NAAR HET DONKERE LAND

1978-1980-AURORA 7 001b_edited2

Voor Neil Casal en Luc Deleu

Je had je ranke handen vol goud en de dood zat op je schouders.
Wil je voor ik ga nog iets van me kopen, vroeg je.
Je mandoline misschien, zei ik.
We keken elkaar nog even aan, je glimlach in een andere richting.
Hoe ontoereikend mijn laatste woorden, dacht ik.
Daarop keerde je me de rug toe en vertrok naar het donkere land.

Afbeelding: Luc Deleu, midden op de foto. Omstreeks 1980.

BRIAN JONES EN DE DOOD

brian jones 1

Op 3 juli 1969 stierf een van mijn grootste jeugdhelden, hoewel we in dat anti-tijdperk het woord ‘held’ niet gebruikten. Hoe noemden we iemand als Brian Jones dan wel? Hij was zeker geen idool. Aan idolatrie deden we evenmin. Voor mij was hij een verre vriend. Ondanks de afstand meende ik hem beter te kennen dan Jan, Henry of Luc. Wat een vergissing, achteraf gezien. Wist ik veel hoe erg het met Brian gesteld was. In welke mate drugs en ‘geneesmiddelen’ hem op die jonge leeftijd al hadden verwoest. Ik dacht dat hij van een astma-aanval was gestorven. In mijn donkerste ogenblikken ging ik ervan uit dat Mick Jagger en Keith Richards hem hadden vermoord of laten vermoorden. Dat was ook het uitgangspunt van een artikel dat ik een jaar of twee later voor Humo schreef. Niemand op de redactie geloofde mijn hysterische hypothese: mijn stuk werd niet gepubliceerd.
3 juli 1969 zal zeker een van die mooie zomerdagen geweest zijn waar ik me zo weinig van herinner omdat ik zo gelukkig was. Gedaan met de middelbare school, weg uit de hel van het Tongerse internaat. Eindelijk vrij, de wereld aan mijn voeten. Blankenberge, de Noordzee, aan de overkant Londen, dat nog even bleef swingen. Mijn langharige vrienden, the Scrub, the Pebbles. Take another little piece of my heart now baby, zongen ze.
Telkens als ik een sigaret opstak waarschuwde mijn Brusselse vriend Duduche me: als ik zo doorging zou ik het ook niet lang meer trekken. Zevenentwintig zou ik wel nooit worden. Tot ik dan eindelijk die leeftijd had bereikt heb ik zijn waarschuwing geloofd. Ik was immers een dubbelganger van Brian Jones… Wat hadden we dan zoal gemeen? We hadden allebei astma en we zagen graag meisjes, al dan niet blond.
In 1977, toen ik zevenentwintig was geworden, was punk onder ons. En boven ons en rondom ons. Geen tijd om aan de dood te denken, geen tijd om aan het verleden te denken – en zeker niet aan de toekomst. Forever now! En zo werd ik zesenvijftig. Tot 2 juni 2006 was ik er zeker van dat ik op die leeftijd zou sterven. Er gebeurde helemaal niets. Alleen had ik in die periode te kampen met een zware depressie.
Nu Brian vijftig jaar dood is ben ik negenenzestig, een eerder oude man. Ik ben nog steeds niet dood, al heeft het in 2011 niet veel gescheeld. Brian is al lang geen verre vriend meer (dacht ik even, wanhopig als ik soms ben). En mijn vrienden van vroeger zijn niet meer als toen, als ze nog in leven zijn, en ikzelf ben al helemaal niet meer als toen. Ik ben helaas zoals nu. Beter wordt het nooit.
Vanmorgen bij het ontbijt beluisterde ik enkele oude liedjes van the Rolling Stones. Hoe belachelijk vond ik opeens Tell Me en Heart of Stone. Infantiel, vond ik. Maar dan, toen ik op het terras de planten water stond te geven, hoorde ik Get Off My Cloud, één en al opwinding. Een nieuwe geboorte van rock & roll, een nieuw begin. Punk in 1966. Opnieuw zag ik Brian Jones, mijn verre vriend in Londen, grijnzen en nog eens aan zijn sigaret trekken en heel diep inhaleren. England’s dreaming, hoorde ik hem zuchten. Kom jongen, ik speel nog even wat slide voor je, wat denk je van Elmore James’ Make My Dreams Come True?

OP VOORSCHRIFT VAN DR. JOHN

dr john 5

De stem, de muziek, de songs en de persoonlijkheid van Malcolm John Rebennack, beter bekend als Mac en beroemd als Dr. John, bezitten voor mij en mijn vrienden en waarschijnlijk voor iedereen die van muziek houdt een magische, bijna bovennatuurlijke kracht en schoonheid. Wat ergens wel vreemd is want het ritme dat het leeuwendeel van Dr. Johns songs en van zijn beste albums zo veerkrachtig en aanstekelijk maakt is honderd procent van de aarde, van het lijf, van het kloppende hart. Maar als je daar even bij stilstaat is dat toch weer niet zo vreemd: aarde, lichaam en geest vormen een magisch geheel en muziek is transcendentie van de natuur in de mens. Een mooie vaststelling op deze dag van Pinksteren, al hoef je niet echt in de Heilige Geest te geloven, om door de grooves van Dr. John geroerd te worden (en als de sterren in de juiste constellatie staan, uit je verkrampt lichaam te treden en op te gaan in iets wat ons met elkaar en met het één-en-al – of  Ἓν καὶ Πᾶν in het Grieks – verbindt).
Overigens denk ik dat de dokter bij al deze metafysica eens flink zijn wenkbrauwen zou optrekken. Je hoeft mij ook helemaal niet te geloven. Luister gewoon naar zijn platen, in je luie zetel, in een donkere kamer, in de keuken, op een boot, in de trein, op de dansvloer, in de weide, boven op een berg of op het strand. Altijd zal geluk en betovering je deel worden. Je bent tenslotte een mens en een mens is vooral zwak. De allergrootste componisten en muzikanten kunnen je sterker en beter maken, kunnen je zelfs genezen. Malcolm Rebennack is een van die allergrootsten.  Dat schrijf ik in de tegenwoordige tijd.

dr-john-2

Got many clients come from miles around, running down my prescription. I got my medicine, to cure all your ills. I got remedies of every description. Aldus Dr. John Creaux, die mij sinds 1968 tot zijn trouwe en gehoorzame cliënten mag rekenen. Dit is een lijst van de heilzame middelen die hij me sinds mijn achttiende verjaardag voorschreef:

Gris-Gris Gumbo Ya Ya
Danse Kalinda Ba Doom
Mama Roux
I Walk on Guilded Splinters
Gris-Gris (1968) (Atco, 33-234)

Glowin’
The Lonesome Guitar Strangler
Babylon (1969) (Atco, SD 33-270)

Loop Garoo
What Goes Around Comes Around
Remedies (1970) (Atco, SD 33-316)

Black John the Conqueror
Where Ya at Mule
The Sun, Moon & Herbs (1971) (Atco, SD 33-362)

Blow Wind Blow
Junko Partner
Dr. John’s Gumbo (1972) Atco, SD 7006)

Right Place Wrong Time
I Been Hoodood
Cold Cold
In the Right Place (1973) (Atco, SD 7018)

Quitters Never Win
Mos’ Scocious
(Everybody Wanna Get Rich) Rite Away
Desitively Bonnaroo (1974) (Atco, SD 7043)

Wild Honey
City Lights (1979) (Horizon/A&M, SP-732)

Mac’s Boogie
Saints
Dr. John Plays Mac Rebennack, Vol. 1 (1981) (Clean Cuts, 705)

Marie La Veau
Your Average Kind Of Guy
The Brightest Smile In Town (1983) (Clean Cuts, 707)

Black Night
In a Sentimental Mood (1989) (Warner Bros., 25889)

Milneburg Joys
Didn’t He Ramble
I’ll Be Glad When You’re Dead , You Rascal You
Cabbage Head
Goin’ Back to New Orleans (1992) (Warner Bros., 26940)

Television
Limbo
Witchy Red
Television (1994) (GRP/MCA, 4024)

There Must Be A Better World Somewhere
I’m Confessin’ That I Love You
Afterglow (1995) (Blue Thumb/GRP/MCA, 7000)

Voices In My Head
John Gris
I Don’t Wanna Know
Anutha Zone (1998) (Point Blank/Virgin/EMI, 46218)

I’m Gonna Go Fishin’
It Don’t Mean a Thing
Satin Doll
Duke Elegant (2000) (Blue Note/Parlophone/EMI, 23220)

Holdin Pattern’
Take What I Can Get
One 2 A.M. Too Many
Creole Moon (2001) (Blue Note/Parlophone/EMI, 34591)

Marie Laveau
Dis, Dat or D’Udda
Chickee Le Pas
I Ate Up the Apple Tree
Time Marches On
N’Awlinz: Dis Dat or d’Udda (2004) (Blue Note/Parlophone/EMI, 78602)

Calm in the Storm
Sippiana Hericane (2005) (Blue Note/Parlophone/EMI, 45687)

Locked Down
Revolution
Ice Age
Locked Down (2012) (Nonesuch/WEA, 530395)

Nobody Knows the Trouble I’ve Seen
When You’re Smiling (The Whole World Smiles With You)
Ske-Dat-De-Dat: The Spirit of Satch (2014) (Concord/UMe, 35187)

Bad Neighborhood – Ronnie & the Delinquents
Morgus the Magnificent – Morgus & the Ghouls
Storm Warning – Mac Rebennack
Good Times In New Orleans – 1958-1962 (Soul Jam, 2016)

dr john 3

Andere zaligmakende middelen laat ik voorlopig buiten beschouwing. Al hebben de brouwsels van  Mac’s collega’s en assistenten mij meermaals van een gewisse (zielen)dood gered. Daarvoor dank ik onder meer John Hammond Jr., Mike Bloomfield (Triumvirate), the Band, Levon Helm, Rickie Lee Jones (Makin’ Whoopee), Doug Sahm, Bob Dylan (Wallflower), the Rolling Stones (Exile On Main Street), Van Morrison (A Period of Transition), Ringo Starr, Jimmie Vaughn, Canned Heat, Leon Redbone, B.B. King, Willie Nelson, Snooks Eaglin, the Meters, Allen Toussaint, Greg Allman en David Bromberg.

dr john 4

You gotta pull together, go hand in hand. You really got to do your best.
Wouldn’t it be a perfect sight to see: the whole world filled with happiness.
Everybody let’s sing, sing, sing? (Let freedom ring)
(Everybody let’s sing, sing, sing?)
Let’s all pitch in to do our thing, make a better world to live in.
Earl King

ROLL ON DR. JOHN

sdr

Mac Rebennack has left us
Doctor John the Night Tripper is gone to the Eternal Bayous
He was and always will be a musical hero
A subtle subversive role model
A guiding light
Very early in my life he showed me the way to New Orleans
Where some of the best music in the world was concocted
Where some of the best music in the world is still being played
Jazz blues voodoo funk soul rhythm and blues and so on
Doctor John’s spirit will keep on haunting me in a positive way
Danse Kalinda Ba Doom & Let’s Make a Better World!

IK KENDE JE NIET, LOUISE VANDER MEERSEN

Voor Louise Vander Meersen

Ik kende je niet, kende je naam niet, Louise Vander Meersen.
Een tragisch voorval voerde je mijn leven binnen.
Een doodgewone alledaagse man,
Een van de vele racers hier in onze straten,
Reed je van het zo vaak begane pad
En slingerde je tot in niemandsland.

Ik kende je niet, kende je naam niet, Louise Vander Meersen.
Dame met het hondje, eenenvijftig jaar.
Het wandelen voor goed ten einde.
Nooit zullen wij elkaar hier nog eens ontmoeten,
Naast elkaar op een bank gaan zitten
En over onze levens praten.
Er viel, er valt zoveel te zeggen.
Alle kansen die er waren zijn er nu niet langer.
Je bent weg.

Maar nu ik je naam ken, wil ik hem ook niet meer vergeten.
Wij die hier nog zijn moeten je in ons geheugen bewaren,
Louise Vander Meersen,
Doodgereden door een dronken racer,
Zo zinloos, zo overbodig.
Wij die even kwetsbaar zijn als jij
Maar geluk hebben gehad:
Wij moeten deze wereld ten goede keren.

Voorgelezen tijdens een ingetogen wake voor Louise Vander Meersen op 21 mei 2019 aan het Verdiplein in Anderlecht. Op 10 mei werd Louise daar om vier uur ’s middags op het zebrapad doodgereden door een dronken chauffeur.

Je ne te connaissais pas, je ne connaissais pas ton nom, Louise Vander Meersen.
Un incident tragique t’a fait entrer dans ma vie.
Un homme comme un autre, ordinaire,
Un des nombreux coureurs ici dans nos rues,
t’ a renversée sur le sentier si souvent emprunté
et t’a balancée au milieu de nulle part.

Je ne te connaissais pas, je ne connaissais pas ton nom, Louise Vander Meersen.
La dame avec le petit chien, 51 ans.
Marcher c’est définitivement fini.
Jamais, nous nous verrons encore ici,
Pour s’asseoir sur un banc, l’un à côté de l’autre
Et parler de nos vies.
Il y avait, il y a tant de choses à dire.
Toutes les possibilités qui existaient n’existent plus.
Tu n’es plus là.

Mais maintenant que je connais ton nom, je ne veux pas l’oublier non plus.
Nous qui sommes encore là, nous devons te garder dans notre mémoire,
Louise Vander Meersen,
Conduite à la mort par un chauffeur-coureur ivre
Si inutile, si inutile.
Nous qui sommes aussi vulnérables que toi.
Mais qui avons eu de la chance.
Nous devons changer ce monde pour le mieux.

[Franse vertaling door de moeder van Bieke Comer.]

plantsoen 1

 

VROUW DOODGEREDEN IN ANDERLECHT

DSC_0067

Vrijdagmiddag omstreeks vier uur werd hier beneden op het zebrapad aan het Verdiplein een vrouw doodgereden. Een paar uur later liep ik voorbij de plaats van het ongeval. Ik was op weg naar het vlakbij gelegen metrostation Veeweide en vandaar naar de AB voor een concert van de Amerikaanse folkzanger en -muzikant Sam Amidon. Daarover later misschien meer. De straat was afgezet, er was politie, er stonden groepjes mensen in stilte te kijken. Alleen al aan die stilte kon je horen dat er iets ergs was gebeurd. Op dat ogenblik wist ik nog niet precies wat.
Even later vernam ik dat de dader dronken aan het stuur van een witte bestelwagen had gezeten en in volle vaart tegen de vrouw was aangereden. De vrouw was enkele meters verder op de rand van het plantsoen in het midden van de rotonde terechtgekomen. Er was nog geprobeerd haar te reanimeren, maar dat had niet geholpen.
Omstreeks middernacht op weg naar huis liep ik weer voorbij de plaats van het ongeval. Op de grond geheimzinnige maar toch duidelijke tekens. Hier was de vrouw aangereden. In die richting was ze geslingerd. Daar was ze weer neergevallen, haar dood tegemoet.

Was er zaterdag al meer nieuws? En gisteren? Niet veel. Alleen dat de vrouw, die daar in de buurt woonde met haar hond was gaan wandelen. Dat de bestuurder positief had geblazen en was opgepakt. Vandaag werden wat meer details bekend gemaakt. De vrouw heette Louise Vander Meersen, ze was 51, woonde alleen, werkte in een school als oppas. De hond heeft de aanrijding overleefd en werd ondergebracht in een asiel.

Waarom maakt niemand zich druk over deze tragische gebeurtenis? Waar is de verontwaardiging nu? Wat is het verschil tussen deze vrouw en die in Koekelberg, die twee maanden geleden op een zondagochtend werd doodgereden door een dronken automobilist? Toen werd er meteen actie gevoerd door buurtbewoners en verenigingen en al een dag later nam de burgemeester daar maatregelen (absurd genoeg alleen op die ene plek waar het ongeval gebeurd was, terwijl er in Brussel alleen al tientallen dergelijke onheilsplaatsen bestaan).  Hier in Anderlecht hoor je niets.

Wie was Louise Vander Meersen? Had zij familie, vrienden, kennissen? Wie is de dader, de doodrijder? Wat gebeurt er met hem? Wat gebeurt er met de hond? Welke maatregelen om de voetgangers beter te beschermen neemt de burgemeester? Want telkens als je hier de straat oversteekt riskeer je je leven. Rodeorijders zijn hier schering en inslag. Het lijkt wel of ze denken dat onze straten gewoon maar verlengstukken zijn van de Ring, die in Anderlecht drie af- en opritten heeft. Natuurlijk zijn de straten zo aangelegd om ze dat gevoel te geven. De racers krijgen alle ruimte om ons van de weg te maaien. En iedereen blijft onderdanig zwijgen. Hoe lang nog?

MET DAVID LYNCH IN SRI LANKA (WAAROM IK STIL BLEEF NA PASEN)

large_xDavid_Lynch__Someone_is_in_My_House__2014__lithograph__courtesy_the_artist_and_Item_Editions

Pasen is voor mij en voor velen samen met mij de mooiste feestdag van het jaar. Het is het echte begin van de lente, het einde van de grauwe dagen, van de vasten: de wederopstanding uit de dood. Je weet dat ik een diepgelovige katholieke jongen was. Van mijn achtste tot mijn dertiende, toen ik mijn geloof verloor, ging ik elke dag naar de mis. Daar en op andere plaatsen waar ik rust vond bad ik in stilte tot God. Op de dag van Pasen, als de verrijzenis van Jezus wordt gevierd, voel ik ook nu nog steeds iets heiligs. Het is soms, niet altijd, meer dan een euforisch, juichend gevoel; het is een gewaarwording die al het bestaande overstijgt. Ik noemde dat gevoel, die ervaring lang geleden al anastasis en doe het nu nog.

Om acht uur vorige zondag zette ik de radio aan en hoorde het nieuws van de aanslagen in Sri Lanka. Gevoelens van verbijstering, intens verdriet, woede, verscheurdheid overmanden me. Hoe kon ik dit verwerken? Het was Pasen en er waren in meerdere kerken op Sri Lanka tientallen mensen vermoord. Ik voelde een stekende pijn in de borst, bijna alsof mijn hart werd uitgerukt. Nu kwam het erop aan mijn kalmte te herwinnen. Ik moest mijn geliefde nog gaan wekken voor het ontbijt. Maar die kalmte kwam niet, niet echt.

Een paar dagen eerder had ik in het Bonnefantenmuseum in Maastricht de tentoonstelling Someone is in my house, een overzicht van het werk van David Lynch, gezien. In dat werk toont hij de menselijke conditie zoals die zich in Amerika voordoet. Onder groene weiden, onder zacht glooiende velden en onder de fundamenten van lieflijke en veilige huisjes gaapt de afgrond. Binnenskamers maar soms ook op straat rukken mannen maar soms ook vrouwen hun maskers af en laten hun ware gelaat zien. Achter de brave schijn van truly fine citizens gaat wreedheid en agressie schuil. De steden maar ook de dorpen puilen uit van schijnheiligheid en ingehouden geweld. Soms komt het geweld tot uitbarsting. Er wordt verkracht, gefolterd, gemoord. Change the fucking channel fuckface. Velden staan in brand, huizen vatten vuur. David Lynch plaats zichzelf ook in die arena: my shadow is with me always. Waar is de liefde naartoe? [1] Hoewel de beelden van David Lynch me daar in Maastricht wisten te verleiden en te bekoren gaven ze mij toch ook een naar gevoel. Ik was een ramptoerist, een indringer. Zoals in de meeste hedendaagse kunst is ook bij hem de schoonheid ver te zoeken, hoewel ze er tegelijkertijd ís. Het universum van David Lynch is zacht, rooskleurig en verschrikkelijk. Je krijgt er ademnood en tegelijk adem je zuivere lucht in. Als de wanhoop nabij is schater je het opeens uit. Godzijdank is er humour noir!
Omdat het mysterieuze, onheilspellende universum van David Lynch een creatie is, het resultaat van verbeeldingsontginning en taalspel, kon ik de verschrikkelijk kanten ervan relativeren. Het is immers kunst, geen werkelijkheid, meende ik. Als er al iets werkelijk aan is komt dat voort uit heel persoonlijke angsten, nachtmerries, psychotische episodes. Dit is niet dé werkelijkheid, sprak ik – nogmaals – mezelf sussend toe. Wat aantoont dat ik een romantische optimist ben. Zoals de meeste mensen kan ik de gruwelijkheid van onze soortgenoten bijna meteen vergeten en doorgaan met mijn klein melodrama op mijn piepklein podium ver weg van de zorgen en beslommeringen van degenen die ik soms mijn zusters en broeders noem en die hier op aarde hun hindernissenparcours afleggen.

change the fucking channel fuckface

Over Sri Lanka moest ik er lang het zwijgen toe doen. Over die gruwelijke ochtend van 21 april, de dag van Pasen moest ik zwijgen. Ik kon niet anders. Wat wil je?
Een dag of zo later hoorde ik kardinaal Ranjith, de aartsbisschop van Colombo en metropoliet van Sri Lanka, gerechtigheid eisen: “Find out who was responsible behind this act.  And also to punish them mercilessly because only animals can behave like that,” zei hij. Elke mens zou echter moeten weten dat beesten zich nooit op die manier zouden gedragen. Alleen wij mensen zijn zo wreed. Worden wij beter is de vraag. Worden wij beter? Kijk eens naar de geschiedenis, of alleen nog maar naar de recente geschiedenis. Wij worden niet beter. Ik heb niet de indruk dat wij beter worden. Change the fucking channel!

David-Lynch-I-Write-on-Your-Skin-How-Much-I-love-You-lithography-2010-lithography-64-x-94-cm.-Curtesy-Item-Editions.-1200x831

[1] Ik zag slechts één werk waarop liefde ter sprake kwam (en er wordt nochtans veel gesproken op de kunstwerken van David Lynch), namelijk op de lithografie ‘I write on your skin how much I love you’ uit 2010

Afbeeldingen: David Lynch, Someone is in my house (2014); Change the fuckin’ channel fuckface (2008-09); I write on your skin how much I love you (2010)