OP DRIFT

Derive-Preambulatory-walk_1024

Je zou de indruk kunnen krijgen dat ik alle kanten op ga met de – meestal autobiografische – verhalen, beschouwingen, gedichten, verwensingen, grotesken en lofzangen die ik hier publiek maak. Ik laat me inderdaad leiden door het toeval, door datgene wat mijn weg kruist, waar mijn oog op valt, door commentaren van lezers, door gesprekken met vrienden en vreemden en vooral door dromen. Ik sla zijpaden in, ik wijk af, ik raak op drift, ik doe aan wat in het Frans ‘la dérive’ wordt genoemd. Guy Debord schreef daar in nummer 2 van het tijdschrift Internationale Situationniste (verschenen in december 1958) onder meer het volgende over:
“Entre les divers procédés situationnistes, la dérive se présente comme une technique de passage hâtif à travers des ambiances variées. Le concept de dérive est indissolublement lié à la reconnaissance d’effets de nature psychogéographique, et à l’affirmation d’un comportement ludique-constructif, ce qui l’oppose en tous points aux notions classiques de voyage et de promenade.”

Ik pas ‘la dérive’ tot mijn spijt niet veel meer toe in de letterlijk ruimtelijke betekenis ervan, maar volg veeleer een geestelijk parcours, of ik laat me gewoonweg leiden door de zinnen.
Hoewel mijn teksten op drift raken en vaak zijwegen inslaan, overwoekerde paadjes soms, denk ik toch dat er ergens in mij een centrum is dat het allemaal samenhoudt en dat wat ik voortbreng daardoor ook een samenhang bezit. Maar ik wil geen kunstmatige samenhang opdringen aan wat ik schrijf. Ik beschik over geen enkele theorie en dat vind ik goed. (Ook de theorie van ‘la dérive’ hak ik in stukjes en ik kies er daarna de beste uit.) Ik maak geen systeem en ik onderwerp me er ook niet aan.

22 maart 2006. Herzien op 12 maart 2018.

OP DRIFT / LA DERIVE

Je zou de indruk kunnen krijgen dat ik alle kanten op ga met de – meestal autobiografische – verhalen, beschouwingen, gedichten, verwensingen, grotesken en lofzangen die ik hier publiek maak. Ik laat me inderdaad leiden door het toeval, door datgene wat mijn weg kruist, waar mijn oog op valt, door commentaren van lezers, door gesprekken met vrienden en vreemden en vooral door dromen. Ik sla zijpaden in, ik wijk af, ik raak op drift, ik doe aan wat in het Frans ‘la dérive’ wordt genoemd. Guy Debord schreef daar in nummer 2 van het tijdschrift Internationale Situationniste (verschenen in december 1958) onder meer het volgende over:
“Entre les divers procédés situationnistes, la dérive se présente comme une technique de passage hâtif à travers des ambiances variées. Le concept de dérive est indissolublement lié à la reconnaissance d’effets de nature psychogéographique, et à l’affirmation d’un comportement ludique-constructif, ce qui l’oppose en tous points aux notions classiques de voyage et de promenade.”
Ik pas ‘la dérive’ tot mijn spijt niet veel meer toe in de letterlijk ruimtelijke betekenis ervan, maar volg veeleer een geestelijk parcours, of ik laat me gewoonweg leiden door de zinnen.

Hoewel mijn teksten op drift raken en vaak zijwegen inslaan, overwoekerde paadjes soms, denk ik toch dat er ergens in mij een centrum is dat het allemaal samenhoudt en dat wat ik voortbreng daardoor ook een samenhang bezit. Maar ik wil geen kunstmatige samenhang opdringen aan wat ik schrijf. Ik beschik over geen enkele theorie en dat vind ik goed. (Ook de theorie van ‘la dérive’ hak ik in stukjes en ik kies er daarna de beste uit.) Ik maak geen systeem en in onderwerp me er ook niet aan.

HIAWATHA EN GUY DEBORD

Death-Of-Minnehaha_Dodge

De voorbije weken ontving ik twee buitengewone tijdschriften in mijn brievenbus. Het ene heet Hiawatha, genoemd naar een stadje in Kansas en uitgegeven door mijn geliefde zoon Jesse Brouns. Zijn inleidend artikel, zeer emotioneel geladen herinneringen aan een winterse trip door de midwest, heeft me diep geraakt. In tijdschriften lees je zelden zulk geraffineerd proza. Maar het hele blaadje (wat een gebrek aan eerbied in dit woord), gewijd aan mode, boeken, fotografie en muziek, is geraffineerd als de fijnste suiker. En zeer eigenzinnig. Er staat zelfs een bespreking in van een plaatje getiteld Arizona Man van Eurovisiesterretje Mary Roos…

Het andere tijdschrift dat ik ontving heet Buiten (jaargang 16, 1e kwartaal) en werd me toegezonden door mijn vriend Johny Lenaerts. Er staat een zeer memorabel artikel in van zijn hand over de melancholie van Guy Debord. Guy Debord was de oprichter van de Stiuationistische Internationale, een bewonderaar van Malcolm Lowry en hij was wellicht de meest miskende invloedrijke westerse filosoof van de tweede helft van de twintigste eeuw. Elf jaar geleden schoot hij zich een kogel door het hart. Het goed gedocumenteerde essay van Johny Lenaerts geeft je zin om het werk van Debord te herlezen en te herbekijken (ja, hij heeft ook films gemaakt). Wat ik niet wist of vergeten was: Guy Debord was weg van Nicholas Rays Johnny Guitar, een van mijn honderd uitverkoren films. Die film wil ik samen met het werk van Guy Debord en dat van zijn copain Raoul Vaneigem aan mijn lezers aanbevelen.

Afbeelding: Death of Minnehaha,William de Leftwich Dodge, 1885