CAT POWER EN DAVID CROSBY IN LUCCA

IMG_9110.JPG

In Lucca zag ik in de straten en op pleinen affiches van onder meer David Crosby en Cat Power, aankondigingen voor optredens van deze muzikanten in het Teatro del Giglio. Dat deed wat vreemd aan: het beeld dat ik van Italië, van Toscane, van Lucca heb is er een dat voorbijgestreefd is. Lucca is in mijn verbeelding nog altijd een stad van Romaanse gebouwen, kerken, torens, palazzo’s, stijlvolle winkels, lekkere trattoria’s en osteria’s, een oord waar romantische dichters als Percy Shelley, Lord Byron en Elizabeth Barrett Browning thuis zijn. Rock & roll vloekt daarmee. Of vloekte ermee in mijn hoofd. Maar de wereld in mijn hoofd en de echte wereld verwijderen zich vliegensvlug van elkaar. In de echte wereld is popmuziek een vulgaire koopwaar geworden, een massaconsumptiemiddel, al lang geen voedsel meer voor de ziel en de geest; men gaat naar popconcerten voor de decibels, voor de seks, voor de sensatie, voor alles wat hype en hyper is, men gaat er naartoe omdat men denkt dat het zo hoort. In mijn hoofd is popmuziek (of rock & roll) nog steeds revolutionair, opwindend, erotisch, in mijn hoofd behoort de muziek van artiesten als David Crosby en Chan Marshall aan het ritme van de ziel. Ik weet dat dat enigszins romantisch klinkt en wereldvreemd is. Maar ik verkies als een vreemde in de wereld rond te dwalen, liever dan als iemand die toebehoort aan een wereld die van zichzelf vervreemd is, die uit zijn as is, liever romantisch dan realistisch als de realiteit zo ziek en de toestand zo hopeloos is.

IMG_9108.JPG

Als ik naar de foto’s op de posters kijk zie ik de artiesten al op het podium staan. David Crosby met zijn twaalfsnarige gitaar; ik zie zijn oude ogen die veel hebben gezien, op zee, en in de steden, ik hoor zijn harmonieuze stem, ik hoor zijn songs weerklinken in de concertzaal, oude van the Byrds, van Crosby, Stills, Nash & Young, solowerk van vroeger en nu. Ik verlies mezelf in een droom als ik hem het wonderlijke ‘Laughing’ hoor zingen.
Ook zie ik de lieftallige, stijlvolle, wat spastisch bewegende Cat Power voor me, haar niet zo toonvaste maar sensuele en expressieve stem raakt me meteen diep, ik hoor haar eigen liederen, die van Bob Dylan, van al haar helden en heldinnen… Ik besef dat zij zich daar op het podium in haar eigen wereld bevindt en dat ze mij daar ook even aantreft. Ja, David Crosby en Cat Power geven vonkjes van hun ziel door aan die van mij. All in a dream… Het is niet nodig dat ik hen nog in werkelijkheid zie performen. Het beeld dat ik me van hun kunst vorm volstaat voor mij, denk ik nu.  Hun concerten daar in Lucca waren voortreffelijk, ook al vindt dat van Crosby pas in december plaats.

 

Foto’s: Martin Pulaski, Lucca, juli 2014.

CAT POWER IN HET KONINKLIJK CIRCUS

rock,bob dylan,cat power,soul,eigenzinnig,brussel,koninklijk circus,recensie

Gisteren beleefde ik het genoegen Cat Power aan het werk te zien in mijn favoriete Brusselse concertzaal, het Koninklijk Circus. De voorbije dagen heb ik het al meermaals over koningen gehad, reden waarom ik dat nu nalaat. Ik voel me bovendien allesbehalve koninklijk en Cat Power is evenmin een koningin. Al dat gedoe met die titels kan me gestolen worden. Vandaag nog meer dan anders. Mijn huidige toestand – waterzuchtig – is van katachtige oorsprong. Cat Power, die volgens de roddelrubrieken de drank heeft afgezworen, is dan weer een doodgewoon soulmeisje, dat zich heerlijk eigenzinnig op een podium beweegt, niet bepaald katachtig, meer menselijk al te menselijk. Sommige soortgenoten schijnen daar problemen mee te hebben, las ik de voorbije weken en maanden in sommige teksten en blogs. Dat begrijp ik helemaal niet. Als het over – om maar eens een voorbeeld te noemen – Ryan Adams gaat heeft niemand daar problemen mee, ook niet als hij stomdronken over het podium strompelt en glazen stukslaat. Als Cat Power haar armen in de lucht steekt, voor zichzelf applaudisseert – terecht – of wat aan haar hemdje friemelt, fulmineert de ‘schrijvende’ goegemeente. Uitermate dom, vind ik dat, en echt iets voor ‘mannen’.

Ik houd van stemmen. Voor de stem van Cat Power ben ik naar het Koninklijk Circus gegaan – en ze heeft me niet teleurgesteld. Voor mij is ze, zeker qua frasering, voortaan de jongere zus van Bob Dylan. Haar begeleidingsband, de Dirty Delta Blues, met Judah Bauer op gitaar, Jim White aan de drums, Gregg Forman aan de toetsen en Erik Paparozzi op basgitaar, deed me meermaals denken aan de band die Bob Dylan begeleidde op Bringing It All Back Home en Highway 61 Revisited (uit 1965!). Helemaal die sound, dat scherpe kwikzilveren geluid, met toch een stevige basis in de ritmesectie. Soms gingen mijn gedachten ook wel naar the Small Faces (de latere Faces) en veranderde Cat Power in een vrouwelijke versie van Steve Marriott, ook een unieke en onvoorspelbare blanke soulzanger, een van de beste. Judah Bauer had bovendien heel wat geleerd van de rifpiraat bij uitstek, Keith Richards.

Laat ik dit zeggen: een zangeres die een concert inzet met Naked If I Want To, een song van de tweede beste Amerikaanse band uit de sixities, ik heb het over Moby Grapy, de beste was the Byrds, heeft niet alleen veel lef maar tevens een uitmuntende smaak. En dat eerste nummer zette de toon: gedurende het hele optreden waren de eigenzinnigheid en de pure emotie aan de macht. Aanstekelige grooves en een goed gevoel. Veel bekend werk uit The Greatest, oudere nummers, schitterende covers van ( I Can’t Get No) Satisfaction en These Arms Of Mine, een mix van soul en blues en luisterlied zoals alleen Cat Power die kan brengen. En daar bovenop die warme uitstraling en die heerlijke, eerlijke lichaamstaal van deze Southern Lady. Meer heb ik niet nodig om tot de zevende hemel te geraken. Koninklijker dan ik al was ben ik er echter niet door geworden. Aan degenen die zich storen aan het dansen van Cat Power raad ik een dansje aan in de stijl van Ian Curtis, dance dance dance to the radio!

Voetnoot (toegevoegd op 4 mei). Door een rare kronkel in mijn hersens (of ten gevolge van teveel pils) vergat ik in mijn korte lofzang van het Cat Power-concert het hoogtepunt te vermelden. Dat was zo goed als zeker haar doorleefde versie van Dark End Of the Street, een song van Dan Penn en Chips Moman. Haar versie was bijna even mooi als die van James Carr en overtrof die van the Flying Burrito Brothers, en dat wil veel zeggen.

CAT POWER, SEXY PRESIDENT

cat power,chan marshal,richard avedon,bob dylan,sexy,muziek,pop,the greatest,soul

Een onafhankelijk weekblad voor radio en televisie zette mij op het spoor van deze foto van een sexy Chan Marshall, alias de onovertroffen Cat Power, die met The Greatest de beste cd van vorig jaar uitbracht. De foto is van meesterfotograaf Richard Avedon. Ik ben hem eeuwig dankbaar voor deze parel. Een moeilijke opdracht, gelet op mijn sterfelijkheid.