DEVIL’S ISLAND

devils island (2)

Mogelijk werd al gedacht dat ik naar Devil’s Island was verbannen, maar dat was dan een verkeerde conclusie. Nooit eerder was ik zoveel uur per dag aanwezig dan de voorbije drie maanden. Onzichtbaar, dat wel. Aanwezig hier, aan de achterkant van mijn blog, om aan de zichtbare voorkant te werken. Na de export van Skynet – ik wil die naam niet meer horen – naar WordPress zag hoochiekoochie er niet meer uit. Het leek wel of er een stijloorlog had gewoed, een layout-revolutie. Hoewel ik me bij het woord revolutie mooiere dingen voorstel.
In zekere zin was ik dan toch naar Devil’s Island verbannen, want daar leek hoochiekoochie op, of op welke andere plek dan ook waar het niet aangenaam is om te vertoeven.

1978 teksten en op z’n minst evenveel foto’s zijn gedurende die hete zomerdagen de revue gepasseerd en werden door mij gecorrigeerd en (wat de foto’s betreft) waar nodig vervangen of verbeterd. Aan de teksten zelf is qua vorm en inhoud niets veranderd.
Hopelijk is er nu ruimte en komt er nu tijd voor nieuwe woorden, nieuwe verhalen. Voor spannende avonturen en meeslepende verzinsels, voor mysterieuze mijmeringen en ongerijmde onthullingen. Moet het? Ja, het moet.

EEN NIEUWE LENTE, EEN NIEUW HOOCHIEKOOCHIE

hoochiekoochie 25 4 2018 (2)

Misschien was je al op de hoogte, misschien ook niet. Mijn blog hoochiekoochie, mijn levenswerk sinds maart 2005, was ‘eigendom’ van Proximus, voorheen Belgacom. Op 31 mei dit jaar zal Proximus zijn blogservice (skynetblogs) beëindigen. Dat betekent dat er vanaf die datum van hoochiekoochie zoals het al die jaren was geen spoor meer zal overblijven. Zo verdwijnt mijn belangrijkste literaire werk, duizenden pagina’s tekst: kortverhalen; mijmeringen; autobiografische fragmenten; gedichten; beschouwingen over film, muziek, kunst; playlists van mijn radioprogramma Zéro de conduite, en veel meer. Zo verdwijnen honderden met zorg gekozen foto’s en andere illustraties.
Mijn blog telt op dit ogenblik meer dan 3,3 miljoen bezoekers. In NetworkedBlogs heeft hoochiekoochie 1.135 volgers.
Omdat ik geen uitgever heb en de voorbije vijftien jaar weinig in tijdschriften heb gepubliceerd kwam het nieuws van die ‘verdwijning’ bijzonder hard aan.

Maar ik heb de voorbije veertien dagen niet stilgezeten. En ik heb ook veel hulp gekregen van heel wat fijne en vakkundige mensen. Waarvoor mijn dank. Zo heb ik mijn blog onder dezelfde naam hoochiekoochie in WordPress kunnen importeren. Alle oude teksten, vanaf maart 2005, staan hier nu weer, samen met zowat alle illustraties en commentaren die er deel van uitmaken.
De stijl van mijn blog is voortaan evenwel anders, soberder, transparanter, met minder verwijzingen, cultuurgeschiedenis en pedagogie. De nadruk ligt nu op de woorden, op de teksten, op de verhalen.
Er is zeker nog werk aan de layout van mijn nieuw blog, er zijn nog heel wat schoonheidsfouten.  Maar dat komt wel goed. Het slechte nieuws van twee weken geleden is zo min of meer geneutraliseerd. Het heeft geleid tot deze kleine renaissance in mijn schrijvend en ontwerpend leven.

Hopelijk beleven jullie in de toekomst nog meer lees- en kijkplezier aan mijn blog dan in het verleden.  Of mogelijk horen jullie er nu voor het eerst van… Wees welkom op het vernieuwde hoochiekoochie!

hoochiekoochieblog 25 4 2018 nieuw (2)

TIEN JAAR LATER

 

IMG_1487.JPG

Gisteren bestond Hoochiekoochie precies tien jaar. Het leek mij een goed moment voor wat gemijmer over de tijd, en voor enige bedenkingen over bloggen, schrijven en publiceren. Over hoe en in welke mate de wereld op die tien jaar veranderd is en zeker ook de literatuur, die daar een – steeds minder belangwekkend – onderdeel van is. Over de media, de communicatiemiddelen, de sociale netwerken en de rol die ik daar zelf met mijn blog en op andere manieren in speel.

Maar ik bevind me op een klein eiland middenin de Atlantische Oceaan: La Palma. Een eiland waar ik me tien jaar geleden ook al bevond. Ik weet niet wat het is, maar hier hangt iets in de lucht of zit iets in de (vulkanische) grond dat redelijk denken noch schrijven bevordert. Of zit dat iets in mezelf, is het een weerstand die ik zou moeten overwinnen (maar niet kan)? Houdt mijn – hopelijk tijdelijke – onmacht verband met ver weg van huis zijn, ver weg van de ‘normale’ gedragspatronen, de gewoontes, de beweegsystemen, de af te leggen afstanden? Met het slapen in een weliswaar comfortabel maar toch vreemd bed (van waaruit ik zowel de bergen als de oceaan kan zien, als ik de gordijnen openlaat)? En met de maan, de volle maan, en de sterren zo helder en zo dichtbij?

Wie zal het zeggen? Ik vind niet één zinnig woord om nu iets over Hoochiekoochie mee te delen. Geen enkele gedachte komt mijn hersens pijnigen of strelen. Buiten waait de wind, maar binnenin mij is het windstil.

Een ding wil ik echter zeker doen: alle trouwe en ontrouwe lezers van mijn blog vanuit het diepste van mijn hart dank zeggen voor hun tijd en aandacht en constructieve bijdragen. Zonder hen, zonder jullie, zou ik me ongetwijfeld al na enkele weken teruggetrokken hebben uit dit hachelijke avontuur. Er zou echt heel gauw een einde gekomen zijn aan deze ‘fantastic voyage’. Nu echter blijft de bestemming achter de horizon verborgen, ook al is dit werk altijd al een eindspel geweest, een laatste bedrijf, en zijn de teerlingen voor eens en voor altijd geworpen. Niet alleen omdat het een spel is laten we dit werk toch ook gedeeltelijk aan het toeval over. De stijl, de vorm, de inhoud, de duur van het laatste bedrijf kent niemand.

Inmiddels is de wind gaan liggen. Het is een zachte, heldere dag geworden. De zon gaat stilaan onder. Tijd voor een glas wijn dat ik samen met mijn levensgezellin op jullie gezondheid zal drinken.

Foto: MP, Los Llanos, 9 3 2015

 

LEUGEN, WAARHEID, MELANCHOLIE

MelencoliaDurer.jpg

Er zijn geen leugens onder de zon. Ga ze ook maar niet zoeken in een ander vuur of onder een steen, in de schaduw van een olm, een belfort. Ga ze zeker niet zoeken in de doolhoven van industriezones noch in een kluis in een huis aan een donker meer in een buitenland. Dat is tijdverlies, zelfs als je ervan uitgaat dat de tijd niet bestaat, dat hij alleen maar een concept is, een manier van denken, deel van een wereldbeeld.

Er is alleen maar waarheid en niets dan de waarheid. Of ik je dat nu zweer of niet verandert niets aan de situatie. Wat je om je heen ziet – verlaten en drukke straten, pleinen, vogelnesten, bijenkorven, flatgebouwen, metrostations -, dat is niemandsland. Een land zonder koning, zonder onderdanen, zonder zonde, zonder genade, een land vooral zonder schaamte. Waar zelfs de strengste wetten in het onbekende ontstaan en er weer terugkeren – het nog niet bekende dat even waar is als het bekende, alleen weet niemand in het niemandsland het al. Of daar lijkt het toch op, maar het is ook waar dat er altijd bevoorrechten zijn, dat er altijd een voorhoede is. Aan wat die hoede voorafgaat weet ik ook weer niet en ik ken ook geen mens die het wel zou kunnen weten. Wat ik wel denk te weten is dat allen, zoals dieren, aan die wervelwind van wetten onderworpen zijn, dat niets door hun mazen kan glippen. Ook degenen die niet uit de boot vallen raken in hun netten verstrikt.

Alles wat zich voordoet en niet voordoet is waar. Elke citroenschil, elke schimmel, elke dromedaris, elke droom, elke splitsing, elke wonde is waar. Er is alleen maar waarheid. Er zijn geen leugens onder de zon. Zo is het en zo zal het worden. Zet nu maar een punt achter al dat zoeken en nauwgezet en goedbedoeld onderzoeken. Je nieuwsgierigheid zal wel ergens anders, in een ander niemandsland, wortel schieten.

Vorige nacht werd ik wakker en raakte maar moeilijk weer in slaap. Terwijl mijn vrouw lindethee voor me maakte sloeg ik nog even ‘Het boek der rusteloosheid’* van Pessoa open, een bijna ideaal slaapmiddel. Daar las ik dit:

“Waarom schrijf ik tegenstrijdige en niet met elkaar te verenigen processen van dromen en dromen leren? Waarschijnlijk omdat ik er zozeer de gewoonte van heb gemaakt het verkeerde als het ware te ervaren en wat ik droom even duidelijk waar te nemen als wat ik zie, dat ik het menselijke en volgens mij valse onderscheidingsvermogen tussen waarheid en leugens heb verloren.”

De eerste zin begreep ik niet. Het zal wel aan mijn slaapkop liggen, dacht ik, maar nu ben ik wakker en ik begrijp hem nog niet. Het is me echter om de tweede zin te doen. Nu heb ik die, geruime tijd geleden, al meermaals gelezen en is de gedachte mij misschien bijgebleven. Maar alleszins heb ik er bij het neerschrijven van het bovenstaande niet aan gedacht. De trigger voor de tekst was Martin Scorsese’s film ‘The Wolf Of Wall Street’: die gaat in zekere zin ook over de waarheid. Alles wat je in zijn film ziet is waar, hoe overdreven het soms ook lijkt.

Kirsten-Dunst-in-Melancholia.jpg

Mijn blog bestaat nu bijna acht jaar. Waarom heb ik hem ‘hoochiekoochie’ genoemd? Had ik een slaapkop, was ik beneveld of was het een kater? Niet dat ik het een slechte naam vind, maar ik besef nu heel goed dat hij de lading niet dekt. Melencolia, de gravure uit 1514 van Dürer indachtig, zou veel beter geweest zijn. Maar wellicht bestaan er duizenden blogs die ‘melencolia’ heten. Zelfs hoochiecoochie bestond in 2006 al, vandaar de afschuwelijke maar gelukkig ook kafkaiaanse K. Overigens zou ‘melencolia’ nooit kunnen aanzetten tot dansen terwijl hoochiekoochie, in weerwil van de occasionele zwartgalligheid, bijna niets anders beoogt te doen.

Totentanz_blockbook3.jpg

*Zoals ongeveer alles van Fernando Pessoa een boek dat niet af is, wat een modern kunstwerk betaamt. Een boek, een kunstwerk, dat pretendeert af te zijn, voltooid, is volgens Adorno een leugen. Ook dat is waarheid.

Beelden: Melencolia, Albrecht Dürer, 1514; Kirsten Dunst in ‘Melancholia’, Lars Von Trier, 2011; Totentanz, Blockbuch, Heidelberg, 1455-1458.

Ω
Een fragment uit mijn dagboek: “Strijd tegen de leugens zeg ik, maar wat is dan de waarheid? Hoe vind ik de waarheid? Berusten in de inertie, is dat de waarheid aanvaarden? Toegeven dat alles voor niets is geweest… Dat mijn leven (en tegelijk zoveel andere levens) overbodig is… Ik neem aan dat dàt niet de waarheid is.” (5 mei 1980).

Dat was toen, dit is nu. Want ja, ook dat is waarheid.

 

BLOGS: EEN GEVAARLIJK FENOMEEN

Burroughs-lights-a-cigaret 1964

Nathalie Lubbe Bakker, een barmeisje uit New York, las ik vanmorgen ik in De Standaard, werd ontslagen omdat ze in haar blog al dan niet werkelijk gebeurde activiteiten van Belgisch minister van Defensie De Crem had beschreven. Het artikel eindigt met deze verbazingwekkende, angstaanjagende en woede opwekkende weergave van De Crems oproep in de Kamer:

“Verbeten deed De Crem een oproep tot het halfrond: ‘Ik wil van deze gelegenheid en dit non-event gebruik maken om een gevaarlijk fenomeen in onze maatschappij te signaleren. Wij leven in een tijdgeest waarin het iedereen vrij staat naar goeddunken en zonder enige verantwoordelijkheid op blogs te gaan posten. Dit overstijgt zelfs het moddergooien. Het is bijna onmogelijk om zich daartegen te verdedigen. Iedereen van u is een potentieel slachtoffer.’ Luid applaus op de banken, zelfs hier en daar van de oppositie.”

Wil de minister de vrijheid van het woord, de vrijheid van mening en overtuiging aan banden leggen en de moet de verbeelding weer onder de plaveien worden verborgen?Zullen kranten straks ondergronds moeten worden gedrukt en boeken in gefotokopieerde vorm stieken in donkere kroegen worden doorgegeven?

 

OVER DE WAARDE VAN HOOCHIEKOOCHIE

Uit mijn vorige notitie mag duidelijk blijken dat ik niet voor mezelf schrijf maar wel voor jou, beste lezer. En wellicht omdat ik het fijn vind dat mijn ijdelheid wordt gestreeld door je aandacht. Ik vind het eveneens fijn om jouw ijdelheid te strelen door je zomaar toegang te geven tot wat er zich in mijn hoofd – en in mijn leven – afspeelt en door je af en toe met symbolische rijkdom te overladen.

Maar ik zal er niet langer doekjes om winden. Ik probeer zo goed mogelijk en zo eerlijk mogelijk te schrijven over mensen en dingen waarover ik iets weet, of over persoonlijke ervaringen die ik voldoende algemeen vind en waarvan ik denk dat ‘de anderen’ er iets aan hebben; daarnaast is het mijn bedoeling een beetje schoonheid aan de wereld toe te voegen. Dat werd tot woensdag 13 februari kennelijk zeer op prijs gesteld. Wat ik op bijna drie jaar zorgvuldig en geduldig, met veel toewijding, heb opgebouwd gooien de computers van Skynet nu helemaal overhoop. Wellicht is het idioot van me maar ik erger me mateloos aan deze op hol geslagen toestand. Ja, bijna drie jaar heb ik hard gewerkt – en ook veel plezier beleefd – aan het maken van deze literaire ‘puzzel’ die hoochiekoochie heet. Ik ben van mening dat deze teksten even veel waarde hebben als wanneer ze in een boek zouden gedrukt staan. Voor mij is deze wijze van ‘publiceren’ bijna ideaal om een enigszins substantieel publiek te bereiken, omdat het mij aan voldoende sociale vaardigheden en overredingskracht ontbreekt om door te dringen in literaire kringen en cenakels en om uitgevers te overtuigen van de waarde en de schoonheid van mijn geschriften. Op deze manier sla ik immers de schakel van het uitgeven over. Maar bijna altijd besteed ik evenveel zorg aan de eindredactie van wat hier verschijnt als wanneer het voor een boek zou zijn bestemd. Ik heb de indruk dat een aantal lezers dat ingezien heeft en dat mijn hoge positie in de verschillende lijsten echt wel te danken was aan de kwaliteit van wat ik onder woorden breng. Nu zijn die blijken van waardering op enkele dagen teniet gedaan.

Ik geloof niet dat deze klachten uit zelfgenoegzaamheid voortvloeien, of geuit worden omdat ik elitair of arrogant zou zijn. Toch is er – daar kan niemand onderuit – duidelijk een verschil in kwaliteit (en inhoudelijke duurzaamheid) tussen de blogs. Waarmee ik niet wil zeggen dat bloggers die andere ambities hebben dan ik idioten zijn. Integendeel. Voor mij is vrijheid geen hol begrip, dus iedereen mag doen wat hij wil zolang hij mij of degenen die mij dierbaar zijn maar niet kwetst. Maar verwacht van mij geen respect voor mensen die anderen napraten of voor degenen die alleen maar paragrafen en prentjes knippen en plakken. Ik heb ook geen respect voor postzegelverzamelaars. Ze laten me onverschillig. Ik kan me niet met alles bezighouden. Mijn liefde gaat uit naar gepassioneerde mensen, naar mensen die zich inzetten voor een project van de verbeelding en het plezier. Mijn liefde gaat uit naar mensen die het leven liefhebben en de anderen als gelijken behandelen. In mijn hart is plaats voor vreugde en verdriet. Ik geef toe dat mijn levensvreugde vaak wordt overschaduwd door mijn angst voor de dood. Maar ik merk dat ik aan een belijdenis begonnen ben, en dat was niet mijn bedoeling.

Dit zijn hopelijk mijn laatste woorden over dit onderwerp. Nu ga ik lezen en inspiratie zoeken voor nieuwe teksten, voor morgen, overmorgen en de volgende jaren.

BLOGGERS ZIJN NIET GEK

Teksten schrijven voor een blog is geen verplichting. Niemand vraagt erom, tenzij jijzelf. Het is om die reden een moeilijke opdracht. Je weet niet of wat je schrijft ook gelezen wordt. En je hebt er veel discipline voor nodig. Je moet zowat elke dag iets interessants schrijven, anders verliezen de potentiële lezers zeker hun aandacht. Eigenlijk moet je je voor je blog met hart en ziel inzetten, alsof het literatuur of rock & roll is. Je moet je stijl verzorgen en de inhoud niet uit het oog verliezen. Je moet dus fraaie zinnen bedenken, die logisch op elkaar volgen. Je moet af en toe verrassend uit de hoek komen, dus niet elke dag hetzelfde verhaal. En het is nog beter als je tekst een soort van plot of pointe bevat.
Als je autobiografisch schrijft moet je er zorg voor dragen dat jezelf niet helemaal blootgeeft – en zeker met degenen die je dierbaar zijn mag je dat niet doen. Tussen autobiografie en exhibitionisme loopt er maar een fijne grens. Als je over onderwerpen schrijft die je nauw aan het hart liggen, zoals muziek, literatuur, film, moet je voorzichtig zijn dat je geen banaliteiten of gemeenplaatsen vertelt, dingen die iedereen al lang weet en in elke encyclopedie kunnen worden opgezocht. Je moet een originele invalshoek hebben. Je moet iets te vertellen hebben. Er zijn nog talloos veel andere dingen waar je moet op letten als je teksten voor een blog schrijft. Het is een verdomd moeilijke opdracht en je wordt er niet eens voor betaald. Je moet wel gek zijn om je met zulk gekkenwerk bezig te houden.
Maar niet helemaal. Want het is een groot genoegen als je reacties krijgt van mensen die je teksten hebben gelezen en zeggen dat ze het mooi vonden, of zich herkenden in wat je schreef. Als je niet voor jezelf maar voor de anderen schrijft, geeft dat soms zeer veel voldoening. Het is een vorm van communicatie die heel direct kan zijn. Het kan zelfs gebeuren dat je andere bloggers beter leert kennen dan bijvoorbeeld je collega’s op het werk. Om die reden is het geen gekkenwerk. Om die reden moet je niet helemaal gek zijn om teksten voor een blog te schrijven. Lang leve de bloggers!