VAARWEL JOOP ROELOFS

q65 revolution 2

Nu is ook Joop Roelofs dood. Joop Roelofs was de gitarist van Q65, een geliefde Nederbeatgroep uit Den Haag. Altijd als iemand overlijdt die ik in mijn tienerjaren met volle overgave bewonderde voelt het alsof een stuk uit mijn lijf wordt weggerukt. Ook al was de gitarist een vreemde voor me, ook al heb ik hem nooit gekend en zag ik Q65 maar twee keer optreden.
Het was vooral hun langspeelplaat Revolution uit 1966 die me vele uren in de buurt van mijn kleine gele platenspeler deed doorbrengen. Er bestond voor mij geen meer opwindende muziek dan die van Q65, met uitzondering van die van the Rolling Stones, the Pretty Things en the Outsiders.
Toen ik gisteren Revolution nog een keer beluisterde werd ik meteen teruggevoerd naar dat zalige jaar 1966. Alle twaalf songs op de elpee zaten nog in mijn geheugen gegrift. Niet de teksten want die waren altijd al onverstaanbaar (“Haags Engels”, noemde iemand het taaltje van Q65), maar wel de melodieën en bovenal de sound. Om een onverklaarbare reden vind ik dat in dit geval ‘sound’ meer zegt dan ‘geluid’. Het gitaarspel van Joop Roelofs was een essentieel ingrediënt van die magische, zowel tedere als wilde sound. Vaarwel Joop.

q65 1

TEACH ME TO FORGET YOU, WALLY TAX

wally tax love in

Nederland was zo al geen bezoek meer waard en nu Wally Tax overleden is mag dat land van de kaart worden geveegd (ik maak een uitzondering voor Bergen en Schoorl, echte dichtersoorden). The Outsiders waren in het midden van de jaren zestig van de vorige eeuw de ruigste en beste beatgroep van Nederland, en na the Rolling Stones en the Who, van de hele wereld. Wally Tax was hun charismatische zanger en mondharmonicaspeler.Als hij zong kreeg je meteen kippenvel. Dat is niet zomaar een gratuite bewering: ik heb het echt meegemaakt in de Teeny Club in Hasselt, omstreeks 1967. The Outsiders speelden loeihard, en produceerden zeer hoge tonen. Een week later in het Koninklijk Atheneum in Tongeren hoorde ik Ron Splinters gitaarsolo’s nog altijd nafluiten in mijn oren. Eigenlijk hoor ik dat geluid nog steeds een beetje. Maar wat ik vandaag vooral hoor is die soulvolle, tegelijk dreigende en strelende stem van Wladimir Tax. De man was ongeveer vijftig procent romanticus en vijftig procent punk. De muziek die hij schreef (samen met Ron Splinter) was emotionele, tedere en boze rock &roll. Hoe vaak heb ik niet geluisterd naar Afraid Of the Dark, Teach Me To Forget You, The Filthy Rich, Touch en natuurlijk Lying All the Time. Ik heb die platen ook niet van de hand gedaan of op zolder gelegd: ze horen bij mijn wereld. Net zoals de romans van Remco Campert, de essays van Simon Vinkenoog (die over the Outsiders heeft gepubliceerd in het boek Vogelvrij) en de platenbesprekingen van Jan Donkers – allemaal Grote Nederlandse Helden – blijken de liedjes van Wally Tax en Ron Splinter bouwstenen voor mijn bestaan te zijn geweest. “You thought me how to love you / Now better teach me how to live without you.” Het leven heeft weer wat minder zin in mij. Zo blijf ik nu zonder woorden achter tot iemand ze weer tot leven wekt. Jij?