ICARUS’ LAATSTE TANGO

 

Perfectie is de vijand van je leven.
Je zal door de modder kruipe, onbekende soldaat,
Ratel- en andere slangen eten.
Drinken zal je het bloed van valse honden
En pissen op de boeken van Robert Graves.
Je zal de maan aanbidden, ziekte en waanzin.

Het stof zal je longen vullen, het vuil en vuur,
En je mond zal vloeken, beledigen, verwerpen.
Je zal de schoonheid (een droom, een meisje in bloei,
Een bloesem van Monet) verwensen.
Je zal liggen kotsen in een goot van de hoofdstad
Zonder iets in een hemel dat troost biedt.
Je zal gelukkig zijn . Het woord ‘gelukkig’ in de mond nemen

Alsof het sap is van een perzik, een vulva.
Want je zal dansen op een wilde beat,
Elektrisch doodsgereutel, orgastisch gedrum.
Terwijl wat dwazen staan te schijten op een tango
Ruk jij de kleren van het lief haar lijf
En grijpt haar bij de borsten, de billen –
Want je weet niets van een vrouw, noch van een man.
Je weet niets van een kind. Alles dierlijk is je vreemd.
De planten, de planten, de planten.
Je bent een vreemde in een vreemd land,

Uit het donkerte neergestort terwijl niemand toekeek.
Plons, in een zwarte zee, midden in een soort Brabant.
Een kermis was gaande, een carnaval, het varkensvlees
Werd rondgedragen door gemaskerde slagersvrouwen
Terwijl het bier door de Hoofdstraat stroomde.
Daar viel je – nog nat – neer, de ultieme banneling.
Nooit meer de boot in, de raket, nooit meer naar huis.

Auteur: Martin Pulaski

Schrijver, blogger, DJ, moderne romanticus. Verslaafd aan muziek, film, boeken, kunst, steden. Radioprogramma ‘Zéro de conduite’ op Radio Centraal 106.7 fm in Antwerpen.

2 gedachten over “ICARUS’ LAATSTE TANGO”

  1. Herkennen wij hier niet op de achtergrond Daedalus, zijn zoon Icaros en die van ons dan weer, de oude Breugel?

    Like

  2. Ja, het is een bewustwordingsproces. Iemand wil de afschuwelijke werkelijkheid achter zich laten, het hogerop zoeken. Maar er is slechts één werkelijkheid. Icarus of Icaros moet vallen – en komt weer op de Brusselse kermis terecht. De geboorte (het verlaten van de baarmoeder) is het begin van de ballingschap.

    Breugel, maar ook James Joyce. En vooral woede, verontwaardiging.

    Dank je Marc, voor je fijne lectuur.

    Like

Reacties zijn gesloten.