HET LEVEN VAN JEZUS

Marjorie Cottreel, Kader Chaatouf

La vie de Jésus, het debuut van Bruno Dumont, is een uitstekende realistische film, met verbluffende beelden, die je onwillekeurig doen denken aan Italiaanse renaissanceschilderijen. Nochtans, vreemd genoeg, ziet het er allemaal heel gewoon uit. Het magere verhaal is gesitueerd in Bailleul, in het Noorden van Frankrijk. Het gaat over een groep jongeren die de hele dag lusteloos rondhangen. Ze zijn geen klein beetje racistisch. Het hoofdpersonage, Freddy, een jongen die aan epilepsie lijdt, heeft een vriendinnetje, Marie, waar hij heel vaak mee neukt. Heel dierlijk, erin en eruit, alsof het zo hoort en niet anders. Een Noord-Afrikaanse jongen, die met datzelfde meisje flirt, wordt door Freddy omgebracht. (Dat was een passieve zin, wat alle stijlregels tart.) Freddy’s moeder baat een café uit, waar nooit iemand schijnt te komen. Ze kijkt vooral televisie. Ook als moeder en zoon met elkaar praten is hun blik op de televisie gericht. Als het warm is neemt de moeder meermaals per dag een bad. Het is een dikke vrouw. De film is bijzonder traag. Er komt geen moraal aan te pas. Het is een heel gewone ongewone film. Ik beveel hem sterk aan, net als L’humanité, van dezelfde Bruno Dumont. Niet dat ik alles weet. Snaporaz heeft mij enkele jaren geleden al op het spoor gezet van deze unieke Franse regisseur. Waarvoor dank, beste Snaporaz.

Ik wilde nog iets over tuinen meedelen, en meer in het bijzonder over ‘onze’ tuin, maar dat zal voor morgen zijn, hoewel ik ongeduldig ben en zin heb om er nu al over te beginnen. Is een eenzame vent die niet kan zwijgen op het gepaste moment niet een beetje bespottelijk? Welnu dan.

Auteur: Martin Pulaski

Schrijver, blogger, DJ, moderne romanticus. Verslaafd aan muziek, film, boeken, kunst, steden. Radioprogramma ‘Zéro de conduite’ op Radio Centraal 106.7 fm in Antwerpen.

2 gedachten over “HET LEVEN VAN JEZUS”

  1. Vooral onder het vorig artikel, waar het wemelde van commentaar, doorspekt met Voltaire en de laatste zin van Candide. “Il faut cultiver notre jardin”. Het is een oproep om zich terug te trekken uit het leven, met al zijn gezoek en gestreef, avontuur op avontuur. Het is de terugkeer naar de hof van Eden, die niet elders ligt dan in onze eigen tuin. Tja, ik heb het boek nu eenmaal pas gelezen in het begin van dit jaar 2007, terwijl die uitdrukking me al die jaren heeft achtervolgd.

    Like

Reacties zijn gesloten.