MOORD EN DOODSLAG

geerten meijsing,doeschka meijsing,moord en doodslag,dubbelroman,duoroman,misdaad,crime,sicilië,syracuse,vriendschap,uitgever,contact,kennismaking,hagiografie,nuance

The continuing saga… Een tussendoortje. Hoewel ik al sedert mijn kinderjaren ordelijk en netjes ben vind ik niet terug wanneer en waar precies ik ‘Moord & Doodslag’, de duoroman van Doeschka Meijsing en Geerten Meijsing heb gekocht. Ik denk in 2006, maar het heeft weinig belang. Het boek, zowel het eerste deel, ‘Moord’ van Doeschka, als het tweede, ‘Moord en doodslag’ van Geerten, was onderhoudend, fascinerend en zelfs meeslepend. Het verhaal navertellen doe ik niet, wie geïnteresseerd is moet maar op zoek gaan naar deze merkwaardige roman. Alleen dit: het onderwerp is een bezoek van Doeschka aan haar broer: Geerten is onlangs in Syracuse in Sicilië gaan wonen, een plek waar ik toen ik er voor het eerst kwam, in juni 1998, meteen verliefd op werd. Dat Geerten Meijsing daar nu woonde maakte me toch wel wat jaloers. Ik vond het zelfs een geruststelling te lezen dat het er in de winter erg koud kan zijn.

Zoals de meeste lezers wil ik graag weten hoe een roman of een verhaal afloopt. Bovendien heeft Geerten in zijn deel een soort van misdaadverhaal verwerkt, waarvoor hij, althans voor de vorm, inspiratie gezocht heeft bij onder meer Edgar Allan Poe, Georges Simenon en Jef Vermassen. Spannend dus. Helaas ontbraken de laatste acht bladzijden. Wat frustrerend! Eerst wilde ik een nieuw exemplaar aanschaffen, in die periode had ik nog een behoorlijk salaris, maar ‘Moord & Doodslag’ bleek uitverkocht. Schoorvoetend heb ik dan maar contact opgenomen met de Belgische afdeling van de uitgeverij. Schoorvoetend omdat ik dacht, misschien denken ze wel dat ik een verhaaltje verzin om hen een gratis boek te ontfutselen. Het antwoord op mijn briefje was niet bepaald vriendelijk van toon maar de uitgever zou me wel een nieuw exemplaar sturen. Dat duurde een poos. Op een dag zat er een pakje van Geerten Meijsing in de bus. Het was zijn boek en een begeleidend briefje waarin hij zich boos maakte op de uitgeverij. Hij had van een werknemer van de uitgeverij vernomen dat ze me nog altijd niets hadden toegestuurd. Dat vond hij werkelijk schandalig. Wat later kreeg ik toch ook nog een exemplaar van de uitgever. Daardoor heb ik er nu drie: het boek met acht ontbrekende bladzijden, het cadeau van Geerten Meijsing (gesigneerd in groene inkt, op 24 januari 2007), en het boek dat de uitgever me stuurde. En ik was nu ook in het bezit van Geertens adres, telefoonnummer en emailadres.

Deze stukjes gaan als geheel wellicht op een hagiografie lijken. Hoogste tijd dus voor wat nuancering. Dat is voor morgen. Je zal dan merken dat mijn bewondering voor Geerten Meijsing niet onvoorwaardelijk is.

syracusa

Foto onder: Syracuse, 12 5 2013, Martin Pulaski.

GEERTEN MEIJSING: MOORD EN DOODSLAG

moord en doodslag roman

Lange tijd las ik veel Nederlandse literatuur, vooral proza, maar zeker ook poëzie. Tijdens mijn adolescentie hield ik het meest van Remco Campert (Het leven is vurrukkulluk, Een ellendige nietsnut, Liefdes schijnbewegingen), Hugo Claus (De koele minnaar) en Louis Paul Boon (ongeveer alles wat er tot dan verschenen was, met een grote voorkeur voor De Kapellekensbaan). Later las ik enige romans van Willem Frederik Hermans, Frans Kellendonk en Jan Wolkers. Mijn uitverkoren Nederlandstalige schrijver werd Herman Heijermans, met als hoogtepunt Kamertjeszonde. Ik hield van Jan Arends en Louis Ferron. Ik las graag poëzie van Hendrik Marsman, Lucebert, Hugues Pernath en Herman Ter Balkt (die zich toen nog Habakuk de Balker noemde). Ik heb het verzameld werk gelezen van Maurice Gilliams. Dat is een van de weinige Vlamingen van wie ik echt ben blijven houden. Hij is een buitenbeentje: je kunt hem met niemand vergelijken. Ik zal nu wel een paar namen vergeten. Er is heden ten dage ook nog Stefan Hertmans. En Bernard Dewulf schrijft sterke gedichten en zeer leesbare columns.

Waar ik echter naartoe wil is dat ik geen Nederlandse letteren mee lees. Geen jota meer. Ik probeer nog wel, maar het is allemaal vervelend, ik word er depressief of tureluurs van. Ik vind geen diepe gedachten, geen afgrondhumor, geen enkele uitdaging. Niemand zegt me: stop met die verdomde routine (wat ‘eilandman’, een collega-blogger, me onlangs wel meedeelde, als commentaar op een stukje dat ik had geschreven). Dat is nochtans – onder meer – wat ik van literatuur verwacht en dat is wat literatuur vermag. Paul Auster, om maar één buitenlander te noemen, zegt dat in al zijn boeken: stop met die fucking routine, laat je eens meeslepen door het toeval, open je ogen, overal ligt het avontuur voor het grijpen.

Er is echter één uitzondering. Er is een Nederlandse schrijver die met kop en schouders boven alle boekenbeursauteurs en literaire clowns uitsteekt. Zijn naam is Geerten Meijsing. Zijn eerste boek, Erwin, verschenen in 1975 – als ik me niet vergis, want ik heb het hier niet bij de hand -, veranderde mijn wereld. Na enkele bladzijden al was ik verslaafd aan zijn proza. Hij noemde zich toen nog Joyce en Co. Wat hij schreef was decadente esthetiek, geïnspireerd door de zwarte romantiek. Schrijvers als Joris-Karl Huysmans en personages als Des Esseintes hadden hem ongetwijfeld geïnspireerd. En talloos veel Grieken en Romeinen. Toen al was Meijsing gefascineerd door de schitterende cultuur en de aardse vruchtbaarheid van Italië. Hij heeft jarenlang in Lucca gewoond, nu verblijft hij in Syracuse op Sicilië.

Ik wil hier evenwel niet de hele bio- en bibliografie van Geerten Meijsing uit de doeken doen. Onlangs las ik Moord & Doodslag, een dubbelroman die hij schreef samen met zijn zus Doeschka Meijsing. Opnieuw een verbluffend boek, waar niets menselijks vreemd aan is. Aan het exemplaar dat ik op een boekenbeurs aan de Heizel had gekocht ontbraken helaas enkele bladzijden. Ik meldde dit via e-mail aan De Arbeiderspers in Amsterdam. Ik kreeg een vriendelijk mailtje terug, waaruit ik kon afleiden dat hun bijhuis in Antwerpen deze zaak wel zou oplossen. Een paar dagen laten kreeg ik echter een bijzonder hoffelijke e-mail van Geerten Meijsing zelf. Of ik al een gaaf exemplaar ontvangen had? Zoniet zou hij er wel een bezorgen. Een paar weken later zat een min of meer gaaf exemplaar in mijn brievenbus gepropt: poststempel Antwerpen. Nog geen week later ontving ik een postpak uit Syracuse, met een door Geerten Meijsing gesigneerde druk van Moord & Doodslag. Aangename verrassing. Een al vrolijkheid. Wat een schrijver, wat een hoffelijke man! Inmiddels weet ik ook hoe het boek afloopt.