WANHOOP EN VERWACHTING

privilege-1967-003

Terug uit Berlijn met stapels beelden, melodieën, geuren, smaken, gesprekken, korte en lange verhalen. Terug uit Berlijn met het verlangen om er meteen terug te keren. Nu ben ik moe en moet ik wachten op de woorden om nog iets te zeggen. Het is alsof België, alsof Brussel mij de adem beneemt – alsof mijn hersens hier niet behoorlijk werken. Waar is de bijsluiter, de gebruiksaanwijzing gebleven? Ik zit in het licht maar het lijkt op duisternis. Ik hoor muziek maar het zijn uiteenvallende klanken. Er is geen verband tussen de ene noot en de andere. Er is al heel zeker geen harmonia mundi. En waar zijn de vriendschap en liefde?
Straks zal het beter gaan, straks vind ik weer samenhang, duidelijkheid. Straks word ik weer wereld.

Voor de zoveelste keer grijp ik terug naar Patti Smith:
“Sometimes my spirit’s empty;
don’t have the will to go on.
I wish someone would send me
energy.”
(Oorspronkelijk uit de soundtrack van de film ‘Privilege’ van Peter Watkins)

Foto: Paul Jones in ‘Privilege’ van Peter Watkins

BUITEN DE MAATSCHAPPIJ? PATTI SMITH IN DE AB

patti smith 4th of july 2

Dat je alleen in clichés over muziek kunt schrijven is uitermate storend. Weinigen is het gegeven een behoorlijke, inzichtelijke en gevoelvolle recensie van een rockconcert of van een cd te schrijven. Zelf kan ik het niet, de muziek is te heilig, mijn woorden te profaan. En toch kan ik er soms niet aan weerstaan. Soms wil ik mijn enthousiasme meedelen, zoals nu over het concert van Patti Smith in de AB gisteren. Maar wat kan ik meer zeggen dan dat het een schitterend, geïnspireerd, warm, levensbevestigend concert was? Dat ik er van genoten heb. Dat er nog weinig muzikanten, zangers of zangeressen zijn, die me zo uit mezelf kunnen halen en meevoeren naar een andere dimensie.
Patti Smith bezweert, met haar stem, haar ogen, haar gebaren, af en toe met de betoverende tonen van haar klarinet. De muziek van haar band stijgt naar het hoofd, verwarmt de hersens en stimuleert de verbeelding. Ze is als een sterke en heilzame drug, zonder neveneffecten. Vervoering is het resultaat van de tomeloze energie waarmee Patti Smith haar songs bezielt. Soms is het alsof ze engelen en duivels ten tonele voert, die daar dan even in innige omhelzing met elkaar staan te dansen, zich herinnerend dat William Blake zowel met de hemel- als de helbewoners converseerde. Patti Smith had alle recht om te zingen dat ze ervaring had. Ze legde – onuitgesproken, maar onmiskenbaar – het verband tussen Are You Experienced? van Jimi Hendrix en The Songs Of Innocence And Experience van William Blake. Het verband was vooral aanwezig in haar klarinetsolo. En wij, het publiek, konden deelhebben aan die ervaring. Soms ook zag ik hier en daar een paradijsvogel in de zaal klapwieken, onder meer toen Patti Smith een ‘dérèglement de tous les sens’ bewerkstelligde tijdens de voordracht van Birdland, een song geïnspireerd door de autobiografie van Peter Reich, de zoon van de grote Wilhelm Reich. En wat nog meer? Smells Like Teen Spirit was een lang aangehouden ingehouden extase. Wie anders dan Patti Smith slaagt erin om een hele zaal Feed Your Head te laten meezingen – en niemand die nog aan Grace Slick denkt, tenzij uren later bij het drinken van enkele liters bier, om weer op adem te komen. Natuurlijk was er ook het omineuze Privilege (Set Me Free), waar ik het gisteren al over had, waarin de protagonist niet alleen vloekend wacht op een god, maar ook smeekt om energie. De protagonist die om energie smeekt kan Patti Smith zelf niet zijn. Ik ken namelijk niemand die zoveel energie uitstraalt. Zou ze die uit het bronwater halen of uit de Marrokaanse muntthee of uit de cakejes uit Amsterdam? Of gewoon uit zichzelf?
Wat een mooi cadeau was dat voor Ann Demeulemeester, en voor ons allemaal, die romantische cover van Lou Reeds Perfect Day… En wat een ontroerende verschijning van George Harrison toen Within You Without You werd uitgevoerd. Pissing In A River, dan maar, of Gloria, met de absolute beginselverklaring ‘Jesus died for somebody’s sins but not mine’ – waar ook weer het refrein door de hele zaal, nu helemaal uitzinnig, werd meegezongen. Een mooi intermezzo van Lenny Kaye, trouwens, met zijn cover van You’re Pushing Too Hard, oorspronkelijk van The Seeds. In 1971 voor hij gitarist werd in de Patti Smith Group schonk Lenny Kaye ons de baanbrekende en invloedrijke compilatie Nuggets: Original Artyfacts From the First Psychedelic Era 1965-1968, een verzameling van 24 vroege punk rock-pareltjes.
Wat nog meer? De apotheose van Rock & Roll Nigger, met deze onsterfelijke regels:

Jimi Hendrix was a nigger.
Jesus Christ and Grandma, too.
Jackson Pollock was a nigger.
Nigger, nigger, nigger, nigger,
nigger, nigger, nigger.

Outside of society, they’re waitin’ for me.
Outside of society, if you’re looking,
that’s where you’ll find me.
Outside of society, they’re waitin’ for me.
Outside of society.

Ik had een zeer vreemd gevoel toen ik ‘outside of society’ meebrulde, dat moet ik eerlijkheidshalve toegeven. Maar dat doet niets af aan de waarde van dit concert. Mijn excuses voor de clichés. Ik kon niet anders.

MIJN KONINKRIJK VOOR EEN PAARDENMIDDEL

new york dolls

Waarom schrijf ik veel gemakkelijker over ziekte, pijn en dood dan over genot en plezier? Waarom breng ik graag slecht nieuws? Nochtans zie ik mezelf als een hedonist. Als ik kon kiezen zou ik helemaal niets doen, denk ik. Gewoon wat in de wereld zijn. Nu eens hier, dan weer eens daar. Vroeger zou ik hier meteen aan hebben toegevoegd: en mensen ontmoeten. Maar dat verlangen is sterk afgenomen. En toch zie ik ze nog graag, vooral als ze namen en gezichten hebben.
Het is duidelijk komkommertijd in mijn hoofd. Ik val in slaap bij mijn eigen gedachten. Gisteren ben ik aan mijn dokter doping gaan vragen. Als coureurs dat nemen, waarom ik, doodgewone sterveling, dan niet? Hij wilde me meteen antidepressiva voorschrijven, tegen posttraumatische depressie. Maar dat wil ik niet. Dan lig ik zeker de hele dag te slapen. Ik heb een paardenmiddel nodig. Mijn koninkrijk voor een paardenmiddel.
Lord give me something, zong Patti Smith ooit. Energy! En te denken dat ze nu alleen nog maar mineraalwater drinkt. Misschien moet ik inderdaad, zoals mij hier al werd aanbevolen, gewoon nog maar eens naar die goede oude New York Dolls luisteren. ‘Personality Crisis’ of zo. Misschien is dat nog de beste remedie.

‘Too Much Too Soon’ is een schitterende elpee van The New York Dolls, geproduceerd door de legendarische Shadow Morton. ‘Personality Crisis’ staat op de eerste elpee van the New York Dolls, eveneens een aanrader.

energie,slapen,paardenmiddel,new york dolls,patti smith,doping,antidepressiva,pop,popcultuur
Shadow Morton

OMDAT DE CONTEXT ONTBREEKT

hopper 2

Het is geen eenvoudige opdracht om in een korte tekst, bijvoorbeeld over het Es (Freud, Groddeck, Lacan), duidelijk te maken waar je het over hebt, waar je naartoe wilt. Ook al het feit dat je de ene keer nadenkend schrijft en de andere keer associatief bemoeilijkt het lezen. Je wilt iets kwijt over de rol van narcisme en melancholie in je leven, maar je weet niet of iemand daar iets aan heeft, omdat de context ontbreekt: de context is mijn hele bestaan, alles wat ik voel en droom en denk en ben geweest en ben en zou willen zijn.

Sommige dingen zou ik graag alleen kunnen doen, bijvoorbeeld naar de bioscoop gaan. Nu zou ik bijvoorbeeld graag de film over Truman Capote zien. Maar ik kan het niet. Ik moet iemand aan mijn zijde hebben. Door die zwakheid in mijn ‘karakter’ – ik houd niet van dat woord – zit ik veel thuis, terwijl dat niet altijd goed voor me is. Vaak voel ik een leegte, die ik met allerlei dingen wil vullen. Misschien is dat ook wel nodig. Ik moet geregeld opgeladen worden. Als ik geen energie heb wil dat niet zeggen dat ik niets meer tot mij kan nemen. Integendeel: ik moet de leegte vullen met beelden, muziek, woorden, geuren van mensen die lekker ruiken… Alleen naar een concert gaan, op reis zelfs. Maar ik kan niets alleen, ik kan niet alleen zijn. Wellicht is dat niet ongewoon. Maar ja, dan ben ik misschien graag ongewoon.

Ik word heel graag verliefd, want verliefdheid zet mij aan tot schrijven, vooral van gedichten, een moeizame, plezierige bezigheid. Maar liefde is zo giftig, ook. Liefde kan je wereld dooreenschudden, zo hard dat je hem niet meer herkent, dat je jezelf niet meer herkent. Ik word nogal vaak verliefd, maar dan als een schildpad, die vlug zijn kop weer in zijn schild terugtrekt. Het is alsof liefde mijn bestaan zou kunnen bedreigen.
En dan vraag ik me af: wat moet ik nu eigenlijk doen?

Afbeelding: Edward Hopper

DE LIEFDE EN HAAT VAN ROBERT MITCHUM

robertmitchum

Het nieuwe jaar komt moeizaam op gang. Donkere dagen, koude nachten, sombere gedachten na een week van lichtheid en feesten in Barcelona. Daar had je gesprekken met je vrienden, en dronk je lichte, sprankelende wijn uit de streek, tot je er euforisch van werd, maar je ging ook op zoek naar het hart van de stad, de architectuur, en naar haar verzamelingen in de mooie oude en nieuwe musea. De hippe kledingwinkels lokten je binnen, niet alleen omdat je zelf wel van kleren houdt – zij het minder dan in lang vervlogen tijden toen je jezelf een mod mocht noemen – , maar zeker ook omdat je in het gezelschap van vrouwen was. Je kocht er twee paar schoenen van je geliefde merk, minder voor hun ontwerp dan voor hun lichtheid, en een mooie rode T-shirt waarop een afbeelding van Robert Mitchum, met op zijn rechterhand het woord ‘love’ en op zijn linker ‘hate’. Het beeld uit de film The Night Of The Hunter van Charles Laughton is een icoon geworden. Er wordt naar verwezen in onder meer Do the Right Thing, The Rocky Horror Picture Show en zelfs in the Simpsons. (En binnenkort, als het warmer wordt, zul jij de sandwichman van liefde en haat zijn.) Je hebt een goed op je hoofd passende, donkerbruine beret gekocht in die prachtige oude winkel,Obach, in de oude stad, niet ver van de kathedraal.

Je kocht er boeken over Günther Brus, Guy Debord en de collectie Thyssen-Bornemisza (die in Barcelona, de belangrijkste bevindt zich in Madrid.) Normalerwijs zou je veel meer boeken hebben aangeschaft, maar Ryanair heeft je daar van af doen zien omdat er niet meer dan vijftien kilogram in je koffer mocht. Vandaar eveneens, misschien, die lichte schoenen en een T-shirt in plaats van een hemd of een jas. Op nieuwjaarsdag nam je samen met duizenden andere katermensen de metro naar Park Guëll, waar je nog een beetje wankelend verdwaalde in het onafgewerkte gedeelte. Tijdens de terugkeer kon je toch nog de waanzinnige bedenksels van Gaudi bewonderen. Neen, niet echt bewonderen. Je vindt Gaudi geen echt groot kunstenaar meer. Veeleer is hij een ontwerper van curiositeiten. De Sagrada Familia betekent niets voor jou. Je bent er niet eens naartoe gegaan. Maar Gaudi’s gebouwen aan de Passeig de Gracia toveren nog altijd een glimlach op je gezicht, vooral omdat je nog geen kater hebt als je daar voorbijwandelt. Het feest begint pas over enige uren. Het nieuwe jaar is nog ver weg, het bezoek aan Park Guëll, de donkere dagen van januari. De saaie uren op kantoor, het wachten op de avond, op het einde van de week. Het zinloze werk. Maar misschien is het toch niet zo zinloos? Misschien zet het je wel al aan om een eigen ‘boek der rusteloosheid te schrijven, zoals Fernando Pessoa, maar helemaal anders, wellicht minder geniaal, maar ook minder eenzaam, meer volwassen. Als je nog energie vindt om zulk groot werk tot stand te brengen. Je bent deze middag alvast een zeer grote doos Pharmaton gaan kopen, honderd capsules voor veertig euro. Daarmee moet het werk lukken. Het andere werk, het echte.