz, Sweet Lady Genevieve en Where Are They Now? op Preservation Act 1 (1973) en Mirror Of Love op  Preservation Act 2.

Sterk vond ik dan weer Sleepwalker (1977) met Sleepless Night, Stormy Sky en vooral Full Moon. Misfits (1978) en Low Budget (1979) beluister ik soms nog wel eens maar al wat daarna is gekomen is aan me voorbij gegaan. Er waren inmiddels weer andere tijden aangebroken, the Kinks klonken nu zoals zoveel andere bands uit de sixties gedateerd. Groepen als the Clash, Television en Elvis Costello & the Attractions gaven nu de richting aan.

Een  lijstje dan maar.

  1. Face to Face
  2. Something Else
  3. The Kinks are the Village Green Preservation Society
  4. Muswell Hillbillies
  5. Sunny Afternoon (verzamelalbum)
  6. Well Respected Kinks (verzamelalbum)
  7. The Great Lost Kinks Album
  8. Kinda Kinks
  9. Sleepwalker
  10. Everybody’s in Show-Biz

kinks-something1

[1] Ik overdrijf een beetje, want the Beatles hebben natuurlijk ook inhoudelijk sterke songs als daar zijn Eleanor Rigby en She’s Leaving Home. Hoewel die mogelijk schatplichtig zijn aan het werk van Ray Davies. Net zoals Mother’s Little Helper van the Rolling Stones dat is. De surrealistische lyrics van John Lennon laat ik helemaal buiten beschouwing: dat is een ander paar mouwen.

 

 

1968: PROEVEN VAN VRIJHEID

hangman1

Waarom sloeg ik 1968, voorlopig dan toch, over? Was het een te moeilijke opdracht? Voelde ik opeens weer het immense gewicht van dat memorabele jaar? Een paradoxaal gewicht – omdat veel van wat zich in onze nog korte levens voordeed zo vederlicht leek – dat woog op elk facet van de toenmalige samenleving,  die op het punt stond een global village te worden, of dat al was? Het gewicht van de opstanden, rebellies, revoltes, censuur en repressie. Het gewicht van de veranderingen in stijl, mode, muziek, kunst, literatuur, film, seksuele normen, enzovoort.
In mijn stukje over de betere muziekalbums van ’69 verwees ik wel naar twee boeken over 1968 en ik had er heel wat meer kunnen noemen, maar dat was niet nodig: je hebt maar enkele minuten nodig om een behoorlijke literatuurlijst te vinden. Het boek De jaren zestig van Geert Buelens alleen al bevat een bladzijdenlange bibliografie, zij het over het hele decennium.

Mogelijk was er ook schaamte gemoeid met die sprong in de tijd, al zal het dan zeker onbewuste schaamte geweest zijn. Ik was namelijk helemaal vergeten dat ik op 25 januari 1968 mee ben gaan betogen voor Leuven Vlaams. Inderdaad iets om je voor te schamen. In het euforisch tienerdagboek dat ik dat jaar bijhield lees ik dat er zo’n drieduizend leerlingen deelnamen, van zowat alle Tongerse scholen. Het is heel goed mogelijk dat de schooldirecties ons aanspoorden om mee te doen, maar dat weet ik niet zeker. Ongetwijfeld was het een politieke kwestie, een belangenkwestie ook. Ik was naïef en had beter moeten weten: mijn vader, meestal een stille man, had zich voor een keer duidelijk uitgesproken over de opkomende Volksunie. Dat waren allemaal zwarten, waarschuwde hij. Je mag dat soort mensen niet vertrouwen. Voor mij had die partij, denk ik, een jong en fris imago. Hoe het ook zij, die dag geloofde ik in die belachelijke slogan. Walen buiten, noteerde ik hysterisch. Wij internen waren verplicht om om vier uur weer op school te zijn. Maar mijn vrienden en ik hadden van de vrijheid geproefd – niet die van een bevrijd Leuven, maar van een bevrijd Leven – en gaven die niet zomaar op. Luc, Jan, Godelieve, Ivo, Anita, lees ik in mijn dagboek, begaven ons na afloop van de betoging eerst naar de boetiek King & Queen, ons toenmalig hoofdkwartier, en gingen dan nog een gin fizz drinken en wat dansen in de Baccara. Uiteraard werden we ’s anderendaags bij de prefect op het matje geroepen.
Op 29 januari ben ik samen met mijn vriend Jan en vijf leerlingen van een paar andere scholen weer gaan betogen. Zeven jongens in de straten van Tongeren voor Leuven Vlaams… Ik zal wel overtuigd geweest zijn van de juistheid van deze zaak. Tegelijk ben ik er zeker van dat het mij vooral om de kick van de vrijheid te doen was. Na die 29 januari is er in mijn notities geen sprake meer van Leuven Vlaams en Walen Buiten. Het gaat dan bijna alleen nog maar over popgroepen, over ons tijdschrift Testament, over een toneelstuk dat ik aan het schrijven was, soms over de lessen Nederlands en Engels. De Nederlandse televisie, onderdeel van die global village, was mijn redding, stel ik nu vast. Ik was zeer onder de indruk van Simon Vinkenoog, Robert Rauschenberg en Salvador Dali, die in dat voorjaar de revue passeerden. Een andere reddingsboei was de literatuur. Dat kan ik niet voldoende benadrukken. De notities van na mijn Leuven Vlaams-escapade gaan dan een hele tijd over het verdriet om het verlies van mijn eerste Ware Liefde, de mooie, blonde José-Anne, die ik Josy noemde, zoals in de song van Donovan. (Nog een spoor van mijn anti-Waalse gevoelens van toen?).  José-Annes ouders hadden hun dochter gedwongen om met mij te breken. Een dochter van apothekers met een schipperszoon, langharig tuig dan nog, wat denk je wel. Zo was het leven in Tongeren in 1968. Er was evenwel nog een tweede leven, in Neerharen, met andere vriendinnen en vrienden: Martin en Jean en vooral Anita (een andere Anita dan die hierboven) en haar zus Linda, waar ik meer verliefd op was dan op Anita, maar Linda was al verloofd en Anita hield van mij. Soms waren er nog Sylvia en Yvonne. Namen waarvan ik mij de erbij horende gezichten niet meer herinneren kan.  Die bucolische kant van mijn gespleten adolescente leven laat ik hier buiten beschouwing. In de dorpen waren, denk ik, de jaren zestig nog niet begonnen. Het leek er meer op The Last Picture Show en American Graffiti, maar dan op de fiets in plaats van in de auto.
Zowel in de wereld van de stad als die van het dorp vond ik troost in liedjes, opnieuw en opnieuw.

Omdat 1968 in elk opzicht zo uitzonderlijk was heb ik er niet aan kunnen weerstaan om een lange lijst te maken. Er zijn dat jaar massa’s gedenkwaardige langspeelplaten uitgekomen; sommige zijn mijlpalen geworden, aan de tijd onttrokken artefacten.

godblesstinytim

  1. White Light / White Heat – Velvet Underground
  2. The Notorious Byrd Brothers / Sweetheart of the Rodeo – The Byrds
  3. Beggars Banquet – The Rolling Stones
  4. Electric Ladyland – Jimi Hendrix Experience
  5. Astral Weeks – Van Morrison
  6. Music from Big Pink – The Band
  7. Gris-Gris – Dr. John, The Night Tripper
  8. The Hangman’s Beautiful Daughter – The Incredible String Band
  9. We’re Only In It For The Money / Cruising With Ruben And The Jets – The Mothers Of Invention
  10. A Saucerful of Secrets – Pink Floyd
  11. Waiting for the Sun – The Doors
  12. The Beatles (“The White Album”) – The Beatles
  13. The Kinks Are The Village Green Preservation Society – The Kinks
  14. Traffic – Traffic
  15. Wheels Of Fire – Cream
  16. The Fantastic Expedition of Dillard & Clark – Dillard & Clark
  17. Wow – Moby Grape
  18. Crown of Creation – Jefferson Airplane
  19. Cheap Thrills – Big Brother and the Holding Company
  20. Supersession – Mike Bloomfield, Al Kooper, Steve Stills
  21. Friends – The Beach Boys
  22. Randy Newman (Creates Something New Under the Sun) – Randy Newman
  23. Lady Soul – Aretha Franklin
  24. S.F. Sorrow – The Pretty Things
  25. Nico – The Marble Index
  26. Song Cycle – Van Dyke Parks
  27. Last Time Around – Buffalo Springfield
  28. Introspect – Joe South
  29. Nancy & Lee – Nancy Sinatra & Lee Hazlewood
  30. Blues From Laurel Canyon – John Mayall
  31. This Is My Country – The Impressions
  32. Taj Mahal – Taj Mahal
  33. Roots – The Everly Brothers
  34. Neil Young – Neil Young
  35. Balaklava – Pearls Before Swine
  36. Ogdens’ Nut Gone Flake – The Small Faces
  37. Everything Playing – The Lovin’ Spoonful
  38. The Soft Machine – The Soft Machine
  39. God Bless Tiny Tim / Tiny Tim’s 2nd Album – Tiny Tim
  40. Suddenly One Summer – J.K. & Co.
  41. H.P. Lovecraft II – H. P. Lovecraft
  42. The Hurdy Gurdy Man – Donovan
  43. The United States of America – The United States of America
  44. New Grass – Albert Ayler
  45. Tell Mama – Etta James
  46. Dance to the Music – Sly & the Family Stone
  47. Odessey and Oracle – The Zombies
  48. Vincebus Eruptum – Blue Cheer
  49. Comment Te Dire Adieu?- Françoise Hardy
  50. Sailor / Children of the Future – Steve Miller Band
  51. In My Own Dream – The Paul Butterfield Blues Band
  52. Spirit / The Family That Plays Together – Spirit
  53. A Beacon From Mars – Kaleidoscope
  54. Picknick – Boudewijn de Groot
  55. Live Wire / Blues Power – Albert King
  56. Who Knows Where The Time Goes – Judy Collins
  57. This Was – Jethro Tull
  58. Boogie With Canned Heat – Canned Heat
  59. Eli and the Thirteenth Confession – Laura Nyro
  60. Peter Green’s Fleetwood Mac / Mr. Wonderful – Fleetwood Mac
  61. CQ – The Outsiders
  62. Jacques Dutronc – Jacques Dutronc
  63. Initials B.B. – Serge Gainsbourg
  64. The Move – The Move
  65. Bradley’s Barn – The Beau Brummels
  66. Head – The Monkees
  67. Who’s Making Love? – Johnnie Taylor
  68. Bookends – Simon & Garfunkel
  69. Silver Apples – Silver Apples
  70. Sweet Child – Pentangle
  71. Volume 3: A Child’s Guide To Good And Evil -The West Coast Pop Art Experimental Band
  72. The Doughnut In Granny’s Greenhouse – The Bonzo Dog Band
  73. Idea / Horizontal – Bee Gees
  74. I’m Gonna Be A Country Girl Again – Buffy Sainte-Marie
  75. The Delta Sweete – Bobbie Gentry
  76. Love Is All Around – The Troggs
  77. Love Is – Eric Burdon & The Animals
  78. Bonnie And Clyde – Brigitte Bardot & Serge Gainsbourg
  79. A Long Time Comin’ / An American Music Band – The Electric Flag
  80. The Secret Life Of Harper’s Bizarre – Harpers Bizarre
  81. The Voice Of The Turtle – John Fahey
  82. Rainbow – Bobby Callender
  83. Another Place Another Time – Jerry Lee Lewis
  84. A Man Needs A Woman – James Carr
  85. The Further Adventures Of Charles Westover – Del Shannon
  86. Insect Trust – Insect Trust
  87. It Crawled Into My Hand, Honest – The Fugs
  88. Tim Hardin 3: Live In Concert – Tim Hardin
  89. Harlequin Melodies – Mickey Newbury
  90. D-I-V-O-R-C-E – Tammy Wynette
  91. Together – Country Joe And The Fish
  92. Blues Helping – Love Sculpture
  93. Flash – Moving Sidewalks
  94. Tape From California – Phil Ochs
  95. Birthday – The Association
  96. Did She Mention My Name / Back Here on Earth – Gordon Lightfoot
  97. Dino Valente – Dino Valente
  98. Stoned Soul Picnic – Roy Ayers
  99. I’m Going Back To The Country Where They Don’t Burn The Buildings Down – Juke Boy Bonner
  100. John Green – St. John Green

1968-carnaval-3b

ZERO DE CONDUITE: QUESTIONS

louvins

Zéro de conduite is een sfeervol, (meestal) thematisch programma gewijd aan pop/cultuur op Radio Centraal in Antwerpen. Elke eerste zaterdag van de maand, van 6 tot 8 uur ’s avonds. Een muzikaal evenement van ongeëvenaarde kwaliteit! Stem af op Radio Centraal 106.7 FM: uniek in het zich steeds verder uitdijende universum.
Je kunt Zéro via streaming beluisteren. Hier vind je meer informatie over Radio Centraal en andere radiomakers.

Wat gebeurt daar, beste mensen? Ben je een meisje of een jongen? Wat is hij daar toch aan het bouwen? Wat is het lelijkste plekje van je lichaam? Hoe heet je? Kom je hier vaak? Heb ik je onlangs nog verteld dat ik van je hou? Heb je ooit wel eens de regen gezien? Zag je je moeder daar in de schaduw staan, liefje? Ben je bang om te sterven? Wat is er toch met je aan de hand? Kom je nooit meer naar huis?
Vragen, allemaal vragen. Er zijn altijd al meer vragen geweest dan antwoorden. Het is dan ook heel goed mogelijk dat er meer vraag- dan antwoordliedjes bestaan. Onbegonnen werk om uit die tienduizend, ik zeg maar wat, een behoorlijke, evenwichtige keuze te maken. Dat is masochisme. Omdat ik me schuldig voel ten aanzien van de songs die ik vanavond niet kan draaien heb ik besloten om twee afleveringen van Zéro de conduite aan vragen te wijden. Vandaag de eerste aflevering, volgende maand de tweede. Vandaag veel pop, volgende maand mogelijk meer soul en blues. Veel luisterplezier!

Questions – Buffalo Springfield – Last Time Around

13 Question Method – Ry Cooder – Get Rhythm

Have You Seen My Baby? – Randy Newman – 12 Songs

Ask Me No Questions – Bridget St John – Ask Me No Questions

La Question – Françoise Hardy – La Question

What’s A Matter Baby? – Timi Yuro – What’s A Matter Baby?

What’s A Girl Supposed To Do – The Shangri-Las – Shangri-Las 65

What’s It Gonna Be? – Dusty Springfield – The Jerry Ragovoy Story: Time Is On My Side 1953-2003

Are You Never Coming Home – Sandy Posey – Sweet Inspirations: The Songs Of Dan Penn & Spooner Oldham

What’s Wrong With The Way I Live – The Hollies – For Certain Because

What’s Wrong With You? – The Outsiders – Strange Things Are Happening

Have You Ever Seen the Rain? – Creedence Clearwater Revival – Pendulum

Don’t It Make You Want To Go Home – Joe South – Don’t It Make You Want To Go Home?

Did You Ever Have To Make Up Your Mind? – Lovin’ Spoonful – Do You Believe In Magic

Have You Seen Her Face – The Byrds – Younger Than Yesterday

Aren’t You Glad – The Beach Boys – Wild Honey

What’s Going Ahn – Big Star – Radio City

A Question of Temperature – The Balloon Farm – Ah Feel Like Ahcid: 24 American Psychedelic Artefacts from the EMI Vaults

What’s Going On – Taste – On The Boards

Him Or Me (What’s It Gonna Be?) – Paul Revere & The Raiders – The Essential Ride: ’63 -’67

Are You Gonna Be There (At The Love In) – Chocolate Watchband – Melts In Your Brain…Not On Your Wrist!

Are You A Boy Or Are You A Girl – The Barbarians – Nuggets: Original Artyfacts From The First Psychedelic Era, Vol. 4

Are You A Beatle Or A Rolling Stone – Delaney & Bonnie – Delany & Bonnie Together

Have You Seen Your Mother, Baby, Standing In The Shadow? – The Rolling Stones – Forty Licks

Are You Experienced? – Jimi Hendrix Experience – Are You Experienced?

(What’s So Funny ‘Bout) Peace, Love and Understanding – Nick Lowe – Quiet Please… The New Best Of Nick Lowe

What’s Your Game – The Ramones – Leave Home

What’s The Frequency, Kenneth? – R.E.M. – Monster

What’s He Building In There? – Tom Waits – Mule Variations

Are You Hung Up? – Frank Zappa & The Mothers of Invention – We’re Only In It for the Money

What’s the Ugliest Part of Your Body? – Frank Zappa & The Mothers of Invention – We’re Only In It for the Money

What’s Your Name – Don & Juan – Golden Age Of American Rock & Roll – Vol 5

A Lover’s Question – Clyde McPhatter – Golden Age Of American Rock & Rol – Vol 10

The Big Question – Percy Mayfield – Poet Of The Blues

Have I Told You Lately That I Love You – Eddie Cochran – Eddie Cochran

(Such An) Easy Question – Elvis Presley – From Nashville To Memphis: The Essential 60’s Masters

Have You Ever Been Lonely (Have You Ever Been Blue) – Buddy Holly – Rave On: The Very Best Of Buddy Holly

Are You Afraid To Die? – The Louvin Brothers – Satan Is Real

Are You Tired Of Me Darling – Nanci Griffith – Other Voices, Other Rooms

Research, samenstelling & presentatie: Martin Pulaski
Techniek: Sofie Sap

68 KICKS (STILL)

edf

Zoals beloofd volgt hier de playlist van zéro de conduite, zoals uitgezonden op 2 juni 2018. De dag dat ik 68 kicks dacht te zullen beleven. Het werden er twee of drie, de rest verdeel ik over de andere dagen van het jaar.

Puis Je? – Kevin Ayers – Shooting At The Moon
Halah – Mazzy Star – She Hangs Brightly
Brigit On Sunday – Opal – Early Recordings
Beautiful Dress – Marlon Williams – Make Way For Love
Crazy – Inara George – Dearest Everybody
Kicks – Lou Reed – Coney Island Baby
My Mama Never Taught Me How To Cook – Annette Peacock – X~Dreams
Maladie D’Amour – Kid Creole & The Coconuts – Off the Coast of Me
Sex Machine – Pucho & His Latin Soul Brothers – Rip A Dip
Peanut Vendor – Alvin Tyler – Ace Story Volume 1
Souvenir of Mexico (single B-side) – Ben E. King – The Very Best Of Ben E. King
Barbarella – Jorge Ben – 1969 – Jorge Ben
Love To Love You Baby – Donna Summer – Endless Summer
Initials B.B. – Serge Gainsbourg – Gainsbourg London Paris 1963 – 1971
Hard-Boiled Babe – Lizzy Mercier Descloux – Press Color
Contort Youself – James Chance & The Contortions – Buy
Wanderlust – Sun Ra – What’s New?
Un Poco Loco – Bud Powell – The Amazing Bud Powell, Vol. 1
African Violets – The Cecil Taylor Quartet – Looking Ahead!
Running – Baby Huey – The Baby Huey Story: The Living Legend
Sexy Ida (Part 1) – Ike & Tina Turner – Proud Mary: The Best Of Ike & Tina Turner
Sexy Motherfucker – Prince & The New Power Generation – Prince 4Ever
Kiko Medina – Le Tropical Jazz de Dakar – Senegal 70 – Sonic Gems & Previously Unreleased Recordings From The 70’s
Ma Penda – Orchestre Bawobab – Senegal 70 – Sonic Gems & Previously Unreleased Recordings From The 70’s
Tangled Up In Blue – The Musicians of the Nile – From Another World: A Tribute To Bob Dylan
Imajghane (The Tuareg People) – Bombino – Deran

Bonus tracks
Keito – Ry Cooder & Ali Farka Touré – Talking Timbuktu
Black Disciples – Burning Spear – Dry And Heavy
Redemption Song – Bob Marley & The Wailers – Uprising
People Get Ready – The Chambers Brothers – The Time Has Come
On The Way To San Mateo – Lalo Schifrin – Bullitt: Original Motion Picture Soundtrack
Aquellos Ojos Verdes – Nat King Cole – In The Mood For Love
Do You Know The Way To San Jose – Dionne Warwick – Valley of the Dolls
The Windmills Of Your Mind – Dusty Springfield – Dusty In Memphis
Zip-A-Dee-Doo-Dah – Darlene Love – The Best Of Darlene Love
Always Waitin’ – The Paris Sisters – Hearing Is Believing: The Jack Nitzsche Story 1962-1979
I Can’t Sleep – Aziza Mustafà Zadeh ft. Toots Thielemans – The Real… Toots Thielemans

 

 

ZERO DE CONDUITE: INTERIEUR

2018-06-03-nice-lyon 627

Zéro de conduite is een sfeervol, (meestal) thematisch programma gewijd aan pop/cultuur op Radio Centraal in Antwerpen. Elke eerste zaterdag van de maand, van 6 tot 8 ’s avonds. Een muzikaal evenement heel specifiek voor tweeëntwintig liefst niet bekakte bakvissen, drieënzeventig zwaardviskoppen en twaalfduizend uitgeprocedeerde aartsbisschoppen – en voorts voor iedereen die het maar horen wil. Stem af op 106.7 FM: Uniek in het zich steeds verder uitdijende universum.
Je kunt Zéro via
 streaming beluisteren. Hier vind je meer informatie over Radio Centraal en andere radiomakers.

Op deze zonnige dag in mei zitten maar weinig mensen binnen, neem ik aan. Maar zelfs bij wie op straat loopt, over veldwegen wandelt, in bossen de zo nodige zuivere lucht inademt of lui op een terrasje zit, blijven interieurs in het bewustzijn aanwezig. In onze herinneringen aan koude winterdagen, in onze gesprekken met familie of vrienden, in onze verbeelding, in de verhalen die we verzinnen en vertellen. Heel vaak dringen als we buiten zijn interieurs de ruimte van onze woorden en onze gedachten binnen. Maar als we ons binnenskamers bevinden zijn we ons vaak net niet bewust van het interieur, van de tafel, de stoelen, het bed, de kasten, de spiegels, de ramen, de deuren, de ingelijste reproducties of kunstwerken aan de wand, de boekenrekken, het bureau, de telefoon, de televisie, de radiatoren, de lampen, de radio, het bijzettafeltje, de bank, de sofa, het vloerkleed, de gordijnen, de koelkast, de honderden gebruiksvoorwerpen… Al die grote en kleine dingen die zo belangrijk zijn in onze levens en die vaak met liefde en deskundigheid voor ons allen ontworpen zijn. Allemaal zo vanzelfsprekend en tegelijk zo vreemd soms. Je zou je zelfs kunnen afvragen of wij onze interieurs wel kennen, of we ze wel zien zoals ze zijn?
Maar goed. De songs die ik de voorbije dagen heb geselecteerd roepen als zo vaak het geval is met dergelijke thema’s een bepaalde sfeer op. Ze roepen gevoelens op. Gevoelens van tevredenheid, onrust, eenzaamheid, wellust, verstikking, wanhoop, warmte, troost, ontspanning, tederheid, vriendschap, afkeer, onverschilligheid en waarschijnlijk nog tal van andere gevoelens en emoties.

Ik draag dit programma op aan mijn zoon Jesse en aan mijn vriend Max Borka, die over dit onderwerp ongeveer alles weten.

Veel luisterplezier!

I’m Gonna Knock On Your Door – Eddie Hodges – The Cadence Story – Aaron Schroeder, Sid Wayne
Step Inside – The Hollies – Butterfly – Allan Clarke, Tony Hicks, Graham Nash
Come On In – The Association – Birthday – Jo Mapes
Stop By My Window – Rick Nelson – Perspective – John Boylan
Interiors (Demo) – Randy Newman – Guilty: 30 Years Of Randy Newman – Randy Newman
Hello In There – John Prine – John Prine / First Album – John Prine
I Don’t Believe You (She Acts Like We Never Have Met) – Bob Dylan – Another Side Of Bob Dylan – Bob Dylan
At My Window – Townes Van Zandt – Townes Van Zandt – Townes Van Zandt
Window – Damien Jurado – Where Shall You Take Me? – Damien Jurado
Dust On The Window – Low – Drums And Guns – Low, Mimi Parker, Alan Sparhawk, Matt Livingston
Dusty In Here – The Go-Betweens – Before Hollywood – Forster, McLennan
Room 321 – Tindersticks – Trouble Every Day (Soundtrack of the Claire Denis film) – David Boulter
No One Is There – Nico – The Marble Index – Nico
With My Face on the Floor – Emitt Rhodes – Emitt Rhodes / First Album – Emitt Rhodes
Paint It Black – Chris Farlowe – The Art of Chris Farlowe – Jagger, Richards
Who’s Been Sleeping Here? – The Rolling Stones – Between the Buttons – Jagger, Richards
Come On In My Kitchen – Steve Miller Band – The Joker – Robert Johnson
Lazy Women – Bo Diddley – Bo Diddley & Company – Bo Diddley
On The Couch – Ry Cooder – Paris, Texas – Ry Cooder
Moving Furniture Around – The Handsome Family – Odessa – Brett Sparks
Blue Chair – Elvis Costello & The Attractions – Blood & Chocolate – Elvis Costello
The Chair – Angelo Badalamenti – Twin Peaks: Limited Event Series Soundtrack – Angelo Badalamenti
Red Chair, Fade Away – Bee Gees – Bee Gees’ 1st – Barry Gibb, Robin Gibb
I’m Only Sleeping – The Beatles – Revolver – Lennon, McCartney
Twilight Furniture – This Heat – This Heat / First Album– Charles Bullen, Gareth Williams, Charles Hayward
Fireside Favourite – Frank Tovey (Aka Fad Gadget) – The Fad Gadget Singles – Fad Gadget
Room Without A View – Judy Nylon & Crucial – Pal Judy – Judy Nylon
Get to the Table On Time – M. Ward – Transfiguration of Vincent – M. Ward
The Book Is on the Table – Pere Ubu – Datapanik in the Year Zero (1975-1977) – Pere Ubu
Fight At The Table – Chris Bell – I Am The Cosmos – Chris Bell
Sittin’ On My Sofa – The Kinks – The Kink Kontroversy – Ray Davies
Good Old Desk – Harry Nilsson – Aerial Pandemonium Ballet – Harry Nilsson
I Went To The Mirror – Todd Rundgren – Something, Anything? – Todd Rundgren

Bonus tracks

Upstairs By A Chinese Lamp – Laura Nyro – Stoned Soul Picnic: The Best Of Laura Nyro – Laura Nyro
Love Songs On The Radio – Mojave 3 – Ask Me Tomorrow – Neil Halstead
Passing On The Stairs – Elysian Fields – Dreams That Breathe Your Name – Oren Bloedow, Jennifer Charles
The Bed – Lou Reed – Berlin – Lou Reed
Cigarette In Your Bed – My Bloody Valentine – EP’s 1988-1991- Kevin Shields
Bedroom Eyes – Dum Dum Girls – Only In Dreams – Dee Dee
Close the Door Lightly When You Go – Eric Andersen – ‘Bout Changes & Things, Take 2 – Eric Andersen

Research, techniek en presentatie: Martin Pulaski

Foto’s: Interieur, Lyon, MP.

EMMYLOU HARRIS EN DANIEL LANOIS IN ANTWERPEN

emmylou2

Gisteren Daniel Lanois en Emmylou Harris in Antwerpen. In tegenstelling tot wat Bart Steenhaut beweert was het een memorabel dubbelconcert. Lanois bespeelt zijn steelgitaar op heel eigen wijze, ik kan hem met niemand vergelijken tenzij eventueel met Bruce Kaphan en BJ Cole. Als je geen gevoel hebt voor subtiliteit is het mogelijk dat je bij die weemoedige klanken in slaap valt. Over de stem van Emmylou Harris valt veel te zeggen. Dat ze zingt als een vogel of een engel is afgezaagd en klopt ook niet (meer), al lang niet meer. In 1995, op ‘Wrecking Ball’, is haar zangstem veranderd, wat ruiger, wat meer doorleefd geworden. Na negentien jaar is dat nog meer het geval. Niet dat haar stem even toegetakeld is als die van Dylan, maar toch… De eerste twee nummers lieten het ergste vermoeden, ze leek haar ‘draai’ niet te kunnen vinden, er was iets mis met de frasering. Bart Steenhaut heeft gelijk als hij zegt dat de vertolking van ‘Goodbye’ niet goed uit de verf kwam. Wat hij daarna schrijft vind ik zeer overdreven. Vanaf ‘All My Tears’, het derde nummer, was de zangeres vertrokken. Wat daarna volgde bestond uit niets dan hoogtepunten. Onmogelijk er één uit te kiezen. Of het zou ‘Going Back To Harlan’ moeten zijn. Als je een voorkeur hebt voor de jonge Emmylou was het laatste gedeelte het meest genietbare, met als hoogtepunt ‘Calling My Children Home’.

Maar mogen artiesten veranderen of moeten ze zich tot het einde der dagen blijven herhalen, zich blijven herhalen zoals ze op hun vijfentwintigste waren? Bovendien waren we daar in de Stadsschouwburg bijeengekomen om een stevige uitvoering van ‘Wrecking Ball’ te horen, bijna twintig jaar na het verschijnen van deze mijlpaal in de populaire muziek, en niet voor Emmylou Harris de perfecte zangvogel. Perfectie bestaat niet, wel beschadigde schoonheid. Mij ontroert het bijzonder als ik op zulke sublieme manier herinnerd word aan onze aftakeling op weg naar het einde. Ik hoop dat dat einde voor Emmylou Harris nog lang op zich zal laten wachten en ben daar sinds gisteravond eigenlijk gerust in.

Foto: Martin Pulaski

 

ZERO DE CONDUITE: HOTELS EN MOTELS

alan ladd room , monte vista hotel, flagstaff

Vandaag verblijven we in hotels, motels, pensions, luxueuze vertrekken, luizige, ziekmakende kamertjes. Wie is niet gefascineerd door hotels? Alleen al een kamer boeken en niet heel goed weten waar je terechtkomt. Ik kan tientallen voorbeelden geven van aangename en onaangename verrassingen. The Alan Ladd Room in Flagstaff hoort bij de eerste categorie… Maar ik wil hier niet aan autobiografie doen, wel mijn radioprogramma aankondigen. In kunst en fictie speelt het hotel een cruciale rol: denk aan films als ‘A Room With A View’, ‘The Shining’, ‘Lost In Translation’, ‘Chelsea Girls’, ‘Mystery Train’ (over Elvis, met Screamin’ Jay Hawkins en Joe Strummer) ‘Grand Hotel’ en ‘Psycho’. Hotels komen in literatuur zeker ook voor, maar dan moet ik toch wat langer nadenken. De eerste auteurs die mij te binnen schieten zijn Georges Simenon, Graham Greene, Sam Shepard (‘Motel Chronicles’ is een meesterwerk in het genre), Joseph Roth, Paul Theroux, Hemingway en Casanova. In het werk van Nabokov komen ongetwijfeld veel hotels voor, onder meer in ‘Lolita’, en ooit vond ik in een lade in een pension ergens in Zwitserland een exemplaar van zijn ‘Transparent Things’. Ik meen me te herinneren dat in dat boek een hotelbrand voorkomt.

 In de populaire muziek is het hotel (of het logement in het algemeen) eveneens een veel voorkomend thema, van Elvis Presley via Richard Hawley tot Elvis Costello. Mijn selectie van persoonlijke favorieten komt vanavond aan bod. Dit keer wil ik de luisteraar echter verrassen. Een playlist komt er pas morgen. Net zoals je niet weet in wat voor kamer je terecht zal komen als je een hotel boekt weet je nu niet goed welke songs de ether in gestuurd zullen worden. Er is wel een zekerheid: aan mijn oude, vertrouwde smaak verandert niet echt veel meer.

Veel luisterplezier!

Research & presentatie: Martin Pulaski

 

ZERO DE CONDUITE: DROMEN

gras-psychedelisch

Naar het land van de dromen, een soort Shangri-La van gelukzaligheid, verdriet en verlangen! Naast de liefde is de droom wellicht het meest voorkomende thema in de populaire muziek. En niet alleen daar. Sommige van de mooiste films spelen zich in een droomwereld af (of zo lijkt het toch). Denk aan ‘Blue Velvet’ en de meeste andere films van David Lynch; aan ‘Le charme discret de la bourgeoisie’; aan ‘Requiem For a Dream’, en al de rest. Het is hier echter niet de plaats om dieper in te gaan op het thema, het zou ons – via kronkelige, slecht verlichte paden – veel te ver leiden. Terwijl het alleen maar de bedoeling is met deze songs de sfeer van een wonderlijke droom op te roepen.

Veel luisterplezier!

Welcome to My Dream – Tiny Tim – God Bless Tiny Tim

Deep In A Dream – Frank Sinatra – In The Wee Small Hours

Come For A Dream – Dusty Springfield – Dusty In London

Vivo Sonhando – Antonio Carlos Jobim (+ Stan Getz, Joao Gilbert) – Quiet Nights Of Quiet Stars

Dream Within A Dream – Elysian Fields – Queen Of The Meadow

Dream In Blue – Los Lobos – Kiko

My Dreams – The Gun Club – The Las Vegas Story

Kimiko’s Dream House – Mark Lanegan – Field Songs

In My Own Dream – Karen Dalton – In My Own Time

Coney Island Dreaming – Clint Mansell & Kronos Quartet – Requiem For A Dream

Dreams Made Flesh – This Mortal Coil – It’ll End in Tears

Dream Baby Dream – Suicide – Suicide (The Second Album)

Down The River Of Golden Dreams – Okkervil River – Down The River Of Golden Dreams

Dream Lover – Big Star -Third/Sister Lovers

In Dreams – Roy Orbison – the BIG O: THE Original Singles Collection

Wasted Dream – Percy Mayfield – Poet of the Blues

The Girl In My Dreams – The Cliques  – Golden Age Of American Rock & Roll – Vol 3

Dream Girl – Arthur Alexander – The Greatest

Tell Me This Is A Dream – The Delfonics –  La-La Means I Love You

Sweet Dreams – Bettye Swann – Bettye Swann

In My Dreams – Emmylou Harris – White Shoes

Come Back To Me In My Dreams – Bill Monroe & His Blue Grass Boys -The Essential Bill Monroe

I Wish It Had Been A Dream – The Louvin Brothers – Satan Is Real

Last Night I Had a Dream – Randy Newman – Sail Away

These Dreams Of You – Van Morrison – Moondance

Dreamer – Dennis Wilson – Pacific Ocean Blue

Dream Some – Shelby Lynne – I Am Shelby Lynne

Was It A Dream – Marissa Nadler – July

Was I In Your Dreams? – Wilco – Being There

Lily Dreams On – Cotton Mather – Kontiki

#9 Dream – John Lennon – Walls And Bridges

Karmic Dream Sequence #1 – The Millennium – Begin

Julia Dream – Pink Floyd – The Pink Floyd Early Singles

Hung Up On A Dream – The Zombies – Odessey And Oracle

Dreams – The Kinks – Percy

Pretty Little Dreamer – Grey De Lisle – The Graceful Ghost

Morning Song – Fred Frith,  Iva Bittová, Pavel Fajt

Research & presentatie: Martin Pulaski

Zéro de conduite is een POPprogramma op Radio Centraal in Antwerpen. Elke eerste zaterdag van de maand, van 6 tot 8 ’s avonds. Heerlijk als je druk bezig bent in de keuken, of bij het aperitief, en later aan tafel bij de met uitsterven bedreigde geelvintonijn, het witloof, de spruitjes! Stem af op 106.7 FM. Je kunt het programma eveneens via streaming beluisteren. Hier vind je meer informatie over de radio.

Foto: Martin Pulaski

ZERO DE CONDUITE: ZWERVERS

cof

Vandaag gaat onze aandacht naar de zwervers. Je kent ze wel, de straatmuzikanten, hobo’s, zigeuners, circusartiesten, vagebonden, outlaws, lifters langs de kant van de weg, op weg naar overal en nergens, op de vlucht voor een mislukte liefde, een schandaal, een klein vergrijp, ontsnapt aan de sleur van het dagelijks leven. De daklozen, de migranten, mensen die geen dak boven hun hoofd hebben en van dag tot dag leven, zonder vooruitzichten, geen toekomst, maar soms ook tevreden met hun bestaan. Vaak worden ze als vreemdelingen beschouwd, mensen die nergens thuis horen. Door de normale burgers worden ze zelden getolereerd. Maar waarom gaat er dan zoveel fascinatie uit van hun nomadisch bestaan, van hun ongebondenheid, van iets wat we misschien wel ‘vrijheid’ mogen noemen? Alleszins heeft die fascinatie nogal wat songschrijvers ertoe aangezet het beste uit zichzelf naar boven te halen. Wellicht omdat ze zelf zwervers zijn, zeker de folkies en bluesmuzikanten, met als grootste voorbeeld Bob Dylan, maar net zo goed Doug Sahm, Hank Williams, Billie Holiday, Woody Guthrie, Merle Haggard, en noem maar op… Dit is een kleine selectie van liedjes over de pijn, de eenzaamheid en de vreugde van een zwervend bestaan.

Veel luisterplezier.

 

Ramblin’ On My Mind – Robert Johnson – King of the Delta Blues Singers

Black Gypsy Blues – Furry Lewis – Memphis: From Blues To Rock’n’Roll

Driftin’ Blues – Sam Cooke – The Man Who Invented Soul

Tramp – Otis Redding & Carla Thomas – King & Queen

The Gypsy – Sir Douglas Quintet – The Return Of Doug Saldana (1971)

Drifter’s Escape – Bob Dylan – John Wesley Harding (Mono)

Only A Hobo – Rod Stewart – Gasoline Alley (Vertigo, 1970)

Hobo Man – Link Wray – Beans And Fatback (Virgin, 1973)

Ramblin Mind – David Eugene Edwards – We Are Only Riders

Wayfaring Stranger – Neko Case – The Tigers Have Spoken (Live)

The Drifter – Green On Red – Gas Food Lodging (1985)

Ramblin’ (Wo)Man – Cat Power – Jukebox

The Outlaw – Sid Selvidge – The Cold Of The Morning (1976)

Hobo’s Lullaby – Emmylou Harris – Songbird

Hobo Bill’s Last Ride – Iris Dement – The Songs Of Jimmie Rodgers: A Tribute

Hobo’s Meditation – Jimmie Rodgers – Down The Old Road, 1931-1932

Ramblin’ Man – Hank Williams – Hey, Good Lookin’

The Last Of The Drifters – Johnny Cash with Tom T. Hall – Water From The Wells Of Home

Drifter’s Sunrise – Bob Lind – Elusive Butterfly: The Complete Jack Nitzsche Sessions

Lonely Drifter – The O’Jays – Working On Your Case

I’m A Stranger – Harold Holt & His Band ft. Arthur Conley – I’m Living Good

Stranger In Town – Del Shannon – Runaway Hits

I Can’t Help But Wonder Where I’m Bound – Dion And The Wanderers – Wonder Where I’m Bound

The Fugitive – Merle Haggard – Down Every Road

Don’t Give Your Heart To A Rambler – Jimmy Martin – You Don’t Know My Mind

The Wandering Boy – The Stanley Brothers – The Complete Columbia Stanley Brothers (1949-1952)

Ramblin` Round – Woody Guthrie – Columbia River Collection

Deportees – Billy Bragg (with Hank Wangford) – Talking With The Taxman About Poetry

How Can You Keep Moving – Ry Cooder – Into The Purple Valley

Wild Billy’s Circus Story – Bruce Springsteen – The Wild, The Innocent & The E Street Shuffle

Ramblin Boy – Tom Paxton – Ramblin’ Boy

Rambling’s Gonna Be The Death Of Me – Bert Jansch – Bert Jansch (1965)

“Ask me why a rambler ain’t got no home.
Ask me why I sit and cry alone.
I wish I knew, I wish I knew;
If I knew, I’d know what to do.”

Ramblin’ Sailor – Davy Graham – Fire In The Soul

Prodigal Son (“That’s No Way To Get Along”, Robert Wilkins) – The Rolling Stones – Beggars Banquet

Feel Like Going Home – Muddy Waters – Muddy Waters Folk Singer

Research & presentatie: Martin Pulaski

JASON ISBELL & AMANDA SHIRES

Ik had al een tijdje het gevoel dat Americana dood was. Maar ik zal me vergist hebben. Gisteren zag ik de toekomst van Americana, en tegelijk veel meer dan dat – want zelfs al mocht Americana dood zijn, dan zou Jason Isbell nog altijd een van de beste songschrijvers van zijn generatie zijn. Dat bewees hij gisteren met zijn no-nonsense concert in de ongezellige Witloof Bar van de Botanique, waar de helft van het publiek tegen bakstenen zuilen moet opkijken. Isbells Texaanse vriendin (of echtgenote, mocht je dat liever horen) Amanda Shires speelde het mooie openingsconcertje, zichzelf begeleidend op ukulele en viool. In de metro naar huis las ik haar teksten: helemaal anders dan die van haar vriend, minder verhalend, maar erg goed geschreven. Het poëtische en prozaïsche vullen elkaar hier uitstekend aan. Dat hoor je ook in het felle gitaarspel van Jason Isbell en de lyrische viool van Amanda Shires. Ik ben voor altijd gewonnen.