OM NIET UIT DE GEHOORGANGEN TE VERDWIJNEN: SCOTT WALKER

scott walker 20

Vorige zaterdag brachten we  in Zéro de conduite een hommage aan Scott Walker (pseudoniem van Noel Scott Engel). Hij was in mijn tienerjaren samen met de andere Walker Brothers een van mijn prille pophelden; in mijn latere leven werd hij, en is hij nu meer dan ooit,  iemand om een voorbeeld aan te nemen, als integere kunstenaar en woordjuwelier. Als musicus en componist was hij dan weer exemplarisch voor een aantal van zijn muzikanten-tijdgenoten en voor jongere songschrijvers met een open geest en een luisterend oor.

Wat hier volgt zijn wat voorbereidende notities van die aflevering van Zéro de conduite. De playlist is aangevuld met wat meer details en een discografie. Voor een korte biografie en een in memoriam van Scott Walker vind je onder deze tekst enkele links.

“As a vocalist, at the height of his popularity, he was unsurpassable and influenced multiple generations as a result. His later work impacted many of the same artists whilst reaching newly receptive listeners who’d not hold him to the same standards of his earlier work. It was a real rebirthing of the artist that only a few manage to achieve in the world of popular music. The work Scott produced as a young man, and particularly that of his later years, will endure, as it is authentic, heartfelt, and visionary, produced in an environment, a genre of the arts, where such qualities are rarely encouraged or embraced.”
David Sylvian

Hoofdrolspelers

Scott Walker (of Noel Scott Engel): Walker Brothers
John Maus: Walker Brothers
Gary Leeds: Walker Brothers
Johnny Franz: producer (o.m. Walker Brothers, Dusty Springfield, Scott Walker)
Reg Guest: orkestleider en arrangeur
Ivor Raymonde: orkestleider / arrangeur (vader van Simon Raymonde: lid van Cocteau Twins en baas van platenlabel Bella Union)
Wally Stott (Angela Morley): arrangeur
Peter Knight: arrangeur
Peter Walsh: producer
The Quotations: backing band van the Walker Brothers
En enkele figuranten.

walker brothers 01

Walker Brothers discografie

Take It Easy with the Walker Brothers: November 1965
Producers: John Franz en Nick Venet
Met orkest onder leiding van Ivor Raymonde
Phil Spector-pop, blue eyed soul, barokpop

Portrait: Augustus 1966
Producer: John Franz
Met orkest onder leiding van Reg Guest en Ivor Raymonde
Phil Spector-pop, blue eyed soul, barokpop

Images: Maart 1967
Producer: John Franz
Orkest begeleid door Reg Guest
Phil Spector-pop, blue eyed soul, barokpop, drama

No Regrets: oktober 1975
Producers: Scott Walker, Geoff Calver
Covers, country
Geen composities van Scott Walker

Lines: oktober 1976
Producers: Scott Walker, Geoff Calver
Covers, country
Geen composities van Scott Walker

Nite Flights: juli 1978
Producers: Scott Walker en Dave MacRae
Vier nieuwe nummers van Scott Walker, de eerste sinds 1970
Laatste album van the Walker Brothers
Rock, synthpop

Scott Walker discografie

Scott: September 1967
Producer: John Franz
Met arrangementen van Wally Stott, Reg Guest, Peter Knight
Existentialistische pop en chanson
Philips records

Scott 2: Maart 1968
Producer: John Franz
Met arrangementen van Wally Stott, Reg Guest, Peter Knight
Existentialistische pop en chanson
Philips records

Scott 3: maart 1969
Producer: John Franz
Met arrangementen van Wally Stott, Peter Knight
Existentialistische pop en chanson noir
Philips records

Scott: Scott Walker Sings Songs from his T.V. Series: Juli 1969
Producer: John Franz
Ballads, big band standards
Geen songs van Scott Walker
Philips records

Scott 4: November 1969
Producer: John Franz
Alle songs van Scott Walker
Existentialistische pop en chanson noir
Scott Walkers meesterwerk
Invloed op Bowie, Radiohead, Julian Cope, etc

Till the Band Comes In: December 1970
Producer: John Franz
Met arrangementen van Wally Stott, Peter Knight
Pop, MOR, concept-elpee
Philips records

The Moviegoer: Oktober 1972
Producer: John Franz
Liedjes uit films: easy listening uit wat Scott Walker zijn wildernisjaren noemde
Philips records

Any Day Now: mei 1973
Producer: John Franz
Easy listening uit zijn wildernisjaren
Philips records

Stretch: November 1973
Producer: Del Newman
Covers-elpee, voornamelijk country
CBS records

We Had It All: Augustus 1974
Producer: Del Newman
Country, covers
Vier songs van Billy Joe Shaver
CBS records

Climate Of Hunter: Maart 1984
Producers: Scott Walker en Peter Walsh
Een soort van comeback van Scott Walker op het toen coole Virgin label.
Met “Blanket Roll Blues” van Tennessee Williams (uit de soundtrack van de film The Fugitive Kind)
Op kant 2: cijfers in plaats van songtitels
Virgin records

Tilt: Mei 1995
Producers: Scott Walker en Peter Walsh
Songs in een donkere, begrafenisachtige sfeer
Industriële en avant-garde muziek, geluidsblokken, repetitief
Fontana, Drag City Records

The Drift: Mei 2006
Producers: Scott Walker, Peter Walsh
Industriële en avant-garde muziek, geluidsblokken, repetitief
4AD

Bish Bosch: December 2012
Producers: Scott Walker, Peter Walsh
Industriële en avant-garde muziek, geluidsblokken, repetitief
4AD

Soused (with Sunn O))) ): 2014
Producers: Scott Walker, Peter Walsh
Samenwerking van Scott Walker met de experimentele metal band Sunn O)))
Avant-garde, experimentele rock, art rock, dreunrock
4AD

Scott Walker soundtracks / dansvoorstellingen

Pola X: Mei 1999
Soundtrack van de gelijknamige film van Leos Carax
Producer: Scott Walker
Avant-garde, experimenteel, filmmuziek
Barclay

And Who Shall Go to the Ball? And What Shall Go to the Ball?: oktober 2007
Producers: Scott Walker, Peter Walsh
Muziek voor het dansgezelschap CandoCo
4AD

The Childhood of a Leader (Original Soundtrack): Augustus 2016
Soundtrack van de gelijknamige film van Brady Corbet
Producers: Scott Walker, Peter Walsh
Klassiek, avant-garde, experimenteel
4AD

Vox Lux: December 2018
Producer: Scott Walker (gedeeltelijk)
Soundtrack van de gelijknamige film van Brady Corbet
CBS records

Box set

Five Easy Pieces: 2003
CD 1: In My Room
CD 2: Where’s The Girl?
CD 3: An American In Europe
CD 4: This Is How You Disappear
CD 5: Scott On Screen
Mercury records

scott walker 21

Programma 6/4/2019

Death Rides A Horse – Ennio Morricone – Da uomo a uomo (Death Rides A Horse) – Ennio Morricone – 3:22
De dood rijdt op een paard. Dat wisten Lee Van Cleef en Ennio Morricone al lang. Dit deuntje ‘komt’uit een Italiaanse western die uitkwam in 1967.  Het beeld van de dood als een wrekende ruiter was Scott Walker net zo genegen als het hele repertoire van de Italiaanse meester. Filmmuziek was van groot belang voor Scott, al denken we bij zijn songs meestal niet aan westerns.

Saturday’s Child – The Walker Brothers – Portrait – Scott Engel – 2:08
Een toepasselijke titel voor een zaterdagavond. Muziek voor een existentialistische swinging London-party.

Genevieve – The Walker Brothers – Images – Scott Walker – 2:52
In de reeks die Scott ‘ladies, love and loss’ noemde.

I Don’t Want To Hear It Anymore – Jerry Butler – In The Naked City – Randy Newman – 3:04
De eerste versie van deze vroege Randy Newman-compositie (1964). Gecoverd door the Walker Brothers op Take It Easy.

Windmills Of Your Mind – Barbara Lewis – The Many Grooves Of Barbara Lewis – Bergman/Legrand – 3:58
Muziek van Michel Legrand. De eerste versie is van Noel Harrison en komt voor in de film The Thomas Crown Affair van Norman Jewison, met Steve McQueen en Faye Dunaway. Gecoverd door onder meer Dusty Springfield. Hoewel the Walker Brothers het nummer niet opnamen zou het zeker in hun repertoire hebben gepast. Ook gedraaid vanwege het overlijden van Michel Legrand en van Agnès Varda (Michel Legrand speelt een kleine rol in Varda’s Cléo de 5 à 7).

Young Man Cried – The Walker Brothers – Take It Easy With The Walker Brothers – John Franz/Scott Walker – 2:34
Werd gesampled door Alex Callier / Hooverphonic op Sometimes (openingsnummer van de cd Jackie Cane, 2002).

The Sun Ain’t Gonna Shine (Anymore) – The Walker Brothers – Portrait –  Bob Crewe/Bob Gaudio – 3:17 –
De eerste versie was van Frankie Valli (1965). The Walker Brothers  nemen je mee naar hoogten – en diepten – waar Frankie Valli nooit een stap zou durven te zetten. Een mijlpaal in de geschiedenis van de popmuziek.

Walking In The Rain – The Ronettes – Phil Spector – Back To Mono (1958-1969) – P. Spector-B. Mann-C. Weil – 3:16.
De muziekstijl van the Walker Brothers is duidelijk schatplichtig aan de wall of sound van Phil Spector en fantastische sessiemuzikanten van the Wrecking Crew. Een matige cover van Walking In The Rain verscheen op single in 1967.

Ebb Tide – The Righteous Brothers – Phil Spector – Back To Mono (1958-1969) – Carl Sigman/Robert Maxwell – 2:50
Een van de mooiste voorbeelden van de wall of sound. Stonden the Righteous Brothers model voor de Walkers? Deze single op Philles was een hit in 1965.

All Strung Out – Nino Tempo & April Stevens – Phil’s Spectre I: A Wall Of Soundalikes – Nino Tempo/Jerry Riopelle – 3:01
Dit nummer uit 1966 was bedoeld voor the Righteous Brothers, maar die hadden geen zin om het op te nemen, dus deden Nino Tempo en April Stevens (Nino’s zus) het maar zelf. Phil Spector was niet de producer, wel Bones Howe, die ook met the Monkees en Tom Waits samenwerkte. Het strijkersarrangement is van Nick DeCaro.

Baby Make It The Last Time – The Walker Brothers – Images – Scott Walker/Kirk A. Duncan/Michael Nicholls – 3:07
B-kant van de single Walking In The Rain, 1967. Een dansnummer.

Mrs. Murphy – The Walker Brothers – Solo Scott, Solo John EP – Scott Walker – 3:20
Uit een Philips EP uit 1966 waaruit blijkt dat het toen al niet zo boterde tussen John en Scott.

I Need You – Chuck Jackson – Honey And Wine: Another Gerry Goffin & Carole King Song Collection – Carole King/Gerry Goffin – 3:10
Op het Wand label uitgebracht in 1965 – Gecoverd door the Walker Brothers op een EP in 1966. Chuck Jackson is vooral bekend van de singles Any Day Now en I Keep Forgettin’ (gecoverd door David Bowie).

Summertime – Al Green – Green Is Blues – George Gershwin/DuBose Hewayrd – 3:02
The Walker Brothers-versie van deze classic uit Porgy and Bess is terug te vinden op de elpee Portrait. Summertime and the living is easy, fish are jumping and the cotton is high…

People Get Ready – Curtis Mayfield & The Impressions – The Anthology 1961 – 1977 – Curtis Mayfield – 2:39
De bijzonder geslaagde versie van the Walker Brothers staat op Portrait. Ik heb het nummer in die versie leren kennen en waarderen. Maar niets gaat boven het origineel.

How Can I Be Sure – Dusty Springfield – Dusty In London –  Felix Cavaliere/Eddie Brigati – 2:48
Tijdgenote, stijlgenote. Oorspronkelijke versie op Groovin’ van the Young Rascals, 1967. The Walker Brothers namen deze classic helaas niet op. Had gekund.

Orpheus – The Walker Brothers – Images – Scott Walker – 3:27
Scott klasseert dit nummer in zijn reeks ‘bedsit dramas, including the kitchen sink’.

Archangel – The Walker Brothers – Single B Side – Archangel – 3:45
Met de klank van een oud orgel opgenomen in een bioscoop op Leicester Square. Invloed van Bach.  Inspiratie voor Procol Harum?

Salad Days (Are Here Again) – Procol Harum – A Whiter Shade Of Pale – Keith Reid/Gary Brooker – 3:41
Uit de eerste elpee van Procol Harum, die aanvankelijk geen titel had. Je hoort hier wel meer invloed van Bob Dylan / Highway 61 Revisited dan van the Walker Brothers.

Never Say Never Again – Bee Gees – Odessa – Bee Gees – 3:28
Tijdgenoten en geestverwanten. Odessa was een concept-box die vijftig jaar geleden werd uitgebracht.

When Joanna Loved Me – Scott Walker – Scott – Robert Wells/Jack Segal – 3:08
1ste solo-elpee, 1967
In de reeks ‘ladies, love and loss’. Het nummer was voordien al een hit voor Tony Bennett.

Montague Terrace (In Blue) – Scott Walker – Scott – Scott Walker – 3:31
Een hoogtepunt uit de eerste solo-elpee:
The girl across the hall makes love
Her thoughts lay cold like shattered stone
Her thighs are full of tales to tell
Of all the nights she’s known
Your eyes ignite like cold blue fire
The scent of secrets everywhere
A fist filled with illusions
Clutches all our cares

Wait Until Dark – Scott Walker – Scott 2 – Henry Mancini – 3:00
Uit de tweede solo-elpee, 1968. Wait Until Dark is een film van Terence Young uit 1967. Met Audrey Hepburn als een jonge, blinde vrouw.

Black Sheep Boy – Tim Hardin – Tim Hardin 2 – Tim Hardin – 1:56
Iets helemaal anders maar wel gecoverd door Scott Walker op Scott 2.

Duchess – Neko Case & Her Boyfriends – The Virginian – Scott Engel – 2:56
Een sublieme versie van een Scott Walker-compositie (op Scott 4).

Rhymes Of Goodbye – Scott Walker – Scott 4 – S. Engel – 3:04
Scott 4 is eigenlijk de 5de solo-elpee van Scott Walker, als je Scott: Scott Walker Sings Songs from his T.V. Series meerekent. Scott 4 is Scott Walkers grandioos meesterwerk.

Two Ragged Soldiers – Scott Walker – Scott 3 – S. Engel – 3:07
“Such amazing empathy for the human soul. He saw two men sitting on a park bench and imagined an entire life for them – full of suffering, joy and bitter longing for the lives they could have lived. It’s a miraculous work of art” schrijft Jim Oliver op YouTube. Inderdaad.

La valse des lilas (Once Upon a Summertime) – Toots Thielemans with Shirley Horn – The Real… Toots Thielemans – Eddie Barclay/Michel Legrand – 4:33
Vooral voor de melancholie van Toots, minder voor de stem van Shirley Horn. Een lied voor de eeuwigheid van Michel Legrand en Eddie Barclay.

La chanson de Jacky – Jacques Brel – Ces gens-là – Jacques Brel/Gérard Jouannest – 3:26
Barclay, 1965. Scott Walker nam negen nummers van Jacques Brel op, later verzameld op Scott Walker sings Jacques Brel.

The Seventh Seal – Scott Walker – Scott 4 – S. Engel – 4:58
Scott Walker hield van zoals reeds gezegd van film en filmmuziek en zeker van de films van Ingmar Bergman.

30 Century Man – Scott Walker – Scott 3 – Scott Walker – 1:29
“If anything lyrically Walker brilliantly anticipated the dystopian/supermen visions of his most famous fan David Bowie, touching on ideas of long life through ‘freezing’ – the kicker is the bizarrely audacious claim “Shame you won’t be there to see me shaking hands with Charles de Gaulle.” Musically the gentle acoustic guitar and Walker’s slightly twangy style of singing turns into a fusion of Bob Dylan and Jacques Brel, a dipping into a folk/cabaret style that becomes Walker’s own through and through, topped off with a short fragment from a music box” schrijft Ned Raggett op Allmusic.
Een documentaire uit 2006 over Scott kreeg dezelfde titel. (Ik heb hem nog niet gezien.)

The London Boys – David Bowie – The Deram Anthology 1966 – 1968 – David Bowie – 3:22
Geestverwant, stijlverwant en bewonderaar van Scott Walker.

The Electrician – The Walker Brothers – Nite Flights – Scott Engel – 6:11
Midge Ure  stelde dat “The Electrician” hem inspireerde voor Ultravox’s “Vienna”
De terugkeer van de ware Scott Walker, zou je kunnen zeggen. Nite Flights was de zwanenzang van de broers die geen broers waren.

Tilt – Scott Walker – Tilt – Scott Walker – 5:13
Scott Walker begeeft zich op het pad van de avant-garde en de experimentele muziek. Zijn teksten, die altijd eerst komen, worden hermetische gedichten. Hij maakt gebruik van massieve blokken geluid en stilte.

The Escape – Scott Walker – The Drift – Scott Walker – 5:19
Nog verder op de weg van de avant-garde.
Tilt, The Drift en Bish Bosch (zijn eindspel) vormen een nogal macabere trilogie. Liederen over onder meer de terechtstelling van Clara, de vrouw van Benito Mussolini, de moord op Pasolini, Jesse Garon Presley, de doodgeboren tweelingbroer van Elvis, drugdealers, het proces tegen Eichmann, 9/11, Srebrenica en andere aardedonkere onderwerpen. En dit:
If shit were music
La da da, la da da
You’d be a brass band
Know what?
You should get an agent, oh yeah, yeah
Why sit in the dark handling yourself?
Uit: ‘SDSS1416+13B (Zercon, A Flagpole Sitter)’ op ‘Bish Bosch’

Om maar te zeggen: Scott Walker is niet iemand om zomaar te vergeten. Of is iemand om voor eens en altijd te ontdekken. Hij is geen wrekende ruiter maar een bezeten en vreedzame jager op uitzonderlijke woorden en beelden en op geluiden die een verschil maken. Een verschil met de shit van het dagelijks leven. Zijn composities herinneren ons aan de mogelijkheden die datzelfde dagelijks leven ons biedt.

Interessante links

https://www.theguardian.com/music/2019/mar/25/scott-walker-obituaryhttps://www.theguardian.com/music/2019/mar/25/music-stars-pay-tribute-to-scott-walker-damon-albarn-cosey-fanni-tutti-david-sylvianhttps://www.filmcomment.com/blog/scott-walker-soundtracks-childhood-of-a-leader-pola-x/
https://focus.knack.be/entertainment/muziek/in-memoriam-scott-walker-1943-2019-van-tieneridool-tot-raadselachtige-kluizenaar/article-longread-1445153.html?fbclid=IwAR3nZoOx77cxcsAAVWgXPgRMYO4t5NYZtmWuOto0qLmsK2VxmXV42HOuInQ

scott-24-gq-20mar18_shutterstock

ZERO DE CONDUITE: WHERE’S NOEL SCOTT ENGEL?

scott walker 7

Zéro de conduite is een sfeervol, (meestal) thematisch programma gewijd aan pop/cultuur op Radio Centraal in Antwerpen. Elke eerste zaterdag van de maand, van 6 tot 8 uur ’s avonds. Een muzikaal evenement van ongeëvenaarde kwaliteit! Stem af op Radio Centraal 106.7 FM: uniek in het zich steeds verder uitdijende universum.
Je kunt Zéro via streaming beluisteren. Hier vind je meer informatie over Radio Centraal en andere radiomakers.

Vanavond brengen we in Zéro de conduite een hommage aan Scott Walker (pseudoniem van Noel Scott Engel), aanvankelijk samen met de andere Walker Brothers een van mijn prille helden en in mijn later leven een voorbeeld om na te volgen als integere kunstenaar en woordjuwelier. Als musicus en componist was hij dan weer exemplarisch voor een aantal van zijn muzikanten-tijdgenoten en voor jongere songschrijvers met een open geest en een luisterend oor.
We draaien niet enkel songs uit zijn soloplaten en uit zijn werk met the Walker Brothers maar ook muziek van geestverwanten en liedjes die in het repertoire van Scott Walker een belangrijke rol speelden of door hem – soms met enige tegenzin –  gecoverd werden.

Een gedetailleerde playlist en een discografie is voor een van de volgende dagen, omdat mijn tekst helaas niet op tijd is klaar geraakt. Vaarwel Scott Walker…

(Desondanks) veel luisterplezier!

walker brothers

Death Rides A Horse – Ennio Morricone – Da uomo a uomo (Death Rides A Horse) – Ennio Morricone – 3:22

Saturday’s Child – The Walker Brothers – Portrait – Scott Engel – 2:08

Genevieve – The Walker Brothers – Images – Scott Walker – 2:52

I Don’t Want To Hear It Anymore – Jerry Butler – In The Naked City – Randy Newman – 3:04

Windmills Of Your Mind – Barbara Lewis – The Many Grooves Of – Bergman/Legrand – 3:58

Young Man Cried – The Walker Brothers – Take It Easy With The Walker Brothers – John Franz/Scott Walker – 2:34

The Sun Ain’t Gonna Shine Anymore – The Walker Brothers – Portrait –  Crewe/Gaudio – 3:17

Walking In The Rain – The Ronettes – Phil Spector – Back To Mono (1958-1969) – P. Spector-B. Mann-C. Weil – 3:16

Ebb Tide – The Righteous Brothers – Phil Spector – Back To Mono (1958-1969) – C. Sigman/R. Maxwell – 2:50

All Strung Out – Nino Tempo & April Stevens – Phil’s Spectre I: A Wall Of Soundalikes – Nino Tempo/Jerry Riopelle – 3:01

nino tempo april stevens

Baby Make It The Last Time – The Walker Brothers – Images (reissue) – Scott Walker/Kirk A. Duncan/Michael Nicholls – 3:07

Mrs. Murphy – The Walker Brothers – Solo Scott, Solo John EP – Scott Welker – 3:20

I Need You – Chuck Jackson – Honey And Wine: Another Gerry Goffin & Carole King Song Collection – Carole King/Gerry Goffin – 3:10

Summertime – Al Green – Green Is Blues – George Gershwin/DuBose Hewayrd – 3:02

People Get Ready – Curtis Mayfield & The Impressions – The Anthology 1961 – 1977 – Curtis Mayfield – 2:39

How Can I Be Sure – Dusty Springfield – Dusty In London –  Felix Cavaliere/Eddie Brigati – 2:48

Orpheus – The Walker Brothers – Images – Scott Walker – 3:27

Archangel – The Walker Brothers – Single B Side – Archangel – 3:45

Salad Days (Are Here Again) – Procol Harum – A Whiter Shade Of Pale – Keith Reid/Gary Brooker – 3:41

Never Say Never Again – Bee Gees – Odessa – Bee Gees – 3:28

When Joanna Loved Me – Scott Walker – Scott – Robert Wells/Jack Segal – 3:08

Montague Terrace (In Blue) – Scott Walker – Scott – Scott Walker – 3:31

Wait Until Dark – Scott Walker – Scott 2 – Henry Mancini – 3:00

dusty_springfield

Black Sheep Boy – Tim Hardin – Tim Hardin 2 – Tim Hardin – 1:56

Duchess – Neko Case & Her Boyfriends – The Virginian – Scott Engel – 2:56

Rhymes Of Goodbye – Scott Walker – Scott 4 – S. Engel – 3:04

Two Ragged Soldiers – Scott Walker – Scott 3 – S. Engel – 3:07

La valse des lilas (Once Upon a Summertime) – Toots Thielemans with Shirley Horn – The Real Toots Thielemans – Eddie Barclay/Michel Legrand – 4:33

La chanson de Jacky – Jacques Brel – Ces gens-là – Jacques Brel – 3:26

The Seventh Seal – Scott Walker – Scott 4 – S. Engel – 4:58

30 Century Man – Scott Walker – Scott 3 – Scott Walker – 1:29

The London Boys – David Bowie – The Deram Anthology 1966 – 1968 – David Bowie – 3:22

The Electrician – The Walker Brothers – Nite Flights – Scott Engel – 6:11

Tilt – Scott Walker – Tilt – Scott Walker – 5:13

The Escape – Scott Walker – The Drift – Scott Walker – 5:19

All Thoughts Are Prey To Some Beast – Bill Callahan – Sometimes I Wish We Were An Eagle – Bill Callahan – 5:53

‘Till I Gain Control Again – This Mortal Coil – Blood –  Rodney Crowell- 4:42

Iceblink Luck – Cocteau Twins – Heaven Or Las Vegas – Simon Raymonde – 3:18

Les Illuminations, Op. 18: 4. Royauté – Martyn Hill/City Of London Sinfonia/Richard Hickox/Frank Lloyd – Britten: Les Illuminations – Benjamin Britten- 1:35

L’Heure Bleue – Ute Lemper with Matrix Ensemble – Berlin Cabaret Songs –  Spoliansky- 3:48

The Old Man’s Back Again (Dedicated To The Neo-Stalinist Regime) – Scott 4 – S. Engel – 3:43

Black Sheep Boy – Scott Walker – Scott 2 – Tim Hardin – 2:39

scott walker 8.jpeg

(Playlist nog niet definitief.)

Research, samenstelling & presentatie: Martin Pulaski
Techniek: Sofie Sap

 

 

DE LAATSTE TANGO VAN BERNARDO BERTOLUCCI

last tango 2

Zowat iedereen in de geschreven pers die het over de dood van de geniale filmregisseur Bernardo Bertolucci heeft, heeft het over boter. Weerzinwekkend vind ik een dergelijke herleiding tot het ridicule nog altijd. Dat herleiden tot iets banaals is niets nieuws maar het wordt wel erger met de dag. Elvis was in de ogen van de media bij zijn dood al een vette sandwich maar er werd toch ook nog naar zijn songs geluisterd. Ik heb niet de indruk dat degenen die nu over Bertolucci schrijven ooit een film van hem hebben gezien.
De regisseur is uiteraard veel meer dan Last Tango In Paris, al is die film zijn meesterwerk. Hij toont ten tijde van de zogeheten seksuele revolutie een man in al zijn zwakheid, vol van twijfels maar ook van machismo en in diepe eenzaamheid ten prooi aan gevoelens van uitzichtloze wanhoop. Als er geen liefde overblijft, lijkt seksualiteit net als in de schilderijen van Francis Bacon niet veel meer dan brutaal geweld en grensoverschrijding. Dat alleen nog maar voor de inhoud. Maar Last Tango In Paris is zo veel meer dan inhoud. Alleen al het kleurenpalet, ook enigszins schatplichtig aan Bacon, is een verrukking voor het oog. De kleuren accentueren bijna op een perfecte manier de gevoelens en emoties van de tragische personages, ogenschijnlijk niet veel meer dan toevallige passanten, als in een gedicht van Charles Baudelaire. Die kleuren zijn ook een ode aan de stad Parijs. De hele film is een ode aan de lichtstad, haar cultuur, haar architectuur, haar filmgeschiedenis, haar poëzie.
Er is ook de mise-en-abyme, het thema van de film in de film. Jean-Pierre Léaud, dubbelganger van François Truffaut, in de rol van filmregisseur. Met een nogal vrolijke scène: een huwelijksverklaring bij een sluis aan Canal St.-Martin – met een allusie op weer een ander meesterwerk, L’Atalante van Jean Vigo.
Er is ook het altijd weer boeiende thema van de dubbelganger, dat Bertolucci zo nauw aan het hart lag [1]. Ik denk nu vooral aan Marcello, de minnaar van Pauls overleden vrouw. Hij is niet meer dan een imitatie van Paul, in alles hetzelfde behalve in zijn ziel, in zijn tragiek.
Boven alles is er ook de zelfmoord van Rosa (“a fake Ophelia”), de moord van Jeanne (“C’est un fou… Je ne sais pas qui c’est… Je ne connais pas son nom…”) en dood van Paul (“Our children will remember”). Het toeval van een ontmoeting is noodlot geworden.

Dat zijn slechts enkele aspecten van die ene film. Er zijn er nog zoveel meer films van Bernardo Bertolucci om te koesteren, te doorgronden, ja, om ooit samen met al het mooiste van onze beschaving mee te nemen naar een ander sterrenstelsel.

Last-Tango-in-Paris-1972-Maria-Schneider-Bernardo-Bertolucci-and-Marlon-Brando-on-set

[1] Een van Bertolucci’s eerste films, Partner (1968) was al gebaseerd op Dostojewski’s roman De dubbelganger. In La strategio del ragno (1970), naar een verhaal van Jorge Luis Borges, zijn de verrader en de held één en dezelfde persoon.
In Last Tango In Paris is de dubbelganger een metafoor voor gespletenheid, innerlijke verscheurdheid, voor identiteitsverlies. En mogelijk zelfs voor de dood: de dag dat je je dubbelganger ontmoet weet je dat je gaat sterven.

VAARWEL JOOP ROELOFS

q65 revolution 2

Nu is ook Joop Roelofs dood. Joop Roelofs was de gitarist van Q65, een geliefde Nederbeatgroep uit Den Haag. Altijd als iemand overlijdt die ik in mijn tienerjaren met volle overgave bewonderde voelt het alsof een stuk uit mijn lijf wordt weggerukt. Ook al was de gitarist een vreemde voor me, ook al heb ik hem nooit gekend en zag ik Q65 maar twee keer optreden.
Het was vooral hun langspeelplaat Revolution uit 1966 die me vele uren in de buurt van mijn kleine gele platenspeler deed doorbrengen. Er bestond voor mij geen meer opwindende muziek dan die van Q65, met uitzondering van die van the Rolling Stones, the Pretty Things en the Outsiders.
Toen ik gisteren Revolution nog een keer beluisterde werd ik meteen teruggevoerd naar dat zalige jaar 1966. Alle twaalf songs op de elpee zaten nog in mijn geheugen gegrift. Niet de teksten want die waren altijd al onverstaanbaar (“Haags Engels”, noemde iemand het taaltje van Q65), maar wel de melodieën en bovenal de sound. Om een onverklaarbare reden vind ik dat in dit geval ‘sound’ meer zegt dan ‘geluid’. Het gitaarspel van Joop Roelofs was een essentieel ingrediënt van die magische, zowel tedere als wilde sound. Vaarwel Joop.

q65 1

VAARWEL CLARA HAESAERT

clara - 1994 001 (3)

Natuurlijk zou Clara Haesaert niet eeuwig leven. Desondanks ging ik ervan uit dat er ooit een moment zou komen dat ik haar nog eens zou kunnen terugzien. Of afscheid van haar nemen. Dat moment is er niet gekomen. Clara is dood, ze is 94 geworden.
Clara was een van de weinige vrouwen aan wie ik veel te danken heb. Toen ik kennis met haar maakte voelde ik me al een oudere man, ik was tenslotte al 39. Clara zal ongeveer vijfenzestig geweest zijn. Bekeken vanuit het nu was zij nog bijna net zo jong als ik was. Relativeren wordt gaandeweg kinderspel. Waarschijnlijk is Clara altijd jong geweest.
Nu ik aan haar terugdenk komen tientallen verhalen en anekdotes weer naar boven. Teveel om op dit ogenblik aan het papier toe te vertrouwen, hoezeer ik dat ook zou willen doen. Mijn lijf is uitgeput en mijn hersenen draaien op volle toeren. De weken in Berlijn hebben een zware tol geëist. Die ik met genoegen heb betaald (en nog dagenlang zal afbetalen). Maar Clara…

Hoe is die altijd opgewekte en inspirerende muze uit mijn leven kunnen verdwijnen? De vrouw die me ertoe aangezet heeft mijn enige boek te publiceren, een vaardigheid waar ik nooit enige aanleg voor heb gehad en ook nooit zal hebben. Ik ben passief, ik kan nauwelijks vechten (al heb ik dat in mijn jeugd wel veel gedaan). Clara heeft in mijn plaats volgehouden, het boek is er gekomen. Kamertjeszonden, mogelijk mijn enige bij een ‘echte’ uitgeverij verschenen werk. Een uitgeverij die kort na die publicatie failliet is gegaan. Dat lange en bizarre verhaal moet ik zeker een keer vertellen. En net zo goed dat van ons tijdschrift Brutaal, hoewel Clara daar alleen maar in het begin bij betrokken was. Toch was zij wat literaire en kunsttijdschriften betreft een ervaringsdeskundige. Denk maar aan het baanbrekende De Meridiaan, dat zij samen met haar man Gentil Haesaert en Maurice Wyckaert in 1951 oprichtte. Dat was een jaar na mijn geboorte. Haar romantisch verhaal over de ontmoeting met die echtgenoot verdient evenzeer navertelling. Dat van haar vele opmonterende, inspirerende en soms wat flirterige bezoeken aan mijn werkplek bij de Dienst voor Openbaar Bibliotheekwerk, waar mijn leven als functionaris begonnen is (en dat van haar geëindigd). Dat van de middagen van de poëzie hier in Brussel, die zij samen met de dichter Frank De Crits organiseerde. Dat van haar souterrain in Schaarbeek, waar we soms vergaderden. Hoe ze mij bij het Arkcomité van het vrije woord heeft geïntroduceerd. Waar ik me als een hond in kegelspel voelde (maar wel een rashond, een soort van hazewind, geloof ik). Overigens is dat niets bijzonders: net als Groucho Marx voel ik mij in geen enkele club thuis en al helemaal niet in een club van cynische mannen. Was Clara Haesaert niet het enige vrouwelijke lid? Ik weet het niet meer zeker.

Mijn afscheid van datzelfde Arkcomité van het vrije woord, na de dood van Michel Oukhow, valt samen met de breuk met Clara. Al is breuk in dit geval een veel te sterk woord. We hebben nooit een conflict gehad, de scheiding is er vanzelf, bijna ongemerkt, gekomen. Ik heb altijd gedacht dat we elkaar terug zouden zien. Dat er dat moment zou komen dat ik hierboven al noemde.
Clara is nu alleen nog maar herinnering, stof voor toekomstige verhalen over het mooie en vaak opwindende verleden.

clara - levenslang 001

Afbeeldingen: Clara Haesaert bij de voorstelling van mijn dichtbundel Kamertjeszonden, oktober 1994 in Zuidpooltheater, Antwerpen; verzamelbundel Clara Haesaert, verschenen in 1993.

DE DOOD VAN VADER

vader-vriend (2)

Nog altijd in een onrustige, gespannen periode. Wie ben ik, waar kom ik vandaan? De vragen die veel mensen zich stellen. Ook uit de dagboeknotitie hieronder valt iets te leren, denk ik. En niet alleen over mezelf. Wat ik beschreef was een andere wereld en tegelijk is het nog steeds dezelfde, die waarin we vandaag leven. De wereld waarin we ons die vroegere wereld herinneren en ons afvragen waar we vandaan komen en waar we naartoe gaan.

Dit is een dagboeknotitie uit 14 mei 1993. Ik was toen tweeënveertig:

Vader zal gestorven zijn precies op het moment dat ik gezeten op bus 17 voorbij Sint-Barbara reed. Op mijn walkman ‘I’m Scared’ van John Lennon. De hele rit lang, van Genk naar Lanaken, gingen er vreemde gevoelens in mij om… Meer iets tussen gevoelens en gedachten, tussen verdriet en euforie, tussen herinnering en anticipatie.

François heeft de hele nacht tot acht uur vanmorgen bij vader gewaakt. Om elf uur leefde vader nog. Jef en Paula zijn even langs geweest. Om twaalf uur was hij al dood. Hubert is het nieuws komen brengen, heel voorzichtig.
Ik was net thuis aangekomen. Er lag een verse biefstuk op tafel, klaar om gebakken te worden. We wisten niet wat ermee aan te vangen. Een stuk vlees. De dokter, mevrouw Vaas, kwam net langs voor moeders been. Dat is ontstoken, eigenlijk mag ze niet meer lopen, zegt de dokter. Ze krijgt elke dag een injectie, antibiotica. De bloemkool was zo plat geworden dat ze niet eetbaar meer was. We hebben alleen nog wat tomatensoep met balletjes uit blik gegeten.

François is erg van streek maar wil of kan dat niet tonen. Maar verbergen kan hij het ook niet. We zijn al een heel eind voorbij Sint-Barbara gereden voor iemand van ons dat doorheeft. De reactie van François op dit symptoom van shock is: vloeken. We hebben kleren uitgekozen om onze dode vader aan te trekken. Zijn donkergrijs gestreept pak, met vest. Ik kies een gekleurde stropdas, dat zal hem beter staan: hij moet zelf niet rouwen.

In de kamer waar hij dood ligt is het verstikkend heet. De geur van zijn dood is er blijven hangen. Toch ziet hij er nu beter uit dan gisteren, toen hij nog leefde. Hij is bevrijd. Hij is ook niet langer vastgebonden. Er zit een windsel rond zijn hoofd, zodat zijn mond niet openvallen zou. Nu herken ik vader al wat meer zoals hij vroeger was, niet langer opgezwollen van de ziekte en de medicijnen.

Terwijl hij daar zo ligt moeten we de kamer leeg maken: de kasten, de tafel, de vensterbank. Ik gooi alle fruit, hoe goed en gezond het er ook uitziet, in een plastieken zak voor de vuilnis. Maar ik vind dit allemaal bijzonder ongepast. Waarom hebben ze hem niet eerst weggehaald? Ook zijn schoenen en pantoffels en een aantal doosjes geneesmiddelen stop ik in die zak. Die zal ik straks in de vuilnisemmer gooien, ook als zij dat niet willen. Zij willen alles bewaren, zelfs de pantoffels die mij zo sterk aan zijn lijden van vorige zaterdag herinneren, aan zijn witte, erg opgezwollen voeten. Zijn voorhoofd is al koud. Even lijkt het of zijn rechteroog beweegt. Zou er helemaal niets van hem overblijven?

In de cafetaria wachten we tot de verpleegsters hem zijn pak hebben aangetrokken en hem naar het mortuarium hebben gebracht. Hij ziet er goed uit, zoals het hoort. De gekleurde stropdas staat hem uitstekend.

Bij begrafenisondernemer Bertels wordt duidelijk dat ik nu over een aantal dingen moet beslissen. Hoewel ik dit nooit eerder heb gedaan gaat het haast vanzelf. Wel vind ik het vreemd dat de winkelbediende, een jonge vrouw, daar zo kan zitten glimlachen. Tussen de bloemstukken en met waarschijnlijk een aantal lijken achter haar rug.
Een begrafenis is niet goedkoop. Die van mijn vader komt zeker op 120.000 frank. We hebben nochtans niets duurs gekozen.

Ik geloof dat ik iets zal schrijven voor het doodsprentje.

Vanaf acht uur, als A. al is aangekomen uit Brussel, beginnen we de adressen op de omslagen te schrijven. Dat is niet zo eenvoudig omdat er geen adressen zijn. Hubert en Maria, die ons daarbij helpen, doen een aantal suggesties. Ma is erg in de war en begint om het minst te brullen. Dat is wel begrijpelijk – brullen is iets typisch voor schippers – maar je krijgt het er desondanks van op je heupen. Meermaals moeten we telefoonboeken raadplegen om adressen te checken. Het trouwboekje moet nog naar Bertels. Ik lees de drukproef van de doodsbrief na. We eten die biefstuk op. Samen met A. drink ik rode wijn.

Ik kan maar moeilijk naar bed. Bekijk nog foto’s van vroeger. Toen alles schijnbaar zo goed ging. We kunnen nooit meer terug naar die tijd. Nu vader dood is voel ik opeens een grote verantwoordelijkheid.

De volgend ochtend, na een korte maar vrij rustige slaap. Jef en Paula zullen nog een aantal doodsbrieven op de bus doen. Jacqueline is er om schoon te maken, maar iedereen loopt in de weg.

Foto: vader (rechts), datum onbekend maar lang geleden.

SALUT LES COPAINS

france gall 8.jpg

Zolang ik me kan herinneren heb ik van muziek gehouden. In elke straat in elke stad waar ik kwam ging ik op zoek naar melodieën. Aan de hand van mijn moeder, met vrienden, en later – liefst van al – alleen. Soms zelfs in het gezelschap van mijn vader, over een paadje wandelend door een veld ergens in Limburg. Het gekwetter van vogels, het zingen van de wind in de bladeren. Ik herinner me nog hoe de klank van dat geruis veranderde in de herfst, alsof er een akkoord bestond tussen kleuren en geluiden.

Nu zijn we in het hart van de winter en France Gall is dood. Zo herinner ik mij opeens een korte maar intense vriendschap omstreeks 1965. Florentin Vleminckx was net als ik een schipperskind en leed bovendien ook aan astma. In tegenstelling tot wat zijn naam doet vermoeden was hij Franstalig opgevoed. In die dagen voelde ik me aangetrokken tot de Franse popmuziek. Florentin was de enige jongen met wie ik over France Gall, Sylvie Vartan, Claude François en zo meer kon praten. Samen met Florentin luisterde ik naar de Franstalige programma’s op Radio Luxembourg en bladerde ik in het glossy magazine Salut les copains, met de nog altijd onovertroffen foto’s van Jean-Marie Périer. Zijn mooiste model was zonder twijfel Françoise Hardy, maar misschien bekoorde France Gall ons nog meer omdat ze er zo jong en opgewekt uitzag. Bovendien had ze met ‘Poupée de cire, poupée de son’ het Eurovisiesongfestival gewonnen! Een schitterende compositie van Serge Gainsbourg, maar wisten wij toen veel. Hij zou nog meer uitstekende liedjes voor France Gall schrijven, onder meer ‘Baby Pop’, ‘Les sucettes’ en ‘Les petits ballons’.
Mijn fascinatie voor wat yéyé wordt genoemd hield even snel op als ze begonnen was. Aan de vriendschap met Florentin kwam al gauw een einde. Bij schipperskinderen was dat niet ongewoon. Je ontmoette elkaar toevallig en even toevallig zag je elkaar nooit meer terug. Ik herinner me nu dat ik soms nog wel eens naar hem vroeg als ik met mijn moeder over die onschuldige dagen van Salut les Copains zat te keuvelen. Maar wat antwoordde ze toch ook weer? Het is meer dan een halve eeuw geleden dat ik Florentin voor het laatst zag. Nu France Gall dood is zit ik opnieuw met hem op het schip van mijn ouders naar ‘Poupée de cire, poupée de son’ op de transistorradio te luisteren. Zie je ons glimlachen?

***
In de zomer van 1980 liftten A. en ik door Frankrijk. In alle steden waar het toeval ons naartoe bracht weerklonk France Galls ‘Il jouait du piano debout’. In winkels, in bars, in restaurants. Als we een wandeling maakten over een veldweg hoorden we het in de verte door de openstaande ramen van een auto de wereld ingestuurd worden. De hemel tegemoet. Een lied voor de engelen die boven de wolken wonen. Of misschien toch niet.

 

france gall 6.jpg

*
[Il n’y a que pour la musique, qu’il était patriote
Il s’rait mort au champ d’honneur pour quelques notes
Et pour quelles raisons étranges
Les gens qui tiennent à leurs rêves, ça nous dérange

Il jouait du piano debout, Michel Berger
Het nummer is een hommage aan Jerry Lee Lewis.]